
Vroeger heette het milieu en tegenwoordig leefomgeving, maar evengoed verandert Nederland in een dystopie. Een doodenkele keer is er echter goed nieuws en keert zomaar een verdwenen diersoort terug. De otter, de zeearend, de bever, de wolf, de hop.
Het enige exemplaar van die wonderlijk gekuifde vogel dat ik in onze contreien ooit zag was in de Antwerpse dierentuin – zie boven. In het Midden-Oosten heb je meer kans het grappige beestje te zien en we kennen het dan ook uit allerlei antieke teksten. De Egyptenaren vereerden het dier omdat het voor zijn ouders zorgdenoot, terwijl de Joden deze vogel nou juist beschouwden als weerzinwekkend. noot Dat wil zeggen dat het noch rein, noch onrein was, maar niet paste in de categorieën en dus helemaal verontrustend was.
Upupa
Grappig genoeg zijn er in de Griekse en Latijnse bronnen geen meldingen van wat ons opvalt: dat het een elegant, mooi diertje is. De auteurs noemen wel dat het dier stinkt, een rommeltje maakt van zijn nest en insecten eet.noot De hop kon zich veranderen in een haviknoot en kende een plant waarmee hij sloten kon openen.noot Omdat het beest zo’n opmerkelijke, slanke snavel had, gebruikten de Romeinen het woord upupa ook om een pikhouweel aan te duiden.
Sprekend over de Latijnse naam upupa: dat is natuurlijk een onomatopee. Net als het Griekse ἔποψ, gebaseerd op de roep van deze vogel. Ik meen te weten dat eigenlijk alle Indo-Europese vogelnamen onomatopeeën zijn.
Het beroemdste antieke verhaal over een hop is dat van koning Tereus van Thracië. Het is te vinden bij Ovidius en het is qua gruwelijkheid nauwelijks minder dan Titus Andronicus. Om te beginnen verkracht Tereus zijn schoonzus Filomena, en om te verhinderen dat ze het vertelt, snijdt hij haar tong eruit. Het komt toch uit en Tereus’ echtgenote, koningin Prokne, doodt daarom hun zoon Itys en serveert hem als stoofpot aan zijn vader. Als Tereus bij het banket het hoofd herkent, trekt hij zijn zwaard, maar voor hij zijn vrouw en schoonzus kan doden, verandert Prokne in een zwaluw, Filomena in een nachtegaal, en Tereus in een hop.noot Eens een koning, altijd een koning, dus herkenbaar aan een kroon.
Hudhud
Er is ook een beroemd Arabisch sprookje. Zoals op deze plek al vaker aangestipt, verspreidde het monotheïsme zich in de eerste eeuwen van onze jaartelling naar het Arabische Schiereiland. In Jemen was zelfs een Joods koninkrijk, Himyar, dat de oudere koninkrijken verenigde, zoals Qataban, Ma’in en Seba. Joodse verhalen zoals dat over koning Salomo en de koningin van Seba waren dus algemeen bekend.
De Arabieren vulden die graag aan met extra informatie. Zo wisten ze dat Salomo ooit alle vogels had gevraagd om zich bij hem te verzamelen, constateerde dat de hop, de hudhud, er niet was.
Salomo monsterde de vogelen en zeide: “Hoe is het dat ik de hop niet, of zou hij tot de afwezigen behoren? Ik zal hem waarlijk streng bestraffen: óf ik zal hem slachten óf hij zal tot mij komen met klaarblijkend gezag.”
Doch de hop verbleef niet ver en zeide daarop: “Ik ben bekend met wat u niet bekend is en ik ben tot u gekomen uit Seba met een zekere konde. Ik heb een vrouw gevonden die over hen heerst en aan wie van alle ding gegeven is en aan wie behoort een ontzaglijke troon. Ik heb bevonden dat zij en haar volk zich nederwerpen voor de zon buiten God en dat de Satan hun hun daden schoon doet schijnen en hen daarmede afhoudt van de weg zodat zij niet rechtgeleid worden.” noot
Salomo stuurt de hop terug met een brief aan de koningin van Seba, vol instructies over hoe ze God moeten dienen. De koningin is niet meteen overtuigd, er dreigt oorlog, maar uiteindelijk onderwerpt ze zich aan Salomo en wordt ze dus monotheïste. Er heeft een koninkrijk Seba bestaan en Jemen werd monotheïstisch, maar een grotere historische kern zou ik in dit sprookje niet willen zoeken – althans, ik denk niet dat de hop ooit de correspondentie tussen gekroonde hoofden heeft verzorgd.
