De werken van Herakles (2)

Herakles (Musée du Bardo, Tunis)

[Tweede van vijf blogjes die Dieter Verhofstadt schreef over de traditie van de Twaalf Werken van de halfgod Herakles. Het eerste was hier.]

Archaïsche poëzie

Herakles is uiteraard niet de hoofdfiguur in de Ilias noch in de Odyssee. Hij maakt deel uit van een “ouder” deel van de Griekse mythologie. Aldus wordt in beide werken eerder naar hem verwezen, als een “referentiefiguur”.

In de Ilias beschrijft Homeros (achtste eeuw v.Chr.) Herakles als de sterkste man die ooit leefde en die “vele zware werken”noot Ilias 15.639–640. moest volbrengen. Andere passages suggereren zijn zware lot, zijn geboorte en goddelijke afkomst noot Ilias 14.324–328. of verwijzen naar zijn kracht. De Ilias maakt van geen van de twaalf klassiek geworden werken expliciet melding. Wel verwijst de godin Athena impliciet naar het laatste werk:

Lees verder “De werken van Herakles (2)”

Faits divers (23): gemopper

De schreeuwende vrouw (© Kasr Al Ainy Faculty of Medicine)

Een nieuwe aflevering van de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer vooral: hoe de oudheidkunde niet in het nieuws moet komen. De trouwe lezers van deze blog kennen mijn bezwaren en mogen dit blogje dus overslaan.

***

Een hop in het NRC Handelsblad

Eerst nog even de hop, de guitige vogel waarover ik eergisteren blogde. Dat deed ik naar aanleiding van een stuk in het NRC Handelsblad waarin stond dat het diertje naar Nederland was teruggekeerd. We lazen tevens dat in de gedichten van Homeros Odysseus op zijn reis een hop had als begeleider, wat mij verbaasde omdat ik dat niet had gelezen. Verschillende mensen bevestigden: er is geen hop in de Odyssee. Gert Knepper wees erop dat de hop in Aristofanes’ komedie De vogels de andere vogels één voor één oproept in wat misschien een parodie is op Odysseus’ afdaling naar de Onderwereld. Tot er een andere verklaring is, wil ik dit geloven, maar het is gewoon jammer dat NRC Handelsblad onjuiste informatie deelt.

Lees verder “Faits divers (23): gemopper”

De hop

Hop (Zoo, Antwerpen)

Vroeger heette het milieu en tegenwoordig leefomgeving, maar evengoed verandert Nederland in een dystopie. Een doodenkele keer is er echter goed nieuws en keert zomaar een verdwenen diersoort terug. De otter, de zeearend, de bever, de wolf, de hop.

Het enige exemplaar van die wonderlijk gekuifde vogel dat ik in onze contreien ooit zag was in de Antwerpse dierentuin – zie boven. In het Midden-Oosten heb je meer kans het grappige beestje te zien en we kennen het dan ook uit allerlei antieke teksten. De Egyptenaren vereerden het dier omdat het voor zijn ouders zorgdenoot Horapollon, Hiërogliefen 1.55., terwijl de Joden deze vogel nou juist beschouwden als weerzinwekkend. noot Leviticus 11.19. Dat wil zeggen dat het noch rein, noch onrein was, maar niet paste in de categorieën en dus helemaal verontrustend was.

Lees verder “De hop”

De “Aithiopis” van Arktinos van Milete

Achilleus kijkt Penthesileia in de ogen (Mausoleum van Halikarnassos; British Museum, Londen)

Ik heb al eens eerder geblogd over de Epische Cyclus, de reeks waarin de Grieken hun mythen en heldendichten ordenden. De Ilias en de Odyssee zijn in hun geheel over; de ontbrekende epen zijn op hoofdlijnen te reconstrueren. Belangrijk daarbij zijn citaten, een uittreksel van de hand van de Byzantijnse patriarch Fotios (r.858-886) en afbeeldingen. Zo weten we heel redelijk wat de inhoud was van de Aithiopis, het zevende gedicht uit de cyclus. En het moet gezegd: Arktinos van Milete heeft een thematisch sterk verhaal vervaardigd.

