Driemaal Don Quichot

Je kunt de wereldliteratuur verdelen in ruwweg twee categorieën: (a) ridderromans en (b) andere romans. De tweede categorie gaat niet over ridders en is dus eigenlijk alleen interessant voor specialisten, terwijl in de eerste categorie de Quichot alle andere verhalen overbodig maakt. U hoeft in uw leven dus maar twee boeken te lezen: het eerste deel van de Quichot en het tweede.

Deze op zich overzichtelijke situatie wordt enigszins gecompliceerd door het feit dat talloze auteurs inspiratie hebben ontleend aan de avonturen van de weergaloze ridder van La Mancha. Aangezien een goed voorbeeld goed doet volgen, zijn de afgeleide kunstwerken doorgaans prima verteerbaar. Ik sprak al eens over Graham Greenes Monsignor Quixote, een van mijn lievelingsboeken. Vandaag drie stripverhalen.

Lees verder “Driemaal Don Quichot”

De ware edelman

De hofdwerg van Filips IV (detail