Toerist in Toledo

Aankomst in Toledo

Toledo, gelegen in het centrum van het Iberische Schiereiland, was in de Late Oudheid de hoofdstad van het Rijk van Toledo. Hier resideerden koningen die stamden uit een dynastie die ook wel Visigotisch wordt genoemd, wat nogal misleidend is omdat die naam een Germaans karakter suggereert dat deze vorsten totaal niet hadden. Ze waren in alle opzichten Romeins en de wetsoptekening van koning Recceswinth, het Liber Iudiciorum uit 654, is na het Byzantijnse Corpus Iuris de meest ambitieuze rechtscodificatie uit de Late Oudheid. Het Rijk van Toledo was simpelweg de post-Romeinse staat par excellence.

De stad bezit het bij mijn weten enige Visigotische museum ter wereld, en dat was één reden om er naartoe te gaan. Maar er was meer. De naam “Toledo” heeft een bijna magische klank, net zoals Venetië, Constantinopel, Damascus, Isfahan of Samarkand. In die plekken is ooit geschiedenis gemaakt en de echo’s klinken nog steeds door. Toledo als plaats van talloze laatantieke synodes, die vooruitwijzen naar de middeleeuwse standenvergaderingen. Toledo als centrale stad in de middelste grensmark van het Emiraat van Córdoba. De inname van Toledo in 1085 als keerpunt in de geschiedenis van het Iberische Schiereiland. Toledo als vertaalschool. Toledo als voornaamste bisdom in Spanje. En verder: Toledo als artistiek centrum, als plaats waar drie godsdiensten elkaar al dan niet harmonieus ontmoetten, en als locatie van beroemde romans (i.c., Het vijfde zegel van Simon Vestdijk).

Inscriptie van koning Reccared voor de Synodes van Toledo (Kathedraal van Toledo)

De stad stond al jaren op mijn verlanglijstje en ik kan alleen zeggen: Toledo overtrof alle verwachtingen. Ik zal dit narcistische winterfeuilleton niet voorzien van een uitputtende beschrijving van alles wat er is te zien, al was het maar omdat we er maar één dag konden zijn. Ik beperk me tot het Visigotisch Museum en twee moskeeën.

Visigotisch Museum

Eerst het Visigotisch Museum, dat voluit Museo de los Concilios y la Cultura Visigoda heet en is gebouwd in de dertiende-eeuwse kerk van San Román. Die is zelf ook een bezoek waard, want het is een prachtig voorbeeld van de mudejar-stijl, d.w.z. christelijke kunst met invloeden uit het Arabische zuiden. Geen romaanse rondbogen of gotische spitsbogen dus, zoals je in de dertiende eeuw misschien zou verwachten, maar hoefijzerbogen, en inscripties in Arabische letters.

Jezus geneest een blinde (El Salvador-kerk, Toledo)

De collectie op zich is niet heel groot en bestaat vooral uit architectuurfragmenten, al zijn er ook munten te zien en inscripties, replica’s van votiefkronen, gebruiksvoorwerpen en een afgietsel van een zesde-eeuwse pijler die is te zien in de kerk van El Salvador. Die is opmerkelijk, omdat die kerk teruggaat op de Grote Moskee van Toledo, waar de christelijke reliëfs op deze pijler blijkbaar nooit aanstoot hebben gegeven.

Het fijne zit vooral in het feit dát dit museum er is, want de zesde en zevende eeuw zijn een beetje een vergeten periode, terwijl het koningschap van Toledo een hoge symboolwaarde heeft gehad: de laatmiddeleeuwse christelijke koningen bewezen meer dan eens lippendienst aan een geïdealiseerd herstel van het door de Arabieren onderworpen koninkrijk, en die claim is blijven bestaan na de Late Middeleeuwen. In Madrid staan op de Plaza de Oriente tegenover het koninklijk paleis twintig achttiende-eeuwse standbeelden van heersers, die een verband suggereren tussen de bewoners van het paleis en de Visigotische koningen.

