Fietsers voorrang

“Dames en heren, fietsen hebben voorrang.”

Alsof reizen met de trein nog niet erg genoeg is.

Op maandagavond strandde ik in Arnhem: iemand had zelfmoord gepleegd op het spoor bij Wolfheze en het alternatief dat de NS aanboden (omreizen via Nijmegen en Den Bosch, met de nachttrein van Utrecht naar Amsterdam) zou hebben betekend dat ik mijn bed niet voor drie uur zou zien. Dus nam ik een hotel in Arnhem, waar ik de avond afrondde met het mailen van mensen met wie ik dinsdagochtend afspraken had.

Lees verder “Fietsers voorrang”

Gestrand

reisadvies
Geen trein, geen reisadvies

Maandag 2 november, 21:45. Het is mooi geweest op het kantoor waar Ancient History Magazine wordt gemaakt: het is tijd om naar huis te gaan. Ik sluit af en wandel door een mistig Zutphen naar het station.

Wellicht vindt u 21:45 wat laat om nog op kantoor te zijn, maar het is niet onlogisch. Maandag was de maandelijkse storing in de Schipholtunnel en ik kwam dus te laat aan in Zutphen. Vandaar.

Even voor tienen. De trein rolt het station binnen, ik vind een stille zitplaats en geniet van een rustige reis naar Dieren en Arnhem. Ik heb een tekst te redigeren, maar ik ben wat suffig. Niet vreemd, want ik was vanmorgen al om half zeven wakker. Als ik mijn overstap maar haal, bedenk ik, is het niet erg als ik even wegdommel. Ik kan even na half twaalf op Amsterdam CS zijn en om middernacht in bed liggen.

Lees verder “Gestrand”

Volle trein

trein_druk_1

Ik wandelde even voor negen uur op het Leeuwardens station het perron op. Het viel me op dat het druk was, maar ik had geluk: toen de trein kwam aanrijden, stopte hij met een van de deuren precies voor mijn neus. Ik kon snel instappen en vond een zitplaats. Weliswaar niet in een stiltecoupé, maar toch: een zitplaats. Ik kon althans proberen te werken, wat niet zou kunnen als ik moest staan. De trein vertrok om 9:03, precies op tijd, richting Den Haag.

Dat was het einde van mijn geluk. Rondom mij zaten twee gezinnen met kinderen. Ze zongen eerst sinterklaasliedjes en gingen daarna kwartetten. Het was keten geblazen. Ze mogen van me, daar niet van, maar ik had iets zinvollers willen doen dan luisteren naar dit gekakel.

Lees verder “Volle trein”

60+

Een oude Amsterdammer (gevelsteen, Korte Prinsengracht 05, Amsterdam)

Onlangs werd ik vijftig en ik weet: ik ben niet jong meer. Zoiets merk je aan een paar grote en een boel kleine zaken, maar ik vond het te vroeg om mezelf oud te vinden. Anderen zien dat anders, zo ontdekte ik.

Ik moet vanmiddag naar Gent. De waarheid gebiedt echter te zeggen dat ik niet precies weet hoe ik voor die internationale reis moet betalen met de chipkaart die de vervoersbedrijven ons hebben opgedrongen. Inchecken, naar Roosendaal sporen, uitchecken, op dat station een nieuw kaartje kopen, aansluiting missen, instappen in het boemeltje naar Antwerpen, daar een nieuw kaartje kopen – zoiets herinnerde ik me van de vorige keer. Ik ben de enige niet die het niet langer weet (lees maar).

Lees verder “60+”

Koptelefoon

cof

Soms zie je de ramp op je afkomen. Je zit in een redelijk volle trein een boek te lezen, je bent niemand tot last. De trein stopt en er komen mensen je rijtuig binnen. Vooraan lopen twee dames van middelbare leeftijd. En ineens realiseer je je: alleen tegenover jou zijn nog twee lege stoelen naast elkaar.

De logica leert dat ze tegenover jou zullen gaan zitten. De ervaring leert dat jij niet meer aan je lectuur toekomt. Je bent verloren. Niets, echt niets, helemaal niets is zo afschuwelijk als de overlast van twee jeugdvriendinnen die eens een gezellig dagje samen op pad gaan.

“Nou, het is aardig droog nu.”
“Ja, je ziet stukken blauwe lucht.”

Lees verder “Koptelefoon”

Vertraging

Kruising Kinkerstraat-Bilderdijkstraat

De kruising van de Bilderdijkstraat en de Kinkerstraat is de drukste bij mij in de buurt. Er komen vier tramlijnen overheen en er zijn ook wissels. Het materieel slijt verschrikkelijk snel en daarom is er momenteel – het gebeurt om de paar jaar – groot onderhoud: de hele kruising is voor een paar weken dicht en dat betekent dat het verkeer op de wonderlijkste manieren wordt omgeleid. Vooral in de ochtend is het lastig, omdat de auto’s die de winkels bevoorraden moeten uitwijken.

Zo ook vanmorgen, toen het verkeer in de Kinkerstraat vaststond. Er waren meer busjes dan waarvoor ruimte was op de laad- en losstrook. Eén busje kon daarom niet anders dan even voor de Tollensstraat gaan staan. Een paar mannen losten de lading en deden zichtbaar hun best het snel te doen. Een vuilniswagen kon zo echter niet van de weg af en die blokkeerde zo weer de trambaan. De wachtende tram verhinderde weer dat het busje snel kon wegrijden.

