
[Laatste van de vier blogjes die Tim Frangias wijdde aan Belgrado. Het eerste was hier.]
De naam “Belgrado” zal wel voor altijd verbonden zijn met die van bekende personen, waarvan sommige voorbijgangers waren, zoals de Argonauten, terwijl anderen er hun levensdagen sleten en monumenten hebben gekregen die de stad nog altijd sieren.
Neem Vuk Karadžić (1787-1864): hij beschreef de Servische taal en hervormde het alfabet, wat leidde tot een eigen Servisch-Cyrillisch schrift. Met het fonetische uitgangspunt “wat je hoort spel je”, was dit alfabet een emancipatie ten opzichte van het Russisch of Bulgaars Cyrillisch schrift. Het monument hierboven afgebeelde monument Vukov Spomenik gedenkt deze taalkundige.
Rigas Feraios
Belgrado is, zoals ik al eerder opmerkte, met Griekenland verbonden. Een voorbeeld daarvan is de Griekse auteur en politicus Rigas Feraios (Servisch: Riga od Fere). Hij is in 1757 als Antonios Kyriazis geboren te Veléstino, het antieke Ferai (vandaar zijn andere naam), dat destijds behoorde tot het Ottomaanse Rijk.
In Boekarest studeerde hij vreemde talen en deed hij patriottische denkbeelden op, die zich vertaalden als liefde voor zijn moedertaal. Als secretaris van verschillende voorname families maakte hij bovendien kennis met de politieke opvattingen van de Verlichting. Daarmee bewapend wilde hij de Grieken hun vrijheid brengen. Toen Russische steun uitbleef, richtte hij zijn hoop op het revolutionaire Frankrijk. Inderdaad overwoog Napoleon Bonaparte aanvallen op het Ottomaanse Rijk, en Rigas was de medewerker.
Die koesterde al langere tijd plannen voor een Nieuwgriekse Bond, die alle Balkanvolkeren tussen de Donau en Klein-Azië zou verenigen. In Wenen publiceerde hij een Krijgszang, een landkaart en een constitutie, en uiteraard was alles gesteld in het Grieks, dat volgens hem de verbindende taal was van alle volken. Zijn Franse sympathie kostte hem echter het leven toen de Oostenrijkers zich aansloten bij de Tweede Coalitie tegen Napoleon; de Oostenrijkers leverden hem uit aan de Ottomanen, die hem martelden in de hoop dat hij zou vertellen wie zijn medewerkers waren. Na zijn antwoord “de gehele natie!” werd hij geëxecuteerd in het Kalemegdan-fort te Belgrado. In die stad heeft Rigas Feraios behalve een standbeeld ook een straat naar zich vernoemd gekregen, zoals de Servische leider Karadjordje die heeft in Athene.

En Tolkien
Grote namen, grootse luchten, prachtige plaatjes in alle seizoenen, vele herinneringen aan een roerige geschiedenis met triomf en verdriet, vriendelijke inwoners en heerlijk eten zijn in Belgrado allemaal te vinden. Met steeds eenzelfde ferme opstandigheid tegen het kwaad, tegen onderdrukking en tegen de verwoesting die deze stad wel eeuwig lijken te blijven opzoeken. Dat brengt mij bij een heldendicht dat het epos van de Argonauten verbindt met onze eigen tijd. Wellicht heeft J.R.R. Tolkien (die de wereld heel goed kende) zijn Minas Tirith, de “White City of Gondor” wel gebaseerd op Belgrado. Gondor en Belgrado vertonen topografisch veel overeenkomsten, gelet op de beschrijvingen die Tolkien geeft in The Silmarillion en in The Lord of the Rings. Wellicht later daarover meer. Graag sluit ik deze bijdrage in elk geval af met een citaat over Gondor uit The Silmarillion, natuurlijk in de prachtige, epische taal van Tolkien zelf, waarin we Belgrado gelijk Gondor als dappere bres tegen het kwaad zouden kunnen zien…

But Minas Anor endured, and it was named anew Minas Tirith, the Tower of Guard; for there the kings caused to be built in the citadel a white tower, very tall and fair, and its eye was upon many lands. Proud still and strong was that city, and in it the White Tree still flowered for a while before the house of the Kings; and there the remnant of the Númenóreans still defended the passage of the River against the terrors of Minas Morgul and against all the enemies of the West, Orcs and monsters and evil Men; and thus the lands behind them, west of Anduin, were protected from war and destruction.
[Dit was een gastbijdrage van Tim Frangias. Dank je wil Tim!]

Bedankt voor deze reeks, een welkome correctie voor een stad die niet te vaak (positief) in het nieuws komt.
Belgrado wellicht de inspiratie voor Minas Tirith? Ik kijk uit naar argumenten, want hierbij frons ik de wenkbrauwen. In de twee werken die ik even ter hand nam, is daar alvast geen sprake van: John Garths “The Worlds of J.R.R. Tolkien” en Christopher Snyders “The Making of Middle-Earth”.
Tolkien, hoewel vaak geassocieerd met Germaanse taal en mythologie, was zijn academische carrière begonnen als student klassieke studies. Hij stapte, aangemoedigd door de docenten, over naar Engels “after receiving only second class honours on his examinations”. Tolkien grijpt regelmatig terug naar de klassieken: Gondolin roept Troje op, vooral door de ontsnapping van Tuor en enkele getrouwen, die aan de oorsprong liggen van de latere grotere koninkrijken. Wanneer Minas Tirith bedreigd wordt, komen leenmannen te hulp. Tolkien zelf noemde deze passage een “Homeric catalogue”, niet verwonderlijk omdat hij elders zegt zijn eerste literaire plezier in Homeros te hebben gevonden. De ruiters van Rohan werden in eerdere versies “Hippanaletians” en “Anaxippians” genoemd.
Christopher Snyder merkt op “…the citadel of Minas Tirith bears no obvious resemblance to one historical structure, but rather has elements of many.” We kunnen in Minas Tirith echo’s herkennen van de concentrische wallen van Maiden Castle en de Mont Saint-Michel. Zelf omschreef Tolkien Gondor als “decayed Middle Age, a kind of proud, venerable, but increasingly impotent Byzantium.” Het noorderlijke koninkrijk Arnor zou dan het lot van Rome hebben gedeeld, terwijl Minas Tirith verwant is aan Constantinopel: een bolwerk op de grens met een oosterse vijand.
Garth ziet In Minas Tirith sporen van Rome met zijn grootse architectuur (al kunnen de muren zeker ook Constantinopel oproepen), maar ook van verzonnen steden als Civitas Solis, de stad uit het utopische werk uit 1602 van de Italiaan Tommaso Campanella. Er is de naamsovereenkomst (Minas Tirith heette eerst Minas Anor – Toren van de Zon) en gelijkenis in bouw: beide op een heuvel, omringd door zeven muren. Ook in Dantes Limbo duikt een kasteel op met zeven muren en zeven poorten: daar verblijven de deugdzame heidenen, zoals Ovidius en Homeros, Caesar en Aeneas, Socrates, Plato en Aristoteles.
Uiteindelijk is elk argument in de zoektocht naar Tolkiens inspiratie slechts sterk als er concrete aanwijzingen zijn: kende de schrijver bepaalde verhaalstof? Is er een aanwijzing dat Tolkien een plek bezocht of op een andere manier kende?
Volgens mij is men in Antwerpen best tevreden met de Kamper uit Emmen. Of heb ik het mis?
Op dit eigenste moment (0-1 voor op Anderlecht tijdens de rust in de halve finale voor de Beker van België)…zeer tevreden.