De vijf boeken van de Aithiopis zijn het vervolg op de Ilias. Een antiek commentaar op Homeros’ gedicht noteert dat er Ilias-manuscripten zijn die eindigen met de slotregel

Zo begroeven de Trojanen Hektor, en meteen daarna arriveerde Ares’ dochter, de mannenverdelgende Amazone.

Lees verder “De “Aithiopis” van Arktinos van Milete”

Sofokles

Sofokles (Museo Barracco, Rome)

Het genre van de tragedie had ooit alleen een koor en een koorleider gehad. Thespis, een wat schimmige figuur uit de zesde eeuw v.Chr., was op het idee gekomen er een acteur tegenover te plaatsen. Dat was al een stuk levendiger. Aischylos, over wie ik een tijdje geleden blogde, had daar nog een tweede acteur toegevoegd, zodat werkelijk drama mogelijk was. Een generatie later voegde Sofokles (496-406 v.Chr.) er nog een derde acteur aan toe. Een van zijn stukken veronderstelt zelfs nog een vierde acteur.

Hij – ik bedoel Sofokles – introduceerde speciaal voor de gelegenheid, geschilderde decors en vergrootte ook het koor van twaalf tot vijftien zangers. U moet overigens weten dat het Grieks een melodisch accent heeft en hoewel we niet precies weten hoe het klonk, neemt wel aan dat een accent aigu tot wel een kwint hoger kon zijn. Als de vijftien zangers een stuk spreektaal declameerden, klonk het dus als vanzelf als een lied.

Lees verder “Sofokles”

Het Palladium

Palladium (Altes Museum, Berlijn)

In Jan van Akens recentste roman Het xoanon zitten wappies achter het Palladium aan, een oud beeld van de godin Athena dat, als het gevonden kan worden, de wereldgeschiedenis misschien een andere loop kan geven. Dat beeld was volgens de antieke bronnen afkomstig uit het oude Troje en belandde uiteindelijk, na wat omzwervingen, in Constantinopel.

Of beter, een van die beelden belandde in Constantinopel. Er zijn er minstens zestien geweest, die alle dienden als een soort talisman die deze of gene stad moest beschermen. We weten van elf Griekse en vijf Italische steden dat ze een Palladium bezaten.

Lees verder “Het Palladium”

Een “warrior burial” uit Kreta

Een helm met everzwijnentanden (Archeologisch Museum van Heraklion)

Een Griekse warrior burial is, zoals de naam al suggereert, het graf van een man die is begraven als krijger. Deze luxueuze graven dateren uit de Vroege IJzertijd, laten we zeggen uit de eeuw tussen 1050 en 950 v.Chr. Warrior burials zijn niet alleen aangetroffen in het Griekse moederland (Tiryns, Lefkandi…), maar ook op Kreta (Knossos) en vooral op Cyprus (Oud-Pafos, Salamis, Kourion…). De krijgers – of degenen die als krijgers werden begraven, als we heel precies willen zijn – zijn doorgaans gecremeerd en bijgezet met wapens, driepoten en andere voorwerpen van brons en ijzer. Ik blogde al eens over een man uit Oud-Pafos die is begraven met zijn badkuip.

De graven op Kreta bevatten voorwerpen die zijn vervaardigd op Cyprus of nog verder naar het oosten. Ze doen een beetje denken aan de opmerkingen uit de Odyssee van Homeros, waarin nogal wat Griekse helden via het oostelijk Middellandse Zee-bekken terugkeren naar hun moederland. In het vierde boek van de Odyssee vertelt bijvoorbeeld Menelaos aan Odysseus’ zoon Telemachos dat hij Cyprus, Fenicië en Egypte heeft aangedaan.noot Homeros, Odyssee 4.83-85, 4.615-619.