Votiefkroon (Visigotisch Museum)

Het museum in Toledo deelt deze visie op een continuïteit van het Rijk van Toledo via de christelijke rijkjes naar het moderne Spanje niet. Het toont het Rijk van Toledo als de laatantieke staat die het was, met laat-Romeinse trekken en vroeg-middeleeuwse trekken. Met een geestelijkheid en met een vorst. Er is weinig aandacht voor het leger: ook vooroordelen over het gewelddadige karakter van de zesde en zevende eeuw worden niet bevestigd. Ook worden geen pogingen gedaan de Visigotische heersers te presenteren als Germanen – de naam “Visigoten” is te ingeburgerd om nog te veranderen, maar is ook wat misleidend. In elk geval: het museum is de moeite van een bezoek meer dan waard.

Moskeeën

We bezochten ook twee voormalige moskeeën. Een daarvan is vernoemd naar een kerk die er later is ingericht en staat bekend als de Mezquita del Cristo de la Luz. Het is een beeldschoon monumentje, gebouwd in 999 na Chr., op een steenworp van een eveneens Arabische stadspoort, de Bab el-Mardum. De versieringen zijn gemaakt van baksteen, zodat deze moskee weliswaar heel sober is (want wat is nou eenvoudiger dan baksteen?) maar ook heel expressief gedecoreerd. Ik houd hiervan, zoals ik ook houd van de Amsterdamse School. Toen de moskee in gebruik was genomen als kerk, zijn fresco’s aangebracht die ook heel mooi zijn.

Mezquita del Cristo de la Luz

Even hoger op de heuvel ligt de Mezquita de Tornerías. Die is helemaal bijzonder. Je loopt vanaf de straat een huis binnen, en de vertrekken op de begane grond zijn al vrij monumentaal, met allerlei natuurstenen bogen. De functie is niet helemaal duidelijk. Daaronder ligt een cisterne. Deze twee niveaus waren in de Visigotische en Arabische tijd in gebruik. Er onder zijn wat resten uit de IJzertijd, en de moskee is gebouwd op de tweede verdieping. Het is prachtig ontsloten.

Deze moskee werd gebruikt door een gezelschap dat bekendstaat als de Broederschap van Yami’ al-Wadi’a, wat weleens wordt vertaald als “bewaring”. Een document uit de vroege vijftiende eeuw bewijst niet alleen dat er toen nog moslims in Toledo woonden, maar dat de leden van de Broederschap ook nog Arabisch spraken, huwelijken inzegenden volgens islamitisch recht, aalmoezen verzorgden, uitvaarten regelden en twee winkels verhuurden. De huuropbrengst werd gebruikt voor het onderhoud van de moskee.

El Greco, De begrafenis van de graaf van Orgaz

Tot slot

Ik kwam in Toledo ogen tekort. We betraden de stad over de Puente de Alcántara, we passeerden de Puerte del Sol, we bekeken de kathedraal (waar je eigenlijk een hele dag voor moet uittrekken), we bezochten het Sefardisch Museum ofwel de Sinagoga del Tránsito alsmede de even verderop gelegen Sinagoga de Santa María La Blanca. In de kerk van Santo Tomé hebben we verbluft gekeken naar El Greco’s schilderij van “De begrafenis van de graaf van Orgaz”, wiens graf daar trouwens ook werkelijk is.

Toledo heeft veel, veel meer te bieden, maar wij hadden slechts één dag. Geen bezoek dus aan het klooster van San Juan de los Reyes, aan het Alcazar of aan het El Greco-museum. We hadden er langer moeten blijven. Drie dagen minimaal. Maar we hebben de dingen gezien die we echt het meest wilden zien, en het is beter ergens te kort te zijn geweest dan er überhaupt niet te zijn geweest.

Morgen: Valencia.

