De hoofddoek (4) de interpretatierichting

Kroonloos Arabisch vrouwenportret uit Tamna (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Ik rondde mijn vorige blogje af met de constatering dat uit de Koran niet zonder meer valt af te leiden dat een moslima een hoofddoek behoort te dragen. Het kan bedoeld zijn geweest, het kan niet bedoeld zijn geweest. We hebben in de voorafgaande blogjes gekeken naar oud-oosterse en Mediterrane teksten en afbeeldingen. De eigenlijke vraag is volgens mij waarom latere islamitische geleerden hebben geconcludeerd dat een moslima een hoofddoek moest dragen.

Hadith

Eén ding staat vast: de eerste gelovigen hadden uiteenlopende meningen. Vroege anekdotes (hadith) vormen daarvoor het bewijs, want ook als die niet authentiek zijn, bieden ze een beeld van de toenmalige samenleving. Eén zo’n anekdote behandelt de vraag of een vrouw met een hoofddoek die het gehele gezicht bedekte, wel in de rechtbank mocht getuigen. Dat duidt op zeer kuise lichaamsbedekking. Een andere anekdote verhaalt dat kalief Omar (r.634-644) een slavin verbood een hoofddoek te dragen omdat dit het voorrecht zou zijn van een getrouwde vrouw. Hij deelde dus de aloude oosterse opvatting. Een afbeelding in Qusair ‘Amra (rond 690 aangelegd door de latere kalief Walid I) toont daarentegen een voorname vrouw zonder hoofddoek, zoals in het Romeinse Rijk voorkwam. In het Kalifaat waren dus diverse meningen.

Hooffdoekloze vrouw op een wandschildering uit Qusair ‘Amra,

Dit zal mede zijn ingegeven doordat de Arabieren in korte tijd de halve wereld onder de voet hadden gelopen. In Mesopotamië waren ze geconfronteerd met de norm dat de hoofddoek het voorrecht was van een getrouwde vrouw, in de westelijke gebieden kregen ze te maken met vrouwen zonder en met hoofdbedekking. Om zich te verhouden tot de lokale praktijken, vertelden de gelovigen uiteenlopende hadiths, waarvan sommige gingen over de echtgenotes van Mohammed of over de eerste moslima’s (getrouwd of niet) of over monotheïstische gelovigen (getrouwd of niet). Nog meer onduidelijkheid dus, nog meer discussie.

En dan gebeurt er iets interessants: naarmate de tijd verstrijkt, denken geleerden beter te weten wat de in het vorige blogje genoemde khimar is en welk sieraad is bedoeld. Hiermee wordt de uitleg strikter. Tegelijk wordt de hoofddoek een steeds strenger voorschrift, dat gaat gelden als specifiek voor de islam en niet langer wortelt in de algemene laatantieke cultuur. In El-Andalus was het bijvoorbeeld aan christelijke en joodse vrouwen verboden een hoofddoek te dragen, omdat dat het voorrecht was een moslima. Hoe dit zich verhoudt tot afbeeldingen uit bijvoorbeeld Madinat al-Zahra (zoals hieronder) van hoofddoekloze muzikantes, weet ik niet.

Muzikantes uit El-Andalus

De interpretatierichting

Dat de uitleg van een ambigue Koranpassage kwam te gelden als een voorschrift voor islamitische vrouwen, past bij een verschijnsel waarover godsdienstsociologen hebben geschreven. Het is bijna wetmatig dat degenen die verscheidenheid accepteren, de discussie verliezen van degenen die strenger zijn in de leer. Immers, zo’n liberaal – als ik deze term mag gebruiken – heeft er geen moeite mee als iemand anders wat strengere opvattingen heeft, terwijl degene die strenger is, wél moeite heeft met vrijere opvattingen. God wil het immers. Ik blogde eerder over dit mechanisme en ook mijn goede vriend Richard attendeerde er op zijn blog al eens op.

