Een dienstreis naar Lleida

De kathedraal van Lleida

De Spaanse spoorwegen zijn geweldig goed, maar toen ik eenmaal op station Barcelona-Sants stond, wist ik even niet hoe ik verder moest. Ik kocht het verkeerde kaartje, wist wel dat ik in Sant Vicenç de Calders van de ene op de andere boemeltrein moest overstappen, maar had niet begrepen dat er werkzaamheden waren en dat sommige treinen helemaal niet reden. Uiteindelijk kwam ik in Lleida aan met de bus. Dat er juist op dat moment vuurwerk uitbarstte, zal niet zijn geweest om de reiziger te verwelkomen.

Een antieke stad

Lleida is het antieke Ilerda en ik wilde er heen omdat Julius Caesar hier in 49 v.Chr. een militaire operatie heeft uitgevoerd. Maar zoals ik destijds schreef: ik ben er nooit geweest, terwijl ik er in een boek wel over zal schrijven. En je MOET een plek echt hebben bezocht, anders ga je gegarandeerd fouten maken. In mijn blogje heb ik een Romeins kamp dat op de rechteroever van de rivier lag, op de linkeroever gelegd. Nu begrijp ik mijn fout. Ik schaam me er niet voor: een blog is slechts een blog. Maar als ik een boek maak, moet het beter zijn en daarom ben ik in Lleida.

Lees verder “Een dienstreis naar Lleida”

De ambtstermijn van een dictator

Mogelijk portret van de dictator Sulla (Glyptothek, München)

Aan het begin van de vierde eeuw v.Chr. begon Rome een regionale grootmacht te worden. Het beslissende moment was de inname van de Etruskische stad Veii in 393/392 v.Chr. ofwel 396 volgens de onjuiste traditionele chronologie. De gebeurtenis kreeg in de Romeinse geschiedschrijving legendarische trekken: de belegering zou à la Trojaanse Oorlog tien jaar hebben geduurd en pas succes hebben gehad nadat de Romeinse generaal Marcus Furius Camillus het ritueel had voltrokken dat bekendstaat als evocatio.

En zo werd Rome een machtige stad. Gevaarlijk machtig, naar de zin van de alleenheerser van Syracuse, Dionysios I. Daarom verzocht hij de Gallische huurlingen die hij in die tijd in dienst nam, om even langs Rome te gaan, als ze toch op weg waren naar het zuiden. Op 18 juli 387 versloegen zij een Romeins leger en daarna sloegen ze het beleg op voor het Capitool. De Romeinen kochten de belegeraars af en we vinden de Galliërs vervolgens in de “teen” van Italië. Dionysios stuurde later nog eens een vloot, die overigens weinig te plunderen vond.

Lees verder “De ambtstermijn van een dictator”

De terugkeer van de Valse Marius

Munt met de komeet van de Divus Julius (Teylers Museum, Haarlem)

Als ik de oude formule aanhaal met de namen van de consuls, namelijk Julius Caesar en Marcus Antonius, en als ik vertel dat we ons dus bevinden in het jaar 44 v.Chr., en als ik toevoeg dat het begin mei zal zijn geweest, dan weet u dat dit het laatste blogje moet zijn in de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” En dat is iets heel bijzonders.

Maar eerst even terug naar de zogeheten “valse Marius”, waarover we het in augustus hebben gehad. Die avonturier had zich, toen Caesar in Spanje was, aangediend als achterneef van de dictator en had aanzienlijke steun weten te verwerven, zelfs binnen Caesars familie. Bij Caesars terugkeer was de man even luid toegejuicht als de zegevierende generaal, die hem uit Italië had weggestuurd. Ik constateerde al dat het een vorm van naïef positivisme is om het oordeel van de bronnen, dat de man een charlatan was, zomaar over te nemen. We weten het gewoon niet.

Lees verder “De terugkeer van de Valse Marius”

De Iberiërs (3)

Iberisch grafmonument (Archeologisch museum, Madrid)

[Laatste van drie blogjes over de bewoners van Zuidoost-Spanje in de tweede helft van het eerste millennium v.Chr. Het eerste was hier.]