Deel dit:

11 gedachtes over “Toerist in Toledo

  1. Truus Pinkster

    Dankjewel Jona, voor dit verslag van je bezoek aan Toledo.
    Ook ik was daar eens, gelukkig langer. En de prachtige stad kwam terug door jouw verhaal en illustraties Zoals bijvoorbeeld de toegang over de brug.

    Truus Pinkster

  2. Eén dag in Toledo is inderdaad te weinig, dat heb ik zelf ook ondervonden. Maar het was wel een onvergetelijke dag met voor mij als persoonlijk hoogtepunt het Visigotische museum. En als persoonlijk dieptepunt de kathedraal van Toledo, het contrast met de kerk van het Visigotische museum is gewoon stuitend. Aan de christelijke wijk zijn we simpelweg niet toegekomen (er is ook een joodse en islamitische wijk).

    Wel moet ik Jona een beetje tegenspreken: er is een museum voor Visigotische kunst in Merida en ook dat vond ik de moeite waard. (Maar als je moet kiezen, ga naar Toledo).

    Nog een tip voor mensen die net als wij kamperen: ga op de camping El Greco van Toledo staan en ga ’s avonds in het restaurant eten. Vanaf het terras heb je een prachtig uitzicht over een verlicht Toledo.

  3. Gerdien

    Ik was ook maar één dag in Toledo, en het is te weinig. We liepen de Pulsera de Toledo, een toeristen route met polsbandje voor alle entrees. Het Visigotisch museum staat niet op de lijst van die Pulsera. We moeten er vlak achterlangs gelopen hebben.
    Eén dag is ook te weinig voor Segovia.

  4. Robbert

    Nog een toerist in Toledo, helaas! ook niet meer dan een dag, maar toch…
    De stad is een geweldig reisdoel.
    Alleen al de entree over de Puente de San Martin, de foto die ik maakte is minder dan die van Jona, met de fraaie weerspiegeling in de Taag. (Escher maakt een eeuw geleden een ets van de brug, ook met weerspiegeling)
    Inderdaad, voor de kathedraal heb je uren nodig, een grandioos gebouw vooral van binnen, met een overstelpende roomskatholieke overdaad, alleen al El Transparente! Al is de simpele sierlijkheid van bv. de Sinagoga de Santa María La Blanca veel meer mijn smaak.
    Maar om die kathedraal in verband te brengen met het woord stuitend? Waar zit de weerstand, ook bij mij, protserige fraaiheid misschien, schitterende hoogmoed? zoiets …

    1. Wat stuit me tegen de borst aan de kathedraal van Toledo? Inderdaad de protserigheid, de overdaad aan goudverf, kijk eens hoe rijk we zijn! Dan is het verschil met de kerk van het museum enorm.

      Hetzelfde gevoel had ik bij de aan elkaar verbonden kathedralen in Salamanca: de oude is ontzettend sfeervol, bijna kaal, vergeleken met het overdreven gedoe in de nieuwe. Als humanist zou ik in de oude kathedraal gelovig kunnen worden, in de nieuwe zou ik me er nog verder van afkeren. In beide gevallen overigens onmogelijk…

  5. De stad van Bahamontes 😉 Ik was er in zomer 2024 voor de tweede keer en overweeg om er ook aanstaande zomer weer een paar dagen te bivakkeren. Zeer de moeite waard.

  6. Fried Deelen

    Vergeet ook de recente geschiedenis niet. In 1936 belegerden de republiekeinen het alcázar, waar de militairen onder leiding van kolonel Moscardó partij hadden gekozen voor de nationalen, gedurende zeventig dagen. De verdediging was ver in de minderheid maar ze hadden een enorm wapenarsenaal dat de republiekeinen graag in hun handen hadden. Die laatsten vierden de overwinning -te vroeg naar bleek, Toledo werd niet ingenomen. Een Stalingrad in het klein, dus. Van het alcázar was nauwelijks nog iets over.

Reacties zijn gesloten.