(Ten overvloede: ook hedendaagse discussies over het christendom worden veelal gedomineerd door conservatieve stemmen, niet door liberale. Dat de interpretatie steeds specifieker wordt, is bovendien niet beperkt tot religie: zie de brandspiegels van Archimedes, de informatie over Tartessos en de regels rond het Romeinse vierkinderenrecht. Elke keer wordt de informatie specifieker.)

Het geval dat ik nu behandel, de uitleg van een Koranpassage, is een voorbeeld van wat bekendstaat als de interpretatierichting: de uitleg voltrekt zich in een bepaalde richting. In het in deze blogjes behandelde voorbeeld is ze in de loop van de tijd conservatiever geworden en kregen de oorspronkelijk gebruikte woorden een specifiekere betekenis. Het methodische advies is daarom om bij het vertalen van een oude tekst, welke dan ook, niet zomaar in het woordenboek te kijken, maar om eerst te zien wat in de tijd van de auteur de dominante betekenis is geweest. Latere interpretaties zijn niet per se onjuist, maar de kans is aanwezig dat ze meer verdoezelen dan verhelderen.

PS

Ik schreef voor VersTwee een bespreking van een goed bedoeld boek over de islam in Europa. Ik had het graag aanbevolen, maar goede bedoelingen maken niet per se een goed boek. Mijn bespreking werd uiteindelijk een les over geschiedvorsing.


Byzantijns Thracië

februari 27, 2026

De ruiter van Hornhausen

december 16, 2025
Deel dit:

22 gedachtes over “De hoofddoek (4) de interpretatierichting

  1. Kees Voorburg

    Machtig interessante blogs, vooral voor wat de relatie Hadith en Koran betreft! En ook de invloed van de oorspronkelijke (weet even geen beter woord) cultuur op de Islam waar die zich als nieuwe godsdienst vestigde.

    Zelf zag ik de vermaning m.b.t. het op grond stampen (zie blog Hoofddoek 3) als bewijs dat vrouwen de boezem dienden te bedekken (i.p.v. kapsel). Dat was toen ik nog zo naïef was te denken dat je de islam kende als je de Koran gelezen had.

    Volgens mijn vertaler (J.H. Kramers) was de uitleg d.d. 1459 (Tafsīr al-Jalālayn) door ene Jalal ad-Din al-Maḥalli (na zijn dood voltooid door Jalal ad-Din as-Suyuti, als ik WIkipedia mag geloven) overigens van doorslaggevend belang m.b.t. de hoofddoek verplichting, maar dit terzijde.

    M.b.t. Jona’s verzuchting in Hoofddoek 3 (“De laatantieke waarheid kan niemand dus wat schelen”, etc.), even dit: Wanneer politici hun beleid of plannen verdedigen dan wel bepleiten, hebben ze zwart/wit duidelijke argumenten en voorbeelden nodig. Geschiedenis is nooit in staat dergelijke voorbeelden te leveren. Conclusie: wanneer een politicus aan de geschiedenis refereert is dat per definitie 100% onzin. Of ga ik nu te ver?

    1. Een beroep op het recente verleden kan zinvol zijn. En het iets minder recente verleden biedt zo nu en dan ook nog wel eens informatie die we anders niet zouden hebben.

      Maar wie de Oudheid erbij haalt praat vrijwel zeker uit z’n nek. Je kunt informatie, gebaseerd op niet-robuuste data, niet gebruiken om een samenleving te adviseren waarvoor je wel robuuste data hebt.

  2. “Het is bijna wetmatig dat degenen die verscheidenheid accepteren, de discussie verliezen van degenen die strenger zijn in de leer.”

    Als dat een wetmatigheid is, geldt die zowel voor fanatici die de hoofddoek met dwang willen opleggen als voor hardliners die het dragen van de hoofddoek door allerlei wetten willen bemoeilijken of verbieden.

    Toch lijkt me wat jij beschrijft geen wetmatigheid, maar een eerder een historisch bepaalde tendens. En ik zie in onze stad zoveel moslima’s die de hoofddoek zelfbewust en uit eigen overtuiging dragen, zonder hem aan anderen op te dringen, en zoveel andere moslima’s die er geen dragen, dat ik denk dat er ook een tendens is die de andere kant opgaat.