En een puzzeltje tot slot
Tot slot: het krantenartikel dat de aanleiding was voor dit stukje noemt dat in de verhalen van Homeros de hop Odysseus begeleidde op een van zijn tochten, maar voor zover ik kan overzien, komt het woord ἔποψ in de Ilias en Odyssee niet voor. Ook de classicus die ik raadpleegde, wist niet waarop de krant zich baseert. Ik ben wel nieuwsgierig waar dit te lezen staat. Misschien niet bij Homeros, misschien in een homerische hymne die niet gaat over Odysseus? De reageerpanelen staan voor u open.

Een jaar of acht geleden zag ik er twee ‘rondhoppen’ in de tuin van mijn zus, die dichtbij Vaison-la-Romaine woont. Wonderlijke vogels, en werkelijk prachtig om te zien. Dat ze ook wel ‘drekhanen’ genoemd worden vind ik dan weer een minder smakelijk detail, maar goed: er zijn wel meer dieren die een onaangename geur verspreiden.
Op een overigens weinig ernstige website lees ik volgende bewering:
“In Greek mythology, the hoopoe is mentioned in Homer’s “Odyssey” as one of Odysseus’ companions during his journey to the underworld. Here, the bird serves as a guide and protector, helping the hero navigate through the perilous realm of the dead.”
Vermoedelijk weer iets wat rondfladdert op het wereldwijde net en dat mensen van elkaar afschrijven zonder ook maar iets te controleren.
De hop komt bij Homerus inderdaad niet voor. De vermelding van Odysseus in de krant zou een nogal verbasterde weergave kunnen zijn van het volgende:
In “De Vogels”, een fantastische komedie van Aristophanes, treedt de hop op als het beest dat de andere vogels (die het koor vormen) één voor één tevoorschijn roept en hen bij name introduceert. Die scène wordt wel beschouwd als een parodie op (boek 11 van) de Odyssee, waar Odysseus in de Onderwereld allerlei fameuze overledenen één voor éen tevoorschijn ziet komen en hun namen weergeeft.
Dit soort reacties maken deze blog zo mooi.
Dank je wel!
‘Als Tereus bij het banket het hoofd herkent, trekt hij zijn zwaard, maar voor hij zijn zus en schoonzus kan doden, verandert Prokne in een zwaluw, Filomena in een nachtegaal, en Tereus in een hop.’
‘zijn zus’. Prokne is toch Tereus’ echtgenote en niet zijn zus?
Natuurlijk! Verbeterd, dank je wel.
De hop is overbekend in de egyptologie. De vogel was een speeltje voor kinderen, zoals o.a. op de voorkant van de beroemde ouderijks-mastaba in het RMO te Leiden, 2x is afgebeeld.
https://www.academia.edu/15366631/_The_child_and_the_hoopoe_Kmt_26_2_pp_59_63
Het gaat lekker met die wolf…
Of wordt dat bedoelt met dystopie…🤔
De wolf is niet groter dan wij hem maken.
‘Hoep, hoep, hoep!’.
Met dat verdragende geluid werden wij ooit gewekt in ons vakantiehuisje op een illuster wijngoed in Toscane.
De hopjes nestelden onder een schuur een stukje verderop, maar waren al bij het ochtendgloren bezig met het zoeken naar proviand voor hun kroost. Eenvoudig, welluidend, in de vroege Etrurische morgen. Net toen de ochtendnevels uit het dal begonnen op te trekken en er verder niets te horen viel. De nachtegaal leek eindelijk even te slapen.
Europese hoornaars waren ook onze buren. Die zaten onder het het dak. Hadden we geen last van. Ik heb nog een beginnend nest met cellen van papiermachee, zo mooi. Dat vond onze host niet zo leuk. En het dak was ook lek. Dus moesten we overal pannen neerzetten toen er een onweersbui overtrok. Gelukkig was het verder een mooie, droge zomer in Toscane.
Op de bovengrondse elektrakabels zaten bijeneters. Die zien we tegenwoordig ook steeds vaker in Nederland. Wat een vuurwerk!
Maar de hop spant toch de kroon:
‘Hoep, hoep, hoep!’