Ware Opening

De ware opening (foto Carine van Rhijn)

Dat had ik dus verkeerd gezien. Toen minister Ingrid van Engelshoven had aangekondigd dat ze het advies van de Commissie Van Rijn wilde overnemen – haal het geld weg van de algemene universiteiten om het over te hevelen naar de technische universiteiten – en toen er niet onmiddellijk een collectieve storm van verontwaardiging opstak, beschouwde ik dat als capitulatie. Dat WO in Actie haar protest uitstelde tot de opening van het academisch jaar, leek me bepaald geen meesterzet.

Het enthousiasme van mensen als Remco Breuker, met wie ik er eens over heb gesproken, werkte echter aanstekelijk. Ik wilde toch minimaal kennis nemen van wat ze deden en zoals nu blijkt: ik zat er naast. Het stond gistermiddag goed vol bij de Ware Opening. Duizend mensen, lees ik, die alle universiteiten en zowel personeel als studenten vertegenwoordigen. In mensenaantallen is dit misschien niet veel, maar WO in Actie heeft in vrij korte tijd een brede coalitie weten te vormen en dit was dus geen capitulatie. Er zijn in de jaren tachtig fellere protesten geweest, gedragen door vooral studenten, maar deze coalitie is breder. En dat was nog maar mijn eerste foute inschatting.

Reserves

Ik heb er geen geheim van gemaakt reserves te hebben. WO in Actie had het over werkdruk en over financiële regelingen, wat symptomen zijn van een wezenlijker probleem dat de groep niet benoemde. De klappen die de universiteit krijgt, hebben namelijk te maken met het feit dat ze al sinds de jaren tachtig alleen in naam nog een universiteit is. Veel van de huidige klachten zijn toen al benoemd. Nogmaals, lees Klukhuhns Hypothese van het heden voor een algemeen overzicht of lees Lorenz’ Van het universitair front geen nieuws als je denkt dat de klachten over de werkdruk nieuw zijn. Lorenz is geestig, met bijvoorbeeld zijn vergelijking van de wetenschappers met het paard uit Animal Farm, “I will work harder”.

Mensen die een hogere opleiding hebben afgerond herkennen dat de echte problemen worden genegeerd. De universiteit heeft onvoldoende in de gaten hoeveel draagvlak ze al is kwijt geraakt. Ik heb maandagmorgen in de trein mensen horen lachen om de getogeerden uit Groningen die een rode baret hadden opgezet (“hadden ze eens moeten durven op 17 september”). Rare vormpjes zijn volkomen contraproductief, de Groningers zien het niet en zelfs in een conversatie in de trein wordt het gehekeld.

Publiciteit

Omdat ik dus liever de structurele problemen centraal zou stellen, en omdat ik te vaak heb waargenomen dat academici bleven uitvoeren wat ze onuitvoerbaar noemden, had ik verwacht dat journalisten geen aandacht aan de Ware Opening zouden schenken. Het leek me geen nieuws.

Boy, was I wrong. Daar is een stuk in De Volkskrant, hier is het NOS-journaal, daar is het Financieel Dagblad, de Volkskrant nog eens en het NRC Handelsblad. Hier is een stuk van Remco Breuker. Rector magnificus Stolker van Leiden erkent dat de relatie tussen universiteit en regering op een dieptepunt is beland. Dat was mijn tweede foute inschatting. Mijn derde is dat de politiek zich er geen bal van zal aantrekken. Verkeerde inschattingen uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst, maar je mag gaan hopen dat ik opnieuw verkeerd zat.

Sprekers

Was het een goede bijeenkomst? Ik werd op mijn wenken bediend doordat de sprekers het nauwelijks hadden over werkdruk en financiële regelingen. De sprekers waren niet allemaal even goed. Ik stoorde me wat aan iemand die uitlegde dat in het wetenschappelijke bedrijf veel artikelen worden gepubliceerd die behoren tot de grauwe middelmaat. We weten dit al dertig jaar. Lees Klukhuhn.