Lees verder “Een “warrior burial” uit Kreta”

De Epische Cyclus

Scène uit de Odyssee (Villa Giulia, Rome)

Oké, het zou wat overdreven zijn te zeggen dat iederéén de Ilias en de Odyssee kent. Maar toch. Een Trojaans Paard, een odyssee, de twistappel: het zijn maar wat voorbeelden die het dagelijkse taalgebruik hebben bereikt. En weet je, de Ilias en de Odyssee zijn maar twee van de twaalf gedichten van de zogeheten Epische Cyclus. De tien andere zijn verloren en wie de twee bewaarde teksten kent, kan een vermoeden hebben van de aard van het verlies. Immens.

De epische cyclus vertelt het Griekse verhaal van de wereld vanaf de schepping tot de terugkeer van de helden van de Trojaanse Oorlog. Hoe de gedichten tot stand zijn gekomen, is – oudheidkunde zijnde oudheidkunde zijnde de wetenschap van de dataschaarste – onbekend. Het lijkt er echter wel op dat de Ilias en de Odyssee, die altijd aan Homeros zijn toegeschreven, de oudste gedichten zijn.

Lees verder “De Epische Cyclus”

Oude olijfbomen

Laërtes’ olijfboom

Drie jaar geleden was ik in Souk Ahras, een klein Algerijns stadje dat ooit Thagaste heette en dat de geboorteplaats is van Augustinus. Er zijn geen opvallende resten uit de Romeinse tijd, maar achter het gemeentehuis toont men een olijfboom die, zo vertelt men, eeuwenoud is. Ik blogde er destijds over – lees maar – en schreef toen dat de christelijke veelschrijver de boom minimaal zou kunnen hebben gezien.

Het is niet de enige oeroude olijfboom. Het exemplaar hierboven staat op Ithaka en men vertelt ter plekke dat de vader van Odysseus, Laërtes, er weleens ging zitten als hij het gedonder in het paleis zat was. In Athene wijzen ze Plato’s olijfboom aan. In Libanon staan bij Bcheale zestien bomen die zouden zijn ontstaan toen Noach het olijftakje zou hebben geënt dat de duif hem na de Zondvloed had gebracht. Op de Olijfberg in Jeruzalem tonen ze u de bomen waaronder Jezus zou hebben gebeden voordat Judas hem kwam verraden.

Lees verder “Oude olijfbomen”

Het schild van Achilleus (1)

Hefaistos en Thetis met de nieuwe wapenrusting van Achilleus (Musée royal de Mariemont, Morlanwelz )

Er valt iets te zeggen vóór pseudowetenschap. De theorieën zijn vaak origineel en tonen de menselijke fantasie op haar mooist. Bovendien vinden pseudowetenschappers, steeds op zoek naar argumenten, hun aanwijzingen overal. Ze denken interdisciplinair en dat is goed. Pseudowetenschap daagt je daardoor uit na te denken over wat echte wetenschap is. Als je die uitdaging echter aangaat, lopen de rillingen je over het lijf.

Alle redenatiefouten die je aanwijst in een pseudowetenschappelijke theorie, zie je namelijk ook in de officiële wetenschap (wat dat ook moge zijn). Je zou willen zeggen dat de peer-review weliswaar niet onfeilbaar is maar excessen toch verhindert, maar je kent legio voorbeelden van het tegendeel. Je zou willen zeggen dat het zelfreinigend vermogen van de academische wetenschap blunders uiteindelijk corrigeert. Alleen weet je dat dit verrotte langzaam gaat of onvolledig is. Je zou willen zeggen dat de toetsing aan de empirie uiteindelijk allesbeslissend is. Maar je weet dat dat in de oudheidkunde niet gaat. Er is immers dataschaarste en dus onvoldoende empirie.

Lees verder “Het schild van Achilleus (1)”