    1. Frans Buijs

      Hoe weet je dat het zelfbewust en uit eigen overtuiging is en dat er geen sociale druk achter zit? Ik herhaal maar even wat ik gisteren gezegd heb, namelijk dat ik in mijn stad al kinderen met een hoofddoek zie rondlopen.

        1. FrankB

          “een tendens is die de andere kant opgaat”
          Een tendens die nogal eens het onderspit delft. Die wetmatigheid is voor mij geen reden me erbij neer te leggen. Maar ik ga sociale druk ook niet ontkennen.

        2. Frans Buijs

          Ga je dan in gesprek met iedere vrouw met hoofddoek die je tegenkomt? En hoe weet je dat ze geen sociaal wenselijke antwoorden geven?

          1. Ik begrijp dat dit als een schok komt, maar ik praat inderdaad af en toe met moslima’s. Ik kan je verzekeren dat het mogelijk is. Maar als ik al op voorhand zou betwijfelen of hun antwoorden überhaupt authentiek kunnen zijn, zouden het geen gelijkwaardige, open gesprekken meer zijn en zouden ze denk ik snel vastlopen.

            1. Frans Buijs

              Ik praat ook wel eens met moslimas hoor, maar ik laat het onderwerp geloof dan achterwege. En ik geloof niet dat iemand die onder druk wordt gezet om een hoofddoek te dragen, dat zou toegeven. Lale Gul heeft daar een boek over geschreven. Ze wordt nu met de dood bedreigd. Het is lastig. Sommige moslimas zullen zeker die doek uit vrije wil dragen, maar anderen niet.
              Gek dat nog steeds helemaal niemand iets heeft gezegd over kinderen met een hoofddoek.

          2. In het onderwijs zijn voldoende mogelijkheden om met jonge moslima’s te spreken, die over het algemeen heel goed kunnen uitleggen wat ze waarom doen. Er was lange tijd een leuke website “ik en mijn hoofddoek” waar vooral over mode werd gesproken.

            Dat wil niet zeggen, overigens, dat er geen sociale druk is. Maar het is ook weer niet zo dat moslima’s marionetten zijn.

            1. Zeker. En klampen we ons niet allemaal vast aan de overtuiging dat we meer dan marionetten zijn, terwijl er ondertussen van boven met kracht aan onze touwtjes wordt getrokken?

              Complimenten voor deze boeiende reeks, die niet alleen veel informatie biedt maar ook steeds weer de vraag naar de interpretatie naar de voorgrond haalt. Je zou bijna denken dat er een boekje in zit.

        3. Merit

          Of het ‘zelfbewust’ is, is de vraag. Het lijkt eerder zelfzuchtig, zolang mensen met andere vormen van hoofdbedekking of kleding, zoals keppels en tsietsiet bedreigd worden.

          1. Moslima’s worden natuurlijk ook bedreigd. En zullen we het stuk van de discussie waarin we hele bevolkingsgroepen moreel gaan veroordelen gewoon achterwege laten?

            1. Frans Buijs

              Is dat zo? Volgens mij worden juist mensen die de islam willen verlaten bedreigd. Door moslims die afvalligen moreel veroordelen en willen vermoorden. Zoals de eerder genoemde Lale Gul.

              1. Helemaal terecht dat je je daar zorgen over maakt, beste Frans. Dat is een reëel gevaar. Maar pas op dat je niet zo vol raakt van dat gevaar dat je de bedreigingen, geweldsdaden en vormen van discriminatie tegen moslims en moslima’s, die ook reëel zijn, gaat ontkennen. Verder wens ik je een fijne avond, want mijn laptop gaat nu uit.

    2. FrankB

      “geldt die zowel voor ….”
      Eh ja. Beide kanten hebben namelijk een gemeenschappelijk belang: de compromisloze confrontatie.

