De Hemelschijf van Nebra: Naschrift

Hemelschijf van Nebra, reconstructie van de oervorm

[Van Ab Langereis, die vorige week vier keer schreef over de Hemelschijf van Nebra (één, twee, drie, vier) is nog een naschrift gekomen.]

Omdat ik op de dagen waarop Jona mijn stukjes over de Hemelschijf van Nebra op de blog zette elders was, was ik niet in de gelegenheid commentaar te geven op de hier geplaatste opmerkingen. Jona heeft op adequate wijze geantwoord. Echter ook van mij een paar woorden als naschrift.

Eerst een correctie. In het tweede stukje stond oorspronkelijk dat de bladgouden sterren twee millimeter dik waren. De juiste dikte is 0,2  – 0,4 millimeter.

De vervaardiging

We kennen allemaal brons als een gegoten legering van koper en tin, maar gesmeed? Gegoten brons heeft een samenstelling van 8 – 15 % tin en is daarmee een keihard metaal.

Voor gesmeed brons is een veel lager tingehalte noodzakelijk. Het brons van de hemelschijf bevat 2,5% tin. Het smeden van dit brons vergt volgens de restaurateur van de schijf grote bedrevenheid en veel materiaalkennis. Bij een koud omvormingsproces wordt het metaal namelijk steeds harder en brosser en treden spanningen op. De antieke smid heeft dit opgelost door het brons regelmatig te laten gloeien en na afkoeling weer te smeden. Zo heeft hij de Hemelschijf van Nebra vorm gegeven.

Ook heeft de smid heeft op de schijf met een harde bronzen beitel ronde uitsparingen in de schijf gecreëerd. De bladgouden sterren zijn daarin gelegd en vervolgens zijn de randen zorgvuldig teruggehamerd.

De restaurateurs hebben, in samenwerking met studenten goudsmeedkunst, op de hierboven beschreven wijze ook zelf een schijf gemaakt.

De hemelschijf heeft tegenwoordig een groene kleur. Dat komt door het gecorrodeerde brons. Het voorwerp moet destijds voorzien zijn geweest van een deklaag om corrosie tegen te gaan en om een nachtelijke hemel na te bootsen waartegen de sterren zouden afsteken. De ingeschakelde archeometalurg creëerde uit in de Bronstijd bekende chemicaliën (zoals ammoniak uit urine) een middel dat het brons van de nagemaakte schijf een blauw-paarse glanzende deklaag gaf, die geen invloed had op het ingelegde bladgoud. De reconstructie van de hemelschijf (hierboven) toont het resultaat.

Landart observatorium van kunstenaar Robert Morris bij Lelystad

De observatoria

Ik vond de reconstructie van het zonneobservatorium van Goseck opmerkelijk vanwege de weergave van de nachtelijke zonnewendes. Ik kende alleen zonnewendes die het licht brengen, zoals het Landart-observatorium van Robert Morris in Lelystad, het grote Newgrange-complex in Ierland (waar de centrale kamer verlicht wordt met het opkomende winterlicht) en het natuurlijke complex van de Ballon d’Alsace in samenhang met de Petit Ballon en de Grand Ballon, dat eveneens alleen zonsopgangen markeert.

Goseck deed mij beseffen dat ik  met andere ogen moest kijken, wat achteraf gezien heel logisch is, maar onbevangen kijken is best lastig. Behalve de gebruikelijk zonnewendes geeft Goseck ook de opkomst en ondergang van de zon aan op 1 mei. Deze datum staat bekend als een Keltisch feest, maar de oorsprong ligt wellicht veel vroeger in de tijd. Goseck dateert van 7000 v.Chr. en is rond 500 jaar later te dateren dan de komst van de eerste boeren in het Nebra-gebied.

De Mitterberg – de begraafplaats van de Hemelschijf – is trouwens zelf ook een natuurlijk observatorium. Het markeert de zonnewendes bij  zonsondergang: o.a. op 1 mei op de Kyffhäuser en de zomerzonsondergang op de Brocken (de hoogste berg van de Harz).  Beide toppen zijn omgeven met tal van legenden en sagen.

Markering van de zonnewendes bij zonsondergang vanaf de Mitterberg; Arche Nebra

markering zonnewendes bij zonsondergang vanaf de Mitterberg; Arche Nebra

4 gedachtes over “De Hemelschijf van Nebra: Naschrift

  1. Dank voor je aanvullingen Ab!

    “Ik kende alleen zonnewendes die het licht brengen”. Nee, er zijn ook uitlijningen op zonnewendes die het licht wegbrengen, om het zo eens uit te drukken. In een vlak landschap ligt de midzomerzonsopkomst precies tegenover de midwinterzonsondergang. Dus als je de plaats waar je moet gaan staan en de plaats waar je heen moet kijken kunt omwisselen zijn beide zelfs mogelijk. Beroemdste voorbeeld is Stonehenge. Als je in het midden van de cirkel gaat staan en je kijkt net naast de buiten de cirkel liggende Heel Stone, dan is die op de midzomerzonsopkomst uitgelijnd. Net niet overigens, want naast de Heel Stone heeft nog een andere steen gestaan en daar tussen in kwam de zon op. Maar als je bij de Heel Stone gaat staan en naar het midden van cirkel kijkt (richting grote trilithon) dan zie je de midwinterzonsondergang ingeframed tussen de grote trilithon en twee stenen plus een latei van de grote cirkel.

    Welke van de twee bedoeld is? Genoeg theoriën hierover, maar niemand die het echt weet. Grappig genoeg vieren we midwinter nog steeds overal (onder de noemer van Kerstmis), maar ken ik alleen midzomerfeesten in Scandinavië…

    Een ander beroemd voorbeeld is de rechthoek van Crucuno in Bretagne. Die heeft uitlijningen op de vier zonnewendes (zomer/winter, opkomst/ondergang) en de equinox (oost-west). Ik heb er wel eens een stukje over ingeleverd bij Jona in coronatijd, maar dat heeft hij niet geplaatst.

  2. En ter aanvulling: een monument waar alleen de zonsondergang een rol speelt (in dit geval midwinter) is Maes Howe op de Orkney eilanden in Schotland. Hetzelfde idee als bij Newgrange alleen dus voor de zonsondergang.

Reacties zijn gesloten.