Een nieuw “eerste” alfabet?

Een van de beschreven scherven (uit dit artikel)

Een van de redenen waarom men in de achttiende en negentiende eeuw de Oudheid bestudeerde, was dat men meende dat als men iets in zijn oorspronkelijke staat kende, men ook het wezen ervan doorgrondde. Het vroegste christendom was volmaakt geweest en later was het minder geworden; ooit was er een zuiverder Grieks gesproken geweest en dat was later vervuild geraakt. Hier komt de obsessie met “eerstes” vandaan die de oudheidkunde nog steeds teistert.

Vaak is dat aandachttrekkerij, maar niet altijd. De Amerikaanse archeoloog Glenn Schwartz publiceerde een paar weken geleden een artikel over een viertal beschreven stukjes klei uit de Bronstijdnederzetting Umm el-Marra ten oosten van Aleppo, waar hij samen met de Universiteit van Amsterdam onderzoek heeft gedaan in de jaren voor de burgeroorlog. De vondst is dus alweer wat ouder en in 2010 al gepubliceerd. Nu komt Schwartz erop terug in een artikel met de bescheiden kop “Non-Cuneiform Writing at Third-Millennium Umm el-Marra, Syria” (€). Het nieuwtje zit in de ondertitel: “Evidence of an Early Alphabetic Tradition?”

Lees verder “Een nieuw “eerste” alfabet?”

Koning van de vier windstreken

Sumerisch echtpaar (Museum van Bagdad)

Ik blog de laatste tijd over het handboek waarmee ik in mijn eerste jaar aan de universiteit oude geschiedenis leerde, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek. Vandaag een aanvulling waarvan ik denk dat die belangrijk is.

Vroege Staat

Wat we in het vierde en derde millennium hebben gezien, is de groei van een stamsamenleving, waarin verwantschap de belangrijkste vorm van organisatie was, naar een maatschappij die we, met een woord van Henri Claessen, zouden kunnen typeren als “vroege staat”. Het tweede woord is hierbij eigenlijk wat misleidend, want in het bedoelde samenlevingstype vallen staat, koninklijke familie en hofhouding samen. Zoals ik al eens aangaf (maar ik weet niet meer waar), hebben we in het oude Egypte te maken met een één hof, dat zijn middelen van overal betrekt en zo een groot gebied beheerst, en is het verkeerd dit als een koninkrijk te zien. Dat is negentiende-eeuws. Voor Mesopotamië en Perzië geldt hetzelfde.

Lees verder “Koning van de vier windstreken”

Missing link?! Verrek, het klopt

Vroeg-alfabetische inscriptie op een scherf uit Tel Lachis (© J. Dye, Österreichische Akademie der Wissenschaften)

Ho, stop, wacht. Dit was even niet de planning! Eigenlijk had ik vandaag een stukje willen schrijven over het handboek dat ik momenteel herlees, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, maar nu is er ineens nieuws. En niet zomaar nieuws, nee, het is nieuws uit Israël, het land waar de laatste jaren eigenlikk nooit iets zinvols over te schrijven viel. Het was óf bluf óf hype óf bluf én hype. U weet wel, in het voorjaar is er een paashoax, elke zomer graven ze weer een paleis op van koning David, rond Tisha B’Av is er iets over de oorlog tegen de Romeinen en in december is Chanoeka incompleet zonder Hasmoneeën-muntschat. Maar nu ineens zetten archeologen de Week van de Klassieken luister bij met een serieuze en vrije belangrijke vondst over het ontstaan van het alfabet.

Oude alfabetten

Kijk, het zit zo. Wij hebben ons alfabet van de Romeinen, die weer een Italisch alfabet hebben aangepast, dat die Italische volken op hun beurt hadden van de Grieken, die het op een zeker moment hebben overgenomen van de Feniciërs. Anders dan men wel beweert, hebben die het alfabet niet uitgevonden. Het was al ouder. Het museum in Damascus toont bijvoorbeeld een mooi kleitabletje uit Ugarit met daarop de tekens van een dertigletterige abjad, geschreven in de Late Bronstijd. Dat is een spijkerschriftalfabet. (Ik heb er geen foto van want ik had op de dag dat ik het museum bezocht nog niet door hoe je een suppoost zijn baksjisj betaalt.)

Lees verder “Missing link?! Verrek, het klopt”

Klimaatcrisis, 2200 v.Chr.