Lees verder “Vertraging”

Forenzen

Elke donderdag neem ik om 9:01 de trein van Amsterdam-Centraal naar Zutphen. Een lijdensweg wil ik het niet noemen, maar er zijn aangenamere zaken in mijn leven. Bij het station staan bijvoorbeeld onvoldoende fietsrekken, want CS is een typisch forenzenstation waar Amsterdammers naartoe gaan om elders te werken. Omdat er zoveel fietsen zijn, moet je je karretje altijd buiten een rek plaatsen. (Ik heb het afgelopen halve jaar één keer een plek gevonden in een rek.) Normaal gesproken zou dit geen ramp zijn, ware het niet dat de gemeente “buitenrekse” fietsen wegknipt en naar een bedrijventerrein brengt dat zo’n beetje in Halfweg ligt. Ook vandaag staat weer te bezien of ik vanavond beschik over een fiets.

Dan is er de trein zelf. Dat is een internationale, die doorrijdt naar Berlijn. Er zitten altijd wat toeristen in, maar het zijn er weinig: het aantal stoelreserveringen vanaf Amsterdam is althans gering. De honderden niet-gereserveerde stoelen zijn voor de forenzen naar Hilversum, Amersfoort, Apeldoorn of voor mijn part Zutphen. Uitgaande van veertien rijtuigen met zestig stoelen – de feitelijke getallen liggen hoger – en zo’n honderd Duitslandgangers zijn er 740 forenzen aan boord. Vermoedelijk meer, want bij de helft van mijn reizen vind ik geen stoel en zit ik met mijn laptop op de grond, ergens bij een van de uitgangen. Het is minder erg dan dat er naast je iemand een gesprek voert, zullen we maar denken, want dan kun je niet werken en is je tijd helemaal verspild.

Lees verder “Forenzen”

Treingeluk

Gevelsteen (Hobbemastraat 9, Amsterdam)

De trein die om 9:01 vanaf Amsterdam Centraal naar het oosten rijdt, is eigenlijk een heel romantische. Het is namelijk de internationale trein naar Berlijn. Elke keer dat ik mee ga, heb ik in Apeldoorn de gedachte om niet over te stappen in het boemeltje naar mijn opdrachtgever in Zutphen, maar om te blijven zitten en door te rijden naar de Duitse hoofdstad en wat Berliner Luft op te snuiven. De trein kan zo heerlijk zijn.

Helaas is deze trein doorgaans bomvol. Niet zo vreemd natuurlijk, want wie wil er nou niet naar Berlijn? Maar handig is het niet. Meestal vind ik wel een stoel, maar ik heb wel eens genoegen moeten nemen met de vloer vlak voor de uitgang. Als ik wél een stoel zou hebben, moet ik er niet op hopen dat ik mijn laptop kan openklappen om te werken. Dat gaat gewoon niet zonder mensen tot last te zijn. Dit is niet alleen een romantische trein maar ook de trein van de verspilde tijd.

Lees verder “Treingeluk”

Overal zanikt bagger

Zomaar een nachtelijk station

Oké. Zo gaat het dus niet langer. Ik heb sinds een paar dagen een nieuwe OV-chipkaart. De lezers van deze kleine blog weten hoe ik de vorige ben kwijtgeraakt. Inmiddels ben ik voorzien van een nieuwe kaart, à raison van elf euro. (In geld omgerekend is dat vijfentwintig gulden.) Ik ben er een paar keer mee op reis geweest en maakte vandaag de rit van Amsterdam naar Nijmegen.

Vanavond moest ik verder naar Zutphen. En toen deed de kaart het dus niet. Ik ben langs al die gele palen gewandeld maar steeds gaf die kaart geen sjoege. Dood. Ik zal een week gebruik van het ding hebben kunnen maken. Een week.

In de stationshal is een informatiebalie maar om negen uur ’s avonds is die gesloten. Een bordje verwees met naar de “T&S” of de collega’s op de perrons. T&S? Geen idee.

Lees verder “Overal zanikt bagger”

OV

(1)

De man tegenover me in de trein probeert te slapen. Dat zal hem niet lukken, want de man naast hem – schuin tegenover mij dus – probeert een telefoongesprek te voeren. Ikzelf probeer te werken, wat niet lukt omdat de man tegenover mij zijn benen heeft uitgestrekt, zodat ik me in een onmogelijke hoek moet draaien om mijn benen kwijt te kunnen. Welkom in de trein van Amsterdam naar Hilversum, Amersfoort, Apeldoorn en uiteindelijk Berlijn. Die dus duidelijk te klein is.

(2)

De conducteur probeert in deze te volle trein een lichtpuntje te zijn. Hij komt bij ons langs met de geruststellende woorden dat hij onze kaartjes (“vervoersbewijzen” in conducteursjargon) niet hoeft te zien, maar alleen wil vertellen dat de verwarming het niet doet. We hadden dat al gemerkt. De verlichting doet het ook niet, trouwens. Lees verder “OV”