  3. FrankB

    “liberaal – als ik deze term mag gebruiken”
    Van mij mag je, al vind ik “vrijzinnig” mooi en gepast.

  4. Kees Voorburg

    Het woord ‘hoofddoek’ valt en zelfs in deze oase van beschaving en weldenkendheid raken de gemoederen verhit! Heel laf meld ik maar even dat ik het met iedereen hier boven eens ben.

    Heb de kwalijke neiging om persoonlijke ervaringen te veralgemeniseren, maar bij het volgende wellicht terecht: was altijd voor homo-rechten en tegen kopvodden-stemmingmakerij. Desalniettemin vond ik beide groepen tegelijk ook een beetje eng. Dat veranderde radicaal toen ik v.a. 1994 dagelijks met homo’s en lesbo’s kwam te werken en wat later ook met hoofddoek dragende moslima’s. De kern: de onderlinge karakterverschillen waren dermate groot dat mijn vooroordelen op slag verdampten. Herinner me die keer dat ik het kantoor binnenstapte op het moment dat de geheel in lappen gehulde Fatima tot algehele hilariteit bezig was met een Kees-Voorburg imitatie, woordkeus en sonore bromstem incluis. Sympathieke, leuke meid met veel humor, i.t.t. het valse kreng N. dat zwaar opgemaakt met zeer strakke hoofddoek en nog strakker truitje de boel onveilig maakte. Truitje was zo strak dat ze maar een beetje met haar voet op de grond hoefde te stampen of het ‘bos-hout’ bupste zo vervaarlijk op en neer dat sommige vrouwelijke collega’s (NL) er moeite mee hadden.

  5. Luc Vanbrabant

    Kan het ook zijn dat de hoofddoek en andere verhullende kledij ook was bedoeld om aan te duiden dat de vrouw in kwestie niet meer vrij was, maar het bezit was geworden van de man die met haar trouwde? Een slavin was koopwaar en had zelfs dat ‘voorrecht’ niet.
    Bij de islam is de sociale druk heel groot. Een nichtje van mij zag haar huwelijk op de klippen lopen omdat ze niet gesluierd wilde rondlopen zoals de rest van de familie.
    Ook in de Rooms-Katholieke kerk was de sluier een ding. Ik heb lang geleden als misdienaar altijd gezien dat bij begrafenissen de dichte familie en bij huwelijken de bruid altijd gesluierd waren (zij het op den duur alleen met een soort netje). Iedere vrouw die een kerk binnenging moest (moet) ook haar hoofd bedekken. En, om over bezit te praten, werd een (gesluierde) vrouw niet voor het altaar ‘weggegeven’ door haar vader aan haar toekomstige man?

  6. Het lijkt me dat wanneer je naar de huidige tijd springt, je de recente geschiedenis van de afgelopen vijftig jaar in ogenschouw moet nemen. Binnen het grootste deel van islamitische wereld ontstond een beweging die we conservatief en anti-seculair kunnen noemen, zonder dat we hem aan een specifieke theologie kunnen koppelen. Het effect van de invloed van die stroming is geweest dat islamitische vrouwen steeds meer een hoofddoek zijn gaan dragen. De betekenis van de hoofddoek is niet echt veranderd, de historische betekenis van de scheiding tussen de zedige en onzedige vrouwen geldt nog steeds.
    De huidige verklaringen voor het dragen van de hoofddoek bedienen zich van een liberaal individualistisch vertoog dat met de islamitische praktijken in strijd is. In deze praktijken staat de religieuze gemeenschap voorop, niet het individu. Een beetje meer sociologische oriëntatie moet je toch doen twijfelen aan de individuele beslissing terwijl een vrouw een vader en moeder, een broer of een man heeft die islamiet is. Wat niet wegneemt dat de verdediging van het dragen oprecht gemeend kan zijn. En wat ook niet wegneemt dat deze vrouwen in de westerse landen een zelfstandige maatschappelijke positie kunnen hebben. Maar dat is moderne geschiedenis.

Reacties zijn gesloten.