
[Ik knorde afgelopen week dat er, afgezien van De erfenis van het Concilie van Nicea van Peter Nissen, geen Nederlandse publicatie was die het Concilie van Nikaia/Nicea, deze maand 1700 jaar geleden, in het zonnetje zette. Gelukkig vergiste ik me. Jaap Noordam publiceerde 1700 jaar Nicea. Drie-eenheid werd verdeeldheid. In een gastbijdrage vertelt hij meer over zijn boek.]
In de christelijke wereld wordt dit jaar stilgestaan bij het eerste oecumenisch concilie van Nicea in 325 na Chr., waar besluiten werden genomen over de geloofsbelijdenis en de gemeenschappelijke datum voor de Paasviering. Men wil bij de viering de eenheid van de kerk benadrukken. De vraag is of men bewust is van de wijze waarop deze eenheid tot stand is gekomen.
Voor theologen is het wellicht een onbewust gemiste kans als bij de viering van de ‘eenheid van de kerk’ niet wordt stilgestaan bij het feit dat het de keizers waren die de eenheid van het Romeinse Rijk nastreefden. Historici zullen vanuit het bronnenmateriaal de conclusie trekken dat het in Nicea niet ging om theologie maar om machtspolitiek. En ik deel die conclusie als Nicea geplaatst wordt in haar historische context.
Monotheïsme versus triades
Vanaf de val van Jeruzalem in het jaar 70 na Chr. verspreidden de joodse christenen zich over het gehele Romeinse Rijk. Hun monotheïstisch geloof was gebaseerd op de Tenach en de leer van Jezus en botste met de goden van het Romeinse Rijk. De keizer stond aan het hoofd van dit machtige rijk.
De staatsgodsdienst had haar centrum in Rome, waar de Capitolijnse Triade (Jupiter, Juno en Minerva) werd aanbeden in de tempel op de Capitolijnse heuvel. Al vóór de komst van de Capitolijnse Triade werden andere drie-eenheid goden in Rome aanbeden, o.a. de zogenaamde ‘Archaïsche Triade’ van mannelijke goden (Jupiter, Mars en Quirinus). In Egypte dat rond het begin van onze jaartelling was ingelijfd in het Romeinse Rijk werd Triade Osiris, Isis en Horus aanbeden. Ook Syrië kende allerlei triades.
Constantijn
Om zijn macht te tonen voerde keizer Constantijn in 321 na Chr. de zondagswet in, die bepaalde dat op zondag ieder moest rusten vanwege de vererenswaardige dag van de zonnegod.
En tijdens het concilie van Nicea zette Constantijn een stap om de eenheid van geloof in zijn Rijk te herstellen. Daarbij werd de datum voor de viering van het Paasfeest losgekoppeld van die van het Bijbelse Pesachfeest. Dit besluit nam keizer Constantijn omdat hij niets gemeen wilde hebben met ‘het gehate volk van de Joden’. En door de Zoon van God gelijk te maken aan Zijn Vader werd gebroken met leer van de Tenach en Jezus, om zo de weg vrij te maken naar een nieuwe Triade.
Het besluit om Jezus Christus, de Zoon van God, te verklaren tot God de Zoon, is niet zonder slag of stoot tot stand is gekomen. Arius en zijn volgelingen gaven het verzet niet op en na Nicea ging de strijd over de goddelijkheid van Jezus in alle hevigheid door. Aan het einde van de vierde eeuw legde keizer Theodosius tijdens het Concilie van Constantinopel voor christenen de regels voor de verering van de drie-ene God vast. Tevens beëindigden hij en zijn medekeizer Gratianus de subsidiëring van het heidendom.
Heidense en christelijke triades
De inmiddels dwingend opgelegde religieuze eenheid vormde de legitimatie voor het gewelddadig onderdrukken van mensen die de nieuwe kerkleer niet wilden accepteren. Hierdoor is een groot deel van de kerkgeschiedenis doordrenkt van het bloed van niet alleen ‘drie-eenheid ontkenners’, maar ook van Mennonieten, Hugenoten, Waldenzen, en Joden. Maar ook de Kruistochten, de Inquisitie en de Holocaust waren het resultaat van de samenwerking tussen kerk en staat. De samensmelting van de kerkelijke en wereldlijke macht werd vanaf Nicea de zondeval van de kerk. Eenheid zonder waarheid, door geweld afgedwongen, is een schijneenheid.
Bij de viering van 1700 jaar Nicea zal waarschijnlijk weinig aandacht worden besteed aan deze kant van de kerkgeschiedenis. Voor christenen van alle denominaties is het echter van belang de duistere kant van haar verleden onder ogen te zien.
***
Dit was gebaseerd op 1700 jaar Nicea: Drie-eenheid werd verdeeldheid, waarin Jaap Noordam de besluiten van Nicea plaatst in de machtspolitieke context van het Romeinse Rijk van de eerste eeuwen.
***
[Een gastbijdrage van Jaap Noordam. Dank je wel Jaap!]
Zelfde tijdvak
De echte Nikolaas van Myra (3)november 13, 2011
De Bagdadbatterijnovember 8, 2021
Split: het paleis van Diocletianusaugustus 23, 2024

“dat het in Nicea niet ging om theologie maar om machtspolitiek.”
Dat lijkt mij een schijntegenstelling. De twee sluiten elkaar beslist niet uit. In onze vaderlandse geschiedenis is het conflict tussen gomaristen en arminianen natuurlijk een treffend voorbeeld. Dat draaide zowel om calvinistische theologie als om de machtsstrijd tussen Maurits en Johan van Oldenbarnevelt.
Ik zie niet in waarom dat in Nikaia anders zou zijn geweest (als ongelovige vind ik dat iederéén daar ongelijk had, dus ik ben neutraal).
Ik wil reageren op de vraag over het beoordelingsmodel vwo Nederlands. Ik weet inderdaad hoe dat gaat, ik heb dat vele malen gedaan, maar ik zou er hier geen enkele aanleiding toe zien. Het probleem is hier dat Sven Vitse niet goed kan lezen. In de vraag is de situatie dat iemand zich boos maakt over opmerkingen. Dat is een forse reactie. Daar maakt Sven Vitse van dat ze zich stoort, en dat vind hij geen narcistische boosheid. Dat klopt, maar dat storen is een verzinsel van Vitse. In de tekst of de vraag staat dat niet. En waar Vitse vandaan haalt dat het mannelijk oordeel ….een kwestie van ego is? Niet uit de tekst of de vraag. Kortom, de in de vraag gegeven situatie past bij wat in de tekst wordt omschreven als narcistische boosheid, dus het antwoordmodel is in orde.