Stofstorm in het noorden van Mesopotamië

In een eerder stukje in mijn reeks over het handboek oude geschiedenis dat ik, in een recente herdruk, aan het lezen ben, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, wees ik erop dat als het boek nu zou zijn opgezet, er geen gescheiden behandeling zou zijn geweest van Egypte in het derde millennium en Mesopotamië in het derde millennium. De Vroege Bronstijd, zoals we deze periode ook wel noemen, veronderstelde handel in tin en netwerken die zich uitstrekten over duizenden kilometers. Hoewel in de twee genoemde regio’s voor ons leesbare schriftsystemen zijn ontstaan die voor ons begrijpelijke talen documenteren, was het Nabije Oosten onderdeel van één groot, vroeg wereldsysteem.

Hypercoherentie

Een systeem dat hypercoherent was geworden. U herinnert zich die term uit de complexiteitstheorie nog van de kredietcrisis van 2008 of kunt haar kennen uit het fijne boek van Eric Cline over het einde van de Late Bronstijd, 1177 BC. Het komt erop neer dat als alles met elkaar vervlochten is, een ramp in één onderdeel onvermijdelijk gevolgen heeft voor de andere delen. Je zou willen dat een van de onderdelen ongeschonden overeind bleef, als een anker voor de andere, maar in een hypercoherent systeem ontbreekt dat. Dat was niet alleen de situatie aan het einde van de Late Bronstijd, maar ook in de tweeëntwintigste eeuw v.Chr.

Lees verder “Klimaatcrisis, 2200 v.Chr.”

Mesopotamië in het derde millennium

Koning Maništušu van Akkad; kopie van een in de Ištartempelk in Nineveh gevonden portret. Het origineel is in Bagdad; deze kopie komt uit het British Museum in Londen.

In mijn reeks naar aanleiding van het handboek waarmee ik ooit oude geschiedenis leerde, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, vandaag een stukje over het derde millennium in het Nabije Oosten. De verdeling die de auteurs aanbrengen in paragrafen over enerzijds Egypte en anderzijds de Sumeriërs en Akkadiërs – dat is een erfenis uit de tijd dat oudheidkundigen alleen deze twee culturen kenden en dan vooral uit teksten.

Het plaatje is nu helemaal anders. De archeologie documenteert de Vroege Bronstijd in een veel grotere regio. De handel in tin zorgde voor contacten en ideeënuitwisseling, waardoor netwerken ontstonden van Oezbekistan tot Mesopotamië en van de Atlantische kusten tot Egypte. Jiroft is een belangrijke nederzetting in Iran en het BMAC is een van de fascinerendste beschavingen die is herkend sinds De Blois en Van der Spek de eerste versie van hun handboek naar de drukker brachten. De nadruk die zij leggen op de twee traditionele “oerculturen” is niet verkeerd – die twee culturen schreven tenminste – maar ik vermoed dat als ze hun boek nu zouden opzetten, ze één hoofdstuk zouden maken waarin het geheel van culturen zou worden behandeld.

Lees verder “Mesopotamië in het derde millennium”

Glimmende schatten uit de Bronstijd

Hé, dat is leuk. We hebben weer een Jaap ter Haar en ze heet Linda Dielemans. Ik maak die vergelijking niet alleen bij wijze van compliment, maar ook omdat Dielemans dezelfde aanpak heeft als de auteur van de Geschiedenis van de Lage Landen. In haar boek Brons. Over glimmende schatten in mistige moerassen wisselt ze beschrijvende informatie over het verleden af met verhalen, en er zijn goede illustraties die het betoog ook werkelijk ondersteunen (van Zilveren-Penseel-winnares Sanne te Loo). Nog een overeenkomst: beide auteurs doen niet kinderachtig maar nemen kinderen serieus. Er zijn meer goede boeken voor kinderen, maar Dielemans springt er echt uit.

Brons, handel en verhalen

Brons gaat over – u vermoedde het al – brons, over de Bronstijd en over deposities. Die woorden behoren niet tot het basisvocabulaire van een tienjarige, maar Dielemans gaat ze niet uit de weg. Kinderen leren de hele dag door, dus deze ongebruikelijke woorden kunnen er ook wel bij. En zo neemt Dielemans haar lezers mee door de Steentijd, naar de ontdekking van het koper en het gerichte experimenteren van de eerste smeden. Die combineerden het koper eerst met arseen (giftig) en ontdekten later de alliage van koper en tin: brons!

Lees verder “Glimmende schatten uit de Bronstijd”

Cypriotisch opium

Cypriotisch flesje uit Qau al-Kebir (Allard Pierson, Amsterdam)

De Bronstijd is zo interessant omdat in die periode de grote antieke culturen in elkaar begonnen te grijpen. Door de handel in tin waren grote netwerken ontstaan, die zich vanuit het oostelijke bekken van de Middellandse Zee uitstrekten naar de Atlantische Oceaan en naar het huidige Oezbekistan. Daar kwam het metaal namelijk vandaan. Door het te combineren met koper, dat is te vinden op Cyprus en op het Sinaï-schiereiland, is brons te vervaardigen.