Heel goed vond ik Giselinde Kuipers, die zei dat het tijd was eens grondig na te denken over de functie van de wetenschap en haar relatie tot de samenleving. Daarbij pleitte ze, zonder het met zoveel woorden te zeggen, in feite voor een terugkeer naar het model van Wilhelm von Humboldt: een universiteit die weer de vorming van de burgers dient. Het is iets dat ik op deze plaats in alle toonaarden heb verdedigd en ik denk dat ik daarom ook het zwakke punt herken, want het is immers de zwakte van mijn eigen ideaal. Zo’n universiteit kan niet voortkomen uit een universiteit die al vijfendertig jaar de bureaucratische normen heeft geïnternaliseerd en inmiddels alle Bildungs-idealen heeft verkwanseld. U weet wel, de humaniora die hun pedagogische taak vergaten en daardoor verschraalden tot geesteswetenschappen. Er zijn positieve uitzonderingen maar ik zie de universiteit niet op korte termijn herstellen wat al tijden zoek is.

Ik had stille hoop dat Kuipers, die erop wees dat de universiteit weer binnen de samenleving moest staan in plaats van daar buiten, de absurditeit zou hekelen van de rare toga’s, de nikszeggende afko’s, de middeleeuwse ritueeltjes en de holle titulatuur waarmee de universiteit zich zo nadrukkelijk plaatst tegenover de samenleving, maar dat liet ze achterwege. Dat gezegd zijnde: ik was ontzettend blij dat ze erkende hoe diep de crisis was. Als ik WO in Actie heb verweten de koe niet bij de hoorns te vatten, dan moet ik erbij zeggen dat ze in elk geval een spreekster vonden die het wel deed.

Delfi

Kortom, het was een mooie middag. Voor mij persoonlijk was er wat ik de “Delfi-ervaring” noem. De vier of vijf keer dat ik daar ben geweest, wilde ik alles in alle rust bekijken, zoals een serieuze student betaamt. Ik ben wat afstandelijk, zoals ik ook ben op feestjes. Ik geef me niet gemakkelijk gewonnen. Maar er is een punt waar Delfi wint en je toch niet langer je afstand kunt bewaren. Iets dergelijks had ik in Leiden. Ik wilde gewoon rustig luisteren en klapte braaf mee, maar ik ben niet iemand die luidkeels “Actie! Actie! Actie!” gaat schreeuwen. Ik kan dat gewoon niet. Tijdens het toespraakje van Rens Bod merkte ik dat er toch iets van begeestering oversloeg.

Niet dat ik nu stond te juichen, maar er veranderde iets. Als ik in mijn studententijd of toen ik aan de VU werkte, aankaartte dat er iets gebeuren moest, reageerde iedereen altijd met defaitisme. Dat ontbrak dit keer. Bod ging zover om de minister aan te raden dat ze, nu ze het vertrouwen had verloren van een zo wijde groep mensen, moest aftreden. Dat is vrij revolutionair en welbeschouwd kan het ook gewoon niet: een universiteit moet de politiek niet onder curatele willen stellen – dat is precies de mentaliteit van “het zit in het lab en het heeft gelijk” waarmee de universiteit zichzelf al zo vaak in de voet heeft geschoten. Toch denk ik dat het goed was dat Bod expliciet zei dat iemand die het vertrouwen van het veld heeft verspeeld, beter de eer aan zichzelf kan houden.

De laatste spreekster was Ingrid Robeyns, die erop wees dat er dit najaar wordt gesproken over het totale budget en dat WO in Actie ervoor wil zorgen dat de commissie die dat doet, eerlijk wordt samengesteld. Dat klonk me concreet genoeg om resultaat te kunnen opleveren, al denk ik dat nog urgenter is dat we spreken over wat we nu eigenlijk willen met de wetenschap. En het probleem is onverminderd: elk scenario waarin nog een toekomst is voor de wetenschap, veronderstelt een terugkeer naar wat een universiteit behoort te zijn, en ik ben er niet zeker van dat die terugkeer te maken is.