Rijk en arm

Een van de manieren waarop de rijke Iberiërs zich van hun arme landgenoten onderscheidden, was de monumentale grafsculptuur. Vanaf het begin, dus zeg maar vanaf pakweg 550 v.Chr., toonden voorname families hun welvaart met opvallende gedenktekens langs de toegangswegen tot de Iberische steden. Ze hadden allerlei vormen en zijn opgegraven in alle delen van de huidige regio’s Valencia en Murcia. Gaandeweg ontstonden ware dodensteden, keurig geordend, alsof het de steden waren van de levenden. Er was dan een hoofdstraat voor de graven van de voornaamste mensen, met haaks daarop zijstraten voor de bijzettingen van minder vermogende stedelingen.

De voornaamste graven – te zien in bijvoorbeeld de musea van Madrid en Elche – zijn werkelijk fantastisch. Er zijn torens en pilaren, er zijn afbeeldingen van wilde dieren en mythologische figuren. Misschien moesten die tevens tonen hoe de mensheid de natuur had overmeesterd en was gaan beheren. Zeker is dat niet, maar ik noem het omdat het ook een mogelijke interpretatie is van oudere stèles, waarover ik binnenkort eens zal bloggen.

Lees verder “De Iberiërs (3)”

De Iberiërs (1)

Iberisch aardewerk (Museum voor onderwaterarcheologie, Alicante)

Ik heb op deze blog al redelijk vaak geschreven over de Iberiërs. Dat is een wat onhandige term, want ze slaat van oorsprong op de bewoners van het zuidoosten van Spanje, en kreeg later een tweede betekenis: alle bewoners van het Iberische Schiereiland, dus met inbegrip van de Tartessiërs in Andalusië, de Lusitaniërs langs de Oceaankust en alle andere groepen. Ik wil nu de eerste definitie volgen: de antieke bewoners van de huidige regio’s Valencia en Murcia.

Een eigen archeologische cultuur is aan te wijzen vanaf het midden van de zesde eeuw v.Chr. Die lijkt voort te komen uit de eerdere IJzertijdculturen, maar verschilt daarvan doordat er inmiddels handelscontacten waren met Fenicische en Griekse kooplieden. De eersten zaten ook wat verder naar het zuidwesten en hadden tevens contact met Tartessos, terwijl de laatsten wat noordelijker zaten en daar contact hadden met de diverse Keltische volken.

Lees verder “De Iberiërs (1)”

Romulus en Remus & co

Romulus en Remus op een munt uit Pisidië (onbekend museum)

Al ruim eenentwintig eeuwen geldt de eenentwintigste april als de stichtingsdag van Rome. Volgens de traditie waren Romulus en Remus, zoals de stichters heetten, eigenlijk herders, en dat is wat raar, aangezien in de meeste verhalen over stadstichtingen de klus in handen is van koningszonen of aristocraten. Waar komt het Romeinse verhaal vandaan?

Verzonnen dateringen

Eerst iets over de datum. Op 21 april vierden de Romeinen de Parilia. Het was een herdersfeest, waarbij mensen sprongen over vuurtjes van stro en olijftakken. Omdat de Romeinen meenden dat de oudste kern van hun stad iets primitiefs moest zijn geweest, en omdat ze niets primitievers kenden dan herders, redeneerden ze dat de eerste Romeinen ook wel herders zouden zijn geweest. Je zou het een sociologische theorie kunnen noemen. In elk geval heeft het niets van doen met de historische waarheid, want die is dat de eerste bewoners van Rome boeren waren. Niks herders, het archeologisch bewijs is zonneklaar. Maar goed. Als je aanneemt dat de eerste Romeinen herders waren, dan houd je herdersfeesten in ere, en vanaf de eerste eeuw v.Chr. meende men dat Rome was gesticht op 21 april.

Lees verder “Romulus en Remus & co”

Faits divers (50)

Zomaar een mooie foto van Athene (rond 1900)

Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met ook deze keer weer enkele niet-samenhangende berichtjes.

Het Antikythera-mechanisme

Het Antikythera-mechanisme was een mechanische rekenmachine annex planetarium waarmee onder meer zonsverduisteringen en de data van de diverse Griekse atletiekwedstrijden konden worden berekend. Het is gevonden op een scheepswrak bij de Peloponnesos en is maar gedeeltelijk bewaard, zodat niet helemaal duidelijk is hoe het voorwerp precies gereconstrueerd zou moeten worden. Dat neemt niet weg dat er verschillende knappe voorstellen zijn gedaan en dat instrumentmakers reconstructies hebben gebouwd. Sinds kort is er ook een in eigen land, en daarover leest u hier meer.

