Voor-westerse geschiedenis (2): landschap

Bergen aan zee bij het Dalmatische eiland Krk

De regio waarover ik in mijn reeks over de voor-westerse geschiedenis wil schrijven, is ruwweg die van het Middellandse Zee-gebied en het Nabije Oosten, met een open oog voor Noordwest-Europa en Centraal-Eurazië. en de gebieden langs de Rode Zee en Nijl. Dat sluit contact met China, India, Zuid-Arabië, Nubië en de Sao– en Nok-culturen overigens niet uit. De kern ligt echter rond de Middellandse Zee en in het Nabije Oosten en het is moeilijk te ontkennen dat dat een rommelig stukje wereld is.

Het komt allemaal door de tektonische platen. De Afrikaanse plaat schuift elk jaar ruim vijf centimeter naar het noorden, terwijl de Arabische plaat zo’n zestien centimeter naar het noorden schuift. Onderling bewegen deze twee platen van elkaar af, waardoor de Grote Rift-vallei is ontstaan: de Rode Zee, de Dode Zee, de Jordaan, de Bekaavallei. De Afrikaanse en de Arabische platen botsen tegen de Euraziatische Plaat, en zo zijn de Atlas, de Pyreneeën, de Alpen, de Taurus en de Zagros ontstaan. Een vooruitgeschoven deel van de Afrikaanse plaat zorgt voor de enorme kreukel die Sicilië heet, en scheidt de Middellandse Zee in twee bassins.

Lees verder “Voor-westerse geschiedenis (2): landschap”

De slag bij Ilerda

De Pyreneeën

Als ik u zeg dat het 26 juni was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 27 mei 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” En dat, dames en heren, was niets minder dan de slag bij Ilerda. Dat is de stad die tegenwoordig Lérida heet (in het Spaans) of Lleida (in het Catalaans). Het was destijds de hoofdstad van de Ilergeten.

Zoals Caesar in Gallië het imperium had, dat wil zeggen het recht gezag uit te oefenen, had Pompeius dat in Iberië. Alleen had deze generaal, de grote vernieuwer van het Romeinse staatsrecht, besloten dat hij het gezag indirect zou uitoefenen, via zogeheten legaten. Toen Caesar Italië was binnengevallen, had Pompeius ervoor gekozen met de Senaat naar Griekenland te gaan om extra legers op te bouwen; zijn vijf Spaanse legioenen had hij overgelaten aan Lucius Afranius en Marcus Petreius. Caesar had in Italië geconcludeerd dat hij een generaal zonder leger had in het oosten en een leger zonder generaal in het westen, en had besloten eerst daarmee af te rekenen. Een voorhoede, gecommandeerd door Gaius Fabius, verzekerde de passen over de Pyreneeën en na een oponthoud in Marseille was ook Caesar zelf naar Catalonië gekomen.

Lees verder “De slag bij Ilerda”