Maar goed, ik vergis me wel vaker.

42 gedachtes over “Ware Opening

  1. Jeroen

    Goed om te zien dat dit toch aardig wat aandacht heeft gehad… de pollepel is kennelijk gezien; nu nog hopen dat men ermee gaat roeren.

    Het enige puntje is dat ik niet helemaal snap hoe jouw goed- en jouw afkeuringsproces precies werkt. Je haalt iemand aan dit uitlegt dat in het wetenschappelijke bedrijf veel artikelen worden gepubliceerd die behoren tot de grauwe middelmaat. Je argument ter afkeuring is dat we dit al dertig jaar weten.

    Vervolgens prijs je Giselinde Kuipers, die zei dat het tijd was eens grondig na te denken over de functie van de wetenschap en haar relatie tot de wetenschap…. Maar hoe oud is dat idee!? Ze pleit notabene zelf voor de terugkeer naar het model van Von Humboldt.

    Nu kon ik er niet bij zijn, dus voor zover ik weet praten we over een uitermate lompe en vervolgens een zeer eloquente spreker… Geen punt, uiteraard. Daarnaast is het sowieso jouw blog… maar ik was gewoon benieuwd naar je wijze van redeneren.

    1. Ik geloof dat ik me nooit veel om consistentie bekreun, maar hier is toch wel onderscheid. Het een is de constatering van de problemen. Dat veel artikelen grijze middelmaat zijn, dat het te massaal is, dat de studenten te weinig voorkennis hebben, dat er te weinig geld is, dat de bestuurders incompetent zijn, dat de werkdruk de laatste jaren hoger is dan ooit, zijn allemaal al dertig jaar oud. Ook de aard van de oplossingen is steeds dezelfde. Geld. Beleidsmaatregel. Interdisciplinariteit. Zelfs dat die oplossingen geen oplossingen zijn, weten we allang. Er is geld genoeg – zie alle advertenties van de universiteiten – en als interdisciplinariteit een oplossing is, waarom hoor ik het dan steeds opnieuw, zonder dat die fusie van archeologische en klassieke onderzoeksinstituten ook maar een stap dichterbij komt?

      Het debat over de universiteit is een grijsgedraaide grammofoonplaat omdat het feitelijke probleem niet wordt aangepakt, de universiteit zélf. Science in Transition nam het bestaan van universiteiten als vertrekpunt van de analyse, De Nieuwe Universiteit nam het bestaan van universiteiten als vertrekpunt en ook WO in Actie heeft het over het afschaffen van de doelmatigheidskorting en wat dies meer zij. Dat zijn symptomen.

      Ik was zo blij dat Kuipers eindelijk zei waar het op stond: dat we universiteiten hebben, is waar we over moeten nadenken. Ze denkt dat hervorming een oplossing is. Ik weet dat niet; ik zou ook afschaffing willen overwegen. Maar dit “vooruit via het verleden” heb ik nog nooit eerder door een academicus horen zeggen.

      Dus het verschil is: de problemen zijn – in elk geval buiten de universiteit – allang bekend. Daarover hoef je niet te speechen. Maar de richting naar de oplossing, dat veronderstelt het identificeren van het echte problemen en daarover hoorde ik tot nu toe maar weinig mensen.

      1. Jeroen

        Dank.
        Ik hoop met jou dat er nu ook daadwerkelijk wat uitkomt… een rigoureuze aanpassing van ons universitair systeem zal nog heel wat voeten in de aarde hebben.

        1. Zeker, maar het laten dooretteren is schadelijk. Om een simpel voorbeeld te geven: een werkgever of opdrachtgever moet erop kunnen vertrouwen dat een afgestudeerde zijn vak beheerst.