Zeg “brons” en je zegt “interregionale handel” en dus culturen die steeds dieper bij elkaar betrokken raken. En uiteraard bleef de handel niet tot metaal beperkt, zoals het kruikje hierboven illustreert. Het is afkomstig uit Qau el-Kebir in Midden-Egypte en dateert uit de vijftiende eeuw v.Chr. Het is afkomstig uit Cyprus.

Lees verder “Cypriotisch opium”

Het Spainkbos in Apeldoorn

De grote grafheuvel in het Spainkbos in Apeldoorn

Het Spainkbos in Apeldoorn is een piepklein parkje in de richting van de Loolaan, een van de mooie boulevards van de Veluwestad. Tot nog niet zo heel lang geleden was dit parkje het paradijs voor mountainbikers. Ze konden er lekker crossen over het licht geaccidenteerde terrein. Daaraan kwam in 2006 echter een einde toen archeologen vaststelden dat de hellinkjes in feite vier oeroude graven waren.

Zoals u op de bovenstaande foto ziet, zijn er sindsdien lage houten hekjes omheen gezet. Nodig was het eigenlijk niet. Toen de fietsers hoorden op welke grond ze reden, waren ze zelf al op zoek gegaan naar een andere plek. De jeugd van tegenwoordig heeft gewoon verantwoordelijkheidsgevoel.

Lees verder “Het Spainkbos in Apeldoorn”

Jiroft en het ontstaan van de eerste steden

    Gewicht uit Jiroft (Museum van Azerbaijan, Tabriz)

Ooit was het simpel: de beschaving – te definiëren als de stedelijke levenswijze, met koningen en gebouwen en schrift en dit alles archeologisch te vinden – was ontstaan in de dalen van de Nijl, de Eufraat en de Tigris, de Indus en de Ganges. (Ik laat de Huanghe en de Jangtsekiang even buiten beschouwing.) Voor de relatie tussen waterbeheer, koningschap, steden en administratie waren ook verklaringen, waarmee ik u vandaag niet zal lastig vallen.

Synchronisatie

Ergens rond 3000 v.Chr. synchroniseerden Egypte, Mesopotamië en India. Daarmee is bedoeld dat culturele ontwikkelingen steeds meer tegelijkertijd plaatsvonden. Egypte was bijvoorbeeld een buitenbeentje geweest met een late introductie van de landbouw, nog wel zonder sedentaire boeren. Eind vierde millennium gingen de culturen echter in de pas lopen. De verklaring is vrijwel zeker dat de handel in tin, een zeldzaam metaal, interregionale handelsnetwerken had geschapen. Het tin uit Centraal-Azië belandde in zowel India als Mesopotamië en mensen konden via de handelsroutes elkaars ideeën vernemen. Kort nadat het spijkerschrift was ontstaan, begonnen de Egyptenaren aan het hiërogliefenschrift. Vermoedelijk ontstond toen ook het Indusschrift (dat we niet kunnen lezen).

Lees verder “Jiroft en het ontstaan van de eerste steden”

Het Uluburunwrak

Het Uluburunwrak (Museum voor onderwaterarcheologie, Bodrum)

Je hebt oudheidkundige ontdekkingen en oudheidkundige ontdekkingen. Hoewel archeologen hun vondsten altijd hypen, groeit hun kennis meestal niet door deze of gene opgraving, maar door de geleidelijke toename van het totale aantal vondsten. We weten nu meer over onderwerp X omdat het databestand nu N keer groter is dan vroeger. Of, deftig gezegd: kwantitatieve groei leidt tot kwalitatieve verbetering.

Het gebeurt dus maar zelden dat een enkele ontdekking leidt tot een totaal nieuwe visie, maar het Uluburunwrak, in 1982 aangetroffen voor de Zuidwest-Turkse kust, behoort in die categorie. Makkelijk was het onderzoek niet. Het wrak lag namelijk op bijna dertig meter diepte en in totaal maakten de kikvorsmannen niet minder dan 22.000 duiken. De lading van het vijftien meter lage schip lag bovendien verspreid over een vrij groot gebied. In de loop van enkele jaren haalden de duikers al met al 15.000 voorwerpen en voorwerpjes naar boven. Het resultaat: voor het eerst kregen oudheidkundigen een beeld van de wijze waarop kooplieden in de Late Bronstijd rondtrokken.

Lees verder “Het Uluburunwrak”