
Ik heb al vaak verwezen naar het ontstaan van een Arabisch wereldrijk in de zevende eeuw na Chr. Dat kun je aanduiden als de “grote Arabische veroveringen” of het “einde van de Oudheid” of “de tijd van de rechtgeleide kaliefen”. Je kunt het niet aanduiden als “de opkomst van de islam”, want dat is een parallel lopend, langzamer proces dat pas later op stoom kwam. Daarover zo meteen meer. Het ontstaan van het Kalifaat is in elk geval de brug tussen de antieke cultuur, die in de zesde eeuw in een crisis raakte, en de Middeleeuwen, wanneer er nieuwe politieke structuren ontstaan en het aantal geschreven bronnen sterk toeneemt.
Een traditioneel beeld
Het traditionele beeld is dat de profeet Mohammed met een nieuw, Arabisch monotheïsme een generatie van enthousiaste nieuwe gelovigen inspireerde, dat zij daarop de halve wereld veroverden en dat uiteindelijk de macht kwam te liggen bij een kalief uit de Umayyadische familie. Die resideerde in Damascus, begon het verworven rijk te organiseren en kon zich daarbij geen scherpslijperij permitteren. Een eeuw later trad de Abbasidische dynastie aan, met hoofdstad Bagdad, die beloofde een meer islamitisch georiënteerde staat te stichten.
Dit verhaal is niet onwaar. Een boek als Kennedy’s The Great Arab Conquests begint met een beschrijving van zo’n religieus geïnspireerde ruiter. Het plaatje hierboven toont hoe zo iemand eruit gezien zal hebben. Het probleem is echter dat je alleen gebieden kunt veroveren die al voor verovering klaar liggen. Er gaat iets aan verovering vooraf. Een ander probleem is dat de Arabische legers lang niet altijd bestonden uit moslims. Er deden christelijke stammen aan mee, strijdend onder de bescherming van de soldatenheilige Sint-Sergius. Daarnaast zijn er bij de beschrijving van de totstandkoming van het Kalifaat de gebruikelijke bronnenproblemen: vooringenomenheid, onvolledigheid, slechte overlevering, enz.
Eén kalifaat, vier processen
Na een eeuw strekte het Kalifaat zich uit van Marokko tot het Pamirgebergte: een afstand van 7000 kilometer. Dat wil zeggen dat de buitengrens 35 kilometer per jaar opschoof in westelijke richting en 35 kilometer in oostelijke. Het is onmogelijk dat je in een zo snel groeiende politieke eenheid alle neuzen dezelfde kant op krijgt. Het is dus simpel te zien dat de politieke machtsuitbreiding een ander proces moet zijn geweest dan de verspreiding van de religie. Dat is, zoals ik al schreef, een tweede proces dat pas later op stoom kwam. Het Umayyadische Kalifaat van Damascus bestond, net als de gelijktijdige “Germaanse” rijken in West-Europa, uit een conglomeraat van oudere politieke eenheden, en de islamitische identiteit is pas met de Abbasiden gegroeid.
Er is nog een derde proces geweest: de arabisering. De geschiedenis van zuidwestelijk Azië vanaf de IJzertijd is er een van toenemende integratie van de diverse daar levende volken, stammen en steden. Cruciaal was hierbij de domesticatie van de dromedaris en de Wierookroute. Zo zou een Arabische identiteit zijn gegroeid, met een gedeelde religie als sluitstuk. Dit was de strekking van de expositie Routes d’Arabie in het Louvre in 2010. De catalogus is een monument van goed aan het publiek overgedragen geleerdheid (en Saoedische propaganda).
Dit derde proces, de arabisering dus, is echter complexer dan het lijkt. Het staat vast dat er een economische integratie is geweest langs de Wierookroute, maar de betrokkenen zouden zichzelf niet hebben aangeduid als Arabieren. In Jemenitische teksten uit de eerste eeuwen voor en na het begin van onze jaartelling is “Arabier” een scheldwoord. De Arabische taal en identiteit verspreidde zich van noord naar zuid, vond betrekkelijk laat aansluiting bij de Wierookroute en verspreidde zich pas na het ontstaan van de islam richting Jemen. We weten dit uit de duizenden inscripties die de afgelopen twintig, dertig jaar zijn ontsloten. De arabisering blijkt uiteen te vallen in een zuid-noord verlopende economische integratie en tweede proces, een noord-zuid verlopende verspreiding van de Arabische taal.
***
Wordt vervolgd. Dit was het voorlaatste stukje n.a.v. Een kennismaking met de oude wereld, het handboek van De Blois en Van der Spek. Zeg naar een epiloog. Er is een overzichtspagina van alle 170 stukjes.
Zelfde tijdvak
Een nieuw blad van Codex Sana’a 1?oktober 19, 2018
Rouwpoëzie van Arabische vrouwen (3)mei 22, 2025
De vogel Feniksapril 24, 2023

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.