De Cyrenaica (2)

Apollonia (Cyrenaica)

[Dit is het tweede en laatste blogje over de Cyrenaica.]

Een tijd zonder geschiedenis

De Perzen veroverden Egypte in 525 v.Chr. en lijken daarna de Cyrenaica te hebben onderworpen. Uit de Historiën van Herodotos van Halikarnassos zouden we afleiden dat het gebeurde rond 513, maar zoals zo veel dateringen is ook dit jaartal niet zo zeker als het lijkt. Het is onduidelijk of de Achaimeniden daadwerkelijk de regio hebben beheerst: ze lag immers ver weg. Het is in elk geval waarschijnlijk dat de Cyrenaica haar zelfstandigheid herwon toen koning Xerxes de perifere rijksdelen opgaf. In elk geval moeten de steden van de Cyrenaica na de onafhankelijkheid van Egypte in 404 autonoom zijn geweest.

De namen van atletiekwinnaars in het gymnasium van Taucheira

U leest tussen de regels door dat we onvoldoende weten over de periode tussen 513 en 404. We kunnen tempels dateren en er zijn inscripties over het bestuur van de steden, maar een echt geschiedverhaal is niet te vertellen. Wel moet een los samenwerkingsverband zijn ontstaan van Kyrene, Barka, Apollonia, Taucheira en Benghazi: de Pentapolis, het “vijfstedengebied”. (Ptolemais en Tobruk zijn later gesticht.)

Hellenisme

In 331 gaven deze steden zich over aan Alexander de Grote, en na diens dood werd de Pentapolis onderdeel van het gebied waarover Ptolemaios I Soter regeerde. Waar Alexander, voor zover bekend, nooit een Macedonisch garnizoen naar de Cyrenaica stuurde, zond Ptolemaios wel troepen. Generaal Ofellas vormde in 322 de Pentapolis om tot een echte provincie van wat later het Ptolemaïsche Rijk zou heten. Omdat het gebied echter door de Libische Woestijn was gescheiden van de Nijlvallei, hadden de bestuurders in de hellenistische tijd aanzienlijke vrijheid, en zo nu en dan was de Pentapolis de facto onafhankelijk.

Ptolemaïsch graf te Ptolemais

Een zo’n periode begon in 163, toen Fyskon (“dikbuik”), een zoon van koning Ptolemaios V Epifanes, aankwam als bestuurder. Hij stuitte op veel tegenstand, die hij wist te overwinnen met steun van Rome. Op deze manier werd de Cyrenaica een Romeins protectoraat, en inderdaad liet Fyskon het gebied in zijn testament aan Rome na. Hoewel hij om verschillende redenen toch werd opgevolgd door zijn zoon Ptolemaios Apion, aanvaardden de Romeinen uiteindelijk de Pentapolis – die inmiddels met Ptolemais was uitgebreid tot  een zesstedenbond – als erfenis. In 74 vormden ze het om tot een echte provincie, samen met het dichtbij gelegen Kreta.

De Romeinse tijd

Zoals zoveel regio’s genoot de Cyrenaica van een langdurige vrede. Keizer Augustus schonk de voornaamste stad, Kyrene, een nieuwe tempel voor de god Zeus (met daarin een replica van het beroemde standbeeld van Zeus uit Olympia). De stad bouwde in dankbaarheid een heiligdom voor de keizerlijke familie. Het is allemaal nogal een standaardverhaal. Ook de andere steden profiteerden in de komende decennia van het keizerlijke mecenaat. Interessant is vooral de tempel van Asklepios te Balagrai.

De grote cisterne van Ptolemais

De rust werd, voor zover bekend, alleen kortstondig verstoord in 115 na Chr., toen een Joodse leider genaamd Lukuas beweerde de messias te zijn en een opstand ontketende. Er vond grootschalige vernieling plaats, maar uiteindelijk heroverden de Romeinen hun provincie. Keizer Hadrianus liet de Joden de kosten voor de wederopbouw te betalen.

Late Oudheid

In de vroege vijfde eeuw was het gedaan met de welvaart in deze Romeinse provincie. Zoals zo vaak focussen de auteurs van onze bronnen op invallen van “barbaren”, waarmee dit keer de Laguatan-nomaden zijn bedoeld. Met name het oeuvre van Synesios van Kyrene, geschreven tussen 400 en 414, bevat allerlei trieste verhalen. In 410 viel Kyrene; Synesios, die daar woonde, eindigde zijn leven in Ptolemais.

Ananeosis (Museum Qasr Libya)

De Romeinen heroverden de regio later weer en er werden zelfs nieuwe steden en forten gesticht. Deze tijd staat bekend als de Ananeosis en tot de nieuwe steden behoren bijvoorbeeld Theodorias (Qasr Libya; met mooie mozaïeken) en de versterkte havens van Boreion en Naustathmos. Pas halverwege de zevende eeuw ging de Cyrenaica verloren aan het Byzantijnse Rijk: in 642 gaf Barka zich over aan de Arabische generaal Amr ibn al-As; maar zelfs daarna bleef Taucheira Byzantijns. Niettemin: de arabisering had begonnen.

Ik kan niet nalaten te eindigen met de totaal niet ter zake doende opmerking over Awjila, de eerste oase aan de route van de Cyrenaica door de Sahara naar het diepe zuiden. Hier ligt een van de Arabische veroveraard begraven: Abdallah ibn Saʿd. Hij commandeerde in 654/655 de eerste Arabische vloot tijdens de Slag van de Masten. Het trof me als bizar dat je, 250 kilometer van de zee, staat bij het graf van een admiraal.

Deel dit:
Reageren is alleen mogelijk voor site‑leden.
Log in met je uitgenodigde account of vraag lidmaatschap aan bij de redactie.