Lees verder “Faits divers (50)”

Het huis van Massinissa

Stamboom van het huis van Massinissa (klik=groot)

Het bovenstaande plaatje wilde ik al een tijdje hebben en ik ben blij dat Kees Huyser het voor me heeft gemaakt. (Dank je wel Kees!) Zoals u ziet is het een stamboom, meer precies die van het huis van Massinissa, die rond 203/202 door de Romeinen werd erkend als koning van Numidië – zeg maar het huidige Algerije.

Hij was niet de eerste koning in de regio: zijn vader Gaïa heerste al over de oostelijke Numidiërs, die bekendstaan als de Massyliërs. Een andere koning, Syfax, heerste over de Masaeisyliërs in het westen, verenigde beide rijken en werd vervolgens verdreven door Massinissa. Met Romeinse steun regeerde hij een halve eeuw en zou zijn koninkrijk hebben opgestoten in de vaart der volken. Dat lezen we althans bij de Griekse geschiedschrijver Polybios, die verrast zal zijn geweest door de Numidische macht rond het midden van de tweede eeuw, maar niet wist hoe sterk het rijk al in de derde eeuw was geweest. We hebben Massinissa’s portret op munten, maar ik heb nooit een echt helder exemplaar gevonden, dus we moeten het doen met het onderstaande plaatje.

Lees verder “Het huis van Massinissa”

V Macedonica in Dacië

Trajanus’ monument in Adamclisi

De verdere geschiedenis van V Macedonica volgt die van de andere legioenen uit de regio. Manschappen namen deel aan de oostelijke campagne van keizer Lucius Verus, die tussen 162 en 165 de Parthen versloeg. Bij terugkeer werd het legioen gestationeerd in Potaissa, het huidige Turda in Roemenië. De overplaatsing was noodzakelijk omdat verschillende, zoals de Sarmaten en Quaden, onrustig waren geworden. Keizer Marcus Aurelius bracht bijna tien jaar van zijn regering door aan de Midden-Donau. Vroeg tijdens het bewind van keizer Commodus (r.180-192) voerden Pescennius Niger en Clodius Albinus (beide toekomstige keizers) het bevel over V Macedonië en XIII Gemina. Samen versloegen ze de Sarmaten.

Toen deze oorlog eenmaal tot een goed einde was gebracht, richtten de Romeinen hun aandacht op de Daciërs in het binnenland. Arbeiders van de goudmijnen waren in opstand gekomen en hadden huurlingen in dienst genomen. Toen V Macedonica die had verslagen, kende keizer Commodus het in 185 of 187 de titel Pia Constans (“trouw en betrouwbaar”) of Pia Fidelis (“trouw en loyaal”) toe.

Lees verder “V Macedonica in Dacië”

V Macedonica aan de Donau

Inscriptie van V Macedonica uit Oescus (Archeologisch museum, Sofia)

Van de meeste Romeinse legioenen kennen we de ontstaansgeschiedenis. Soms weten we welke keizer het heeft gesticht, soms kunnen we de geschiedenis herleiden tot de tijd van Julius Caesar en zijn opvolgers Marcus Antonius en Augustus. Van V Macedonica is de herkomst minder duidelijk. We kennen uit de vroegste tijd twee vijfde legioenen, V Urbana en V Gallica, die allebei identiek kunnen zijn aan het vijfde legioen dat later naar zijn standplaats Macedonië zou worden vernoemd. Misschien is het geformeerd door consul Gaius Vibius Pansa en diende het voor het eerst in 43 v.Chr., maar dat is slechts een hypothese.

V Macedonica was waarschijnlijk aanwezig bij de campagne rond Aktion (31 v.Chr.), waarna veteranen werden gevestigd in de Veneto. Een latere generatie veteranen is vijftien jaar later gedemobiliseerd in Fenicië in Beiroet. Hier kregen ook veteranen van VIII Augusta land toegewezen. In elk geval diende het legioen zelf in Macedonië.

Lees verder “V Macedonica aan de Donau”