De negatieve reputatie van de sofisten

Plato (Capitolijnse Musea, Rome)

[In deze serie behandelt Kees Alders, webdesigner en auteur van het boek De wereld vóór God. Filosofie van de Oudheid de sofisten: de theoretici van de Griekse welsprekendheid en overredingskunst. Het eerste deel was hier.]

De sofisten waren vaak welgesteld en invloedrijk. Zij lieten zich voor hun onderricht betalen door politici. Succesvolle sofisten als Gorgias en Protagoras hadden relaties in de hoogste kringen.

Wiens brood men eet

Maar dat leverde hen ook politieke en filosofische tegenstanders op. Die verweten de sofisten werd dat zij niet zozeer op zoek waren naar waarheid en wijsheid, maar vooral naar geld.

Er valt wellicht wat te zeggen voor de stelling dat wie geld verdient met filosofie, moeilijk echt objectief kan blijven. Wiens brood men eet, diens woord men spreekt, nietwaar? Zeker als je sofist bent. En omdat er toch brood op de plank moest komen, hebben de sofisten zich vaak schuldig gemaakt aan simpelweg recht praten wat krom is. In het huidige taalgebruik is de term sofisme dan ook een synoniem van drogreden: een redenering die logisch en rechtvaardig klinkt, maar die volgens de wetten van de logica toch echt niet geldig is en eigenlijk ook nog eens immoreel.

Onze kennis van de sofisten heeft ons grotendeels bereikt via de latere filosoof Plato. Die zette zich sterk af tegen het moreel relativisme van de sofisten. En dit deed hij zo succesvol dat sofisterij sindsdien geldt als een amorele bezigheid, en tegengesteld aan wat de ware filosoof behoort te interesseren: het zoeken naar de absolute waarheid.

Of dit een terecht verwijt is, laten we maar in het midden. Maar volgens deze lezing is een sofist niet op zoek naar waarheden. Hij wil alleen maar zijn gelijk halen, desnoods door middel van drogredeneringen.

Retorische trucs

Hij is in die visie dus geen wijze, en niet eens een ‘echte filosoof’: hij houdt meer van geld dan van wijsheid. Hij is niets meer dan een ‘retoricus’. En hoewel de retorica tot in de Romeinse tijd een zeer belangrijk onderdeel is geweest van de opvoeding van de gegoede burger, werd er tegelijkertijd door bijna alle filosofen na Plato laatdunkend over gesproken. Want ja, het waren maar trucjes …

Dat neemt niet weg dat de retorica wel een belangrijk instrument voor filosofen zou blijven, tot op de dag van vandaag. Want je kunt nog zoveel prachtige dingen denken, wat bereik je ermee als je de mensen vervolgens niet van je denkbeelden weet te overtuigen?

[Wordt vervolgd. Deze reeks, oorspronkelijk gepubliceerd op de beëindigde website Grondslagen.net, is gebaseerd op het boek De wereld vóór God, dat een introductie biedt tot de filosofische stromingen van de oude wereld. Het hele boek is hier te bestellen.]