
Iets wat me altijd heeft verbaasd, is dat in de Late Oudheid de persoonsnamen Barbarus en Barbara populair worden. Meneer Wildeman en mevrouw Woesteling. Een snelle zoektocht naar antieke Barbara’s levert me tientallen voorbeelden op uit Tunesië, Dalmatië, Italië, Raetia, Andalusië, Catalonië en de Gallische provincies. De Latijnse inscripties uit de stad Rome documenteren al bijna twee dozijn Barbara’s
De verklaring voor de populariteit van deze op zich toch negatieve naam is natuurlijk dat de Romeinen van binnen het Romeinse Rijk al sinds jaar en dag vertrouwd waren met de mensen van buiten het Romeinse Rijk. Ze waren aanwezig als koopleden en deden dienst in de legers. Sterker nog, in een tijd waarin het civiele bestuur en het militaire apparaat uit elkaar groeiden, presenteerden soldaten zich graag een tikje “barbaars”, want dat illustreerde hun positie. De gevoelswaarde was niet meer negatief. Het woord was iets gaan betekenen als “stoer” of “nobele wilde”.
Barbara van Baalbek
Wat me brengt bij het sneue verhaal van de heilige Barbara van Baalbek. Volgens een betrekkelijk late christelijke legende was ze de dochter van een plaatselijke hoogwaardigheidsbekleder, Dioskouros, die nog de oude goden aanbad. Toen hij hoorde dat zijn dochter zich wilde laten dopen, sloot hij haar op in een toren – zie hierboven voor het attribuut van de heilige. In het geheim wist ze echter toch het sacrament te krijgen, waarop Dioskouros haar doodde. Hij had het bloed nog aan zijn handen toen de bliksem hem trof.
Het interessante aspect is hier dat de cultus in Baalbek een Romeinse voortzetting was van een oeroude cultus voor een bliksemgod, Hadad, die later werd gelijkgesteld aan Zeus, eveneens een bliksemslingeraar. In Baalbek diende de oude tempel van Afrodite als kerkje voor Sint-Barbara; inmiddels kerken de Grieks-orthodoxe gelovigen in de overwegend sji’itische stad even verderop, in een recenter godshuis.
Andere Barbara’s
Aangezien er zoveel Barbara’s zijn geweest, komt het niet als verrassing dat er nog meer heilige Barbara’s zijn uit de Late Oudheid. Die leefden in Nikomedeia en Alexandrië. De verhalen zijn al lang onlosmakelijk verbonden en de historiciteit is gering. Vandaar dat de verering op 4 december niet verplicht is, maar evengoed mag u haar aanroepen bij donder bliksem en bij ongelukken die te maken hebben met buskruit.
Zelfde tijdvak
V Macedonica in Daciëapril 3, 2026
X Fretensis, het varkenslegioenoktober 11, 2023
Eutropius (3): Geen krijgsgeschiedenisseptember 23, 2019

De verering mag dan al niet verplicht zijn, de heilige Barbara zorgt er zelf wel voor dat er volk op afkomt en dat het niet onopgemerkt voorbij gaat.
In het Belgisch-Limburgse Eisden-Tuinwijk hebben ze een Sint-Barbarakerk. Daar was vandaag een mis gepland voor de naamheilige. Deze wordt traditioneel bijgewoond door de brandweer, van wie zij ook de patroonheilige is.
Maar vanochtend kwam er zwarte rook uit de toren. De brandweer moest met toeters en bellen uitrukken voor een defect aan de verwarmingsketel in de kerk. Ze zijn dan maar meteen in vol ornaat gebleven voor de viering van hun beschermheilige.
De Heilige Barbara is eigenlijk ook voor alle beroepen die te maken hebben met bouwen etc. Mijn vader was ingenieur, en het jaarlijkse galabal (toen dat nog bestond) of feest war op 4 december, ter ere van de H.Barbara. (ik denk dat dit door die toren komt). Sint-Barbara was altijd toch een ietwat andere heilige als hij die ergens zag of (heel vaak in de kunst afgebeeld).
Ook de mijnwerkers hebben als patroonheilige Barbara dacht ik.
Juist door die toren associeer ikzelf de H.Barbara met Rapunzel (maar dit is wellicht een moderne gedachtencontaminatie )
Ik associeer vuur eerder met Sint-Elooi (Eligius), patroon van de smeden.