          Ik ben soms opdrachtgever. Neem van mij aan: wie in mijn vak afstudeert, weet niet genoeg.

  2. Martin

    In de NRC is sprake van “beta of techniek”. Ook in de beta vakken zijn er onderwerpen waarvan het praktische nut niet zo direct te zien is. Niet alles gaat over kunstmatige intelligentie. Wat is bv het nut van de (wel heel interessante) elementaire deeltjes fysica? Dus ik vraag mij nu wel af wat het demarcatie criterium is.

    1. Als het over het nut gaat van mijn vak, begin ik altijd over astronomie. Het is de exploratie zelf die de moeite waard is.

      Verschil is dat de astronomen hun publiekscommunicatie wel op orde hebben. Goede infrastructuur aan de universiteit, vast budget (4%) en een mannetje op TV met kennis van zaken (Govert Schilling). In de oudheidkunde ontbreekt de infrastructuur (classici doen overigens wel iets voor gymnasia, waarmee ze dus zeggen dat ze de samenleving als geheel niets wensen te bieden), is er geen budget en hebben we op TV Fik Meijer.

      1. Martin

        Astronomie is sexy. Iedereen kijkt wel eens naar de sterren en vraagt zich dan af wat er in het heelal allemaal loos is of wat het heelal eigenlijk is. En astronomie is altijd heel belangrijk geweest voor de navigatie.

        Lang geleden las ik “Het beest van de democratie” van Koolschijn, over wat Plato over de democratie had te zeggen. Dat is tegenwoordig weer relevant gezien het populisme. Dus ik denk wel dat de oudheidkunde voor het algemene publiek interessanter gemaakt kan worden: wat is democratie? Baudet had het zelfs over de Uil van Minerva, wat wil je nog meer? Ik heb ooit een boekje gelezen over de pre-socratici; waar die lui het niet over hadden!

        Ik las over je boek over Xerxes. Ik heb “Persian Fire” van Tom Holland; ik keek ervan op dat je daar niet over te spreken bent. Dus ik zal jouw boek dan ook maar eens gaan lezen.

    2. FrankB

      “Ook in de beta vakken zijn er onderwerpen waarvan het praktische nut niet zo direct te zien is.”
      Dat noem ik nou een onderdrijving. Ga eens na hoe duur een deeltjesversneller is. Het praktische nut van de vondst van het higgs-boson is tot op heden nul komma nul. Ga dan eens berekenen hoeveel oudheidkundig onderzoek in Nederland je kan doen voor het geld dat vanuit Nederland naar Geneve gaat. Gegeven het opgekomen nationalisme en de identiteitsdiscussies lijkt dat laatste mij heel wat nuttiger.
      PS: ik ben een beta.

      1. Martin

        Ik ben ook een beta. Gepromoveerd in de natuurkunde.

        Mogelijk speelt prestige ook een rol. In de fundamentele natuurkunde heeft nooit iemand het over het nut ervan. Ook in de wiskunde zijn er gebieden waarvan je kunt afvragen: wat moet je ermee. Maar die vraag stel je niet omdat dat er niet toe doet. Overigens is het idee van het atomisme afkomstig van de oude Griekse natuurfilosofen.

        1. FrankB

          “Maar die vraag stel je niet omdat dat er niet toe doet.”
          Zal waar wezen, maar ook vragen die er niet toe doen worden vaak gesteld. Het antwoord “die vraag doet er niet toe” heeft maar een beroerd kleine kans om de vragensteller te overtuigen.

          “Overigens is het idee van het atomisme afkomstig van de oude Griekse natuurfilosofen.”
          Niet echt. Democritus voerde de term in, maar heeft bepaald geen invloed gehad op John Dalton en andere 19e eeuwse natuurwetenschappers.

  3. FrankB

    Het doet mij genoegen hier te verklaren dat ik er nog een beetje meer naast zat dan jij. Dit stond vanochtend op de voorpagina:

    https://www.dvhn.nl/groningen/Rector-magnificus-Cisca-Wijmenga-van-RUG-haalt-hard-uit-naar-minister-Geld-overhevelen-is-visieloos-24788357.html

    “je mag gaan hopen dat ik opnieuw verkeerd zat.”
    Dan is het wel zaak door te pakken.

    “ik ben niet iemand die luidkeels “Actie! Actie! Actie!” gaat schreeuwen.”
    Ah, beste Jona, jij moet ook geen Actie schreeuwen, je moet Actie ondernemen en daarbij is lawaai helemaal niet verplicht. Bedenk daarbij dat je heus niet in het middelpunt hoeft te staan. Er zijn allerlei dingen te bedenken. Je kunt bv. een afspraak maken met prof. dr. Kuipers en/of een vertegenwoordiger van Ware Opening, een interview afnemen, dat op je blog plaatsen en een link sturen naar de wetenschapsredacties van de voormalige kwaliteitskranten. Dat is ook een vorm van Actie.

    “welbeschouwd kan het ook gewoon niet.”
    Welbeschouwd kan dat gewoon wel. In Nederland hebben we vrijheid van meningsuiting en iedereen kan elke minister aanraden om af te treden. Of dat ook gebeurt is een andere kwestie. Het enige revolutionaire is dan ook dat wetenschappers eindelijk eens stelling nemen ipv alleen zo zachtjes te morren dat niemand het hoort.

    1. Iedereen mag ALS BURGER de minister aanraden af te treden. Je mag het niet doen in je rol als wetenschapper. Dan ben je een technocraat, die het vrije denken ondergeschikt wil maken aan de wetenschap.

      Het is verleidelijk. Het waarheidsideaal is een hoog ideaal. Het is dus verleidelijk te denken dat wetenschappelijke idealen gaan voor andere idealen. Maar het is niet het enige ideaal. en er andere belangen. Om die appels en peren te vergelijken, hebben we de politiek en de wetenschap mag die niet onder curatele stellen.

      1. FrankB

        “Je mag het niet doen in je rol als wetenschapper.”
        Daar ben ik het grondig mee oneens. Iedereen, inclusief verplegers, onderwijzers en politie-agenten mag aan belangenbehartiging doen. En een minister wegkrijgen kan in het belang van allerlei beroepsgroepen zijn.

        “Dan ben je een technocraat,”
        Fout. Een technocraat is een technisch opgeleid persoon met politieke macht. Wetenschappers hebben net zo weinig politieke macht als verplegers, onderwijzers en politie-agenten en evenveel als elke individuele burger. Je onderscheid tussen beroepsgroep en burger is een fictie en heeft geen enkele relatie tot de politieke realiteit.

        “die het vrije denken ondergeschikt wil maken aan de wetenschap.”
        Jij bent nu degene die de vrijheid van meningsuiting ondergeschikt wil maken aan politieke autoriteit. In een democratie die die naam waardig is ligt de uiteindelijke politieke macht bij burgers en dat is inclusief wetenschappers, verplegers, onderwijzers en politie-agenten. Je redenering was fout in de jaren 1980, toen het gebruikt werd tegen postbodes en vuilnisophalers; het is in 2019 nog even fout.

  4. Frans

    Het wachten is nu op de minister die zegt: “Ik herken mij niet in dat beeld.” Daarnaast ben ik benieuwd wat ze bedoelde met een spoedreparatie. Rammelt het dan zo erg met die technische studies?

      1. Frans

        Dat is waar, maar dat geldt ook voor de zorg en het onderwijs. In het Engels hebben ze daar een leuke uitdrukking voor: robbing Peter to pay Paul.

      2. Rob Krabbendam

        Hebben we het dan over elektriciens en loodgieters of genetici en gedragsbiologen? Lijkt me nogal een verschil.

          1. Rob Krabbendam

            Nee, dat begrijp ik, maar waarom moeten de bètastudies dan meer geld krijgen? Welk technisch opgeleid personeel komt men dan precies tekort? En wordt dat personeel aan universiteiten opgeleid? Dat vraag ik me af.

              1. Rob Krabbendam

                Interessante vakgebieden, relevant. Daar mag best geld naartoe. Maar niet zonder argumenten. En ook niet door het weg te halen bij andere wetenschappen.

  5. sara

    Om in economische termen te spreken: het instituut ‘Universiteit’ lijdt aan een hevige waarde-inflatie. De vraag is zo hoog (aantal studenten plus de omzetgenererende buitenlandse studenten), dat het aanbod (de kwaliteit) het niet meer aan kan. Terwijl de prijzen stijgen, wordt de kwaliteit steeds minder. (Ik hoop dat ik dit zelf nog begrijp – het is nog een beetje vroeg.)
    De neo-liberaal aangestuurde regering van het afgelopen decennium heeft e.e.a. mede veroorzaakt.
    Als een universiteit opgezadeld wordt met een ‘verdienmodel’ en spreekt over ‘producten’, dan wordt onderwijs van haar ziel beroofd. Het wordt een zielloze bedoening. Als het getal regeert, lijdt de rest uiteindelijk. Een nieuw paradigma is noodzakelijk (als dat begrip tenminste ook al niet uitgehold is.).
    Waarschijnlijk moet de universiteit weer een waarlijk elitaire aangelegenheid worden. Met een heel streng toelatingsexamen.

      1. sara

        Voor iemand met de juiste intellectuele capaciteit maakt het niet uit dat je hem/haar gedurende een ‘moment’ stevig ondervraagt en onderzoekt.

    1. Martin

      Het punt is natuurlijk dat de universiteiten gefinancierd moeten worden, en wel uit belastinggeld. En dat speelt in deze discussie zeker een rol. Er is gebrek aan technisch opgeleiden en de Leidse rector zegt dan in de NRC dat Papuatalen ook belangrijk zijn. Je kunt je wel in je ivoren toren terugtrekken, maar of dat helpt?

      1. sara

        Iemand die zich qua kennis op eenzame hoogte bevindt, zoals je die zou mogen aantreffen in een universiteit, verwijten dat hij/zij zich in een ivoren toren terugtrekt, is typisch een reactie/framing van de onkundige goegemeente. (Niet persoonlijk bedoeld, allesbehalve.)
        Ik ben meer bevreesd voor de ‘populistische reactionairen’ dan voor de hooggeleerde professor die geen vlieg kwaad doet en niet met geld kan omgaan.

        1. Martin

          Het is al langer een thema dat de alfa wetenschappen onder druk staan. In de NRC zie je al verdedigingen van de Neerlandistiek, bv. Voor de mensen die de alfa wetenschappen in stand willen houden is het dan de vraag wat de beste strategie is. Als je je specialiseert in een gebied waar haast niemand zich voor interesseert dan loop je wel een risico.

    2. jan kroeze

      @sara: een belabberd toelatingsexamen maken wil nog niet zeggen dat iemand niet tot op grote hoogte kan uitgroeien. Dat examen was in de jaren 70 vorige eeuw een idee van de Groot als ik het wel heb. Enorme discussies die natuurlijk voor het grootste deel tot weinig leidde enz., een bekend spektakel.

  6. Rob Krabbendam

    Van een hele andere orde: leuk en ook een beetje aandoenlijk om opeens zoveel mensen-met-een-missie op een doorgaans gemoedelijk en rustig pleintje als het Gerecht te zien staan. 🙂

  7. Zou ik misschien daarom al na 1 jaar zijn afgehaakt van de studie Geschiedenis? De ongemotiveerde docenten, de ongeïnteresseerde studenten (de meesten konden Napoleon niet van Karel de Grote onderscheiden), de veel te grote groep 1e jaars (die voor Geschiedenis leken te kiezen omdat ze niks beters wisten te bedenken, en het klonk wel interessant in de kroeg), het chaotische curriculum, de frustratie die overal vanaf leek te druipen. Ik verwachtte een bruisende faculteit met gelijkgestemden die zich in het prachtige vak Geschiedenis onderdompelden. Ik kreeg het tegenovergestelde. En dat was begin jaren 90.

  8. Giselinde

    Beste Jona,

    Allereerst: dank voor de aardige woorden. Ik kende je stukjes over de universiteit al van Sargasso. Hoewel ik niet zo somber ben als jij denk ik wel dat we het in grote lijnen met elkaar eens zijn over de aard van de crisis, en ook waar de universiteit heen zou moeten. Opheffing lijkt me echter een nodeloze vernietiging van al het moois dat er toch ook bestaat. (Het idee dat iets kapot moet om het te verbeteren lijkt me bijna per definitie incorrect) Maar: na 3 jaar als bestuurder aan de UvA ben ik niet optimistischer geworden.

    De afgelopen dagen heb ik allerlei mooie en ook inhoudelijkesterke reacties gehad van mensen die ook nadenken over alternatieven voor de huidige universiteit, inclusief volledige essays, blauwdrukken etc. Er zijn toch wel meer mensen die zich dezelfde vraag hebben gesteld — opvallend genoeg vooral of heel beginnend (student/promovendus) of tegen eind van hun carriere. Daartussenin heeft men het denk ik te druk, of is te veel gecommitteerd aan het huidige systeem.

    Ik zal alle reacties gaan verzamelen, en me dan beraden op een manier om dit allemaal eens bij elkaar te brengen. Dan kan mogelijk onder de paraplu van Woinactie, maar misschien ook daarbuiten.

    Ik werk vanaf 1 oktober in Leuven – daar is vast ook van alles mis, maar het is er nog niet zo uit de hand gelopen als aan de Nederlandse universiteiten.

    Hopelijk spreken we elkaar hier eens over.

    Met vriendelijke groet
    Giselinde

    1. Beste Giselinde

      Ik weet ook niet of ik de universiteit wil opheffen. Wel weet ik dat we haar bestaan niet langer mogen aannemen. We moeten de echte vragen weer stellen, hoe we de geestelijke kracht van de samenleving kunnen vergroten. Burgerschap speelt een rol. Misschien kan dat via een universiteit; de traditionalist die ik zo nu en dan ben, zou dat leuk vinden. Misschien moet het anders. Maar het bestaan van een systeem met universiteiten, NWO, KNAW kan het vertrekpunt van de discussie niet langer zijn.

      Veel succes in het mooie Leuven! Loop een keer binnen in het café waar ooit het Collegium Trilingue was, de koffie is er goed.

      Groet

      Jona

  9. Martin

    “Geestelijke kracht van de samenleving” – wat bedoel je daarmee? Voor wiskunde is ook geestelijke kracht nodig.

    1. Martin

      Ik denk dat het belangrijk is om te laten zien hoe interessant en leuk het is, bv oude geschiedenis. De verhalen van Plato over Socrates zijn toch prachtig?

    2. Ik denk dat ik in feite dacht aan resilience: de mentale veerkracht, de energie, de intellectuele capaciteit van een maatschappij. Kortom, datgene wat over onze kleine individualiteitjes heen groeit en cumulatief het erfgoed is van de mensheid.

      Zoiets.

      1. Martin

        Ik denk dat je website daarvan aan bijdraagt. Dat hier een discussie gevoerd is over de humaniora is heel goed. Ook je andere artikelen dragen daartoe bij; door naar de klassieken te kijken zien wij ook ons zelf.

Reacties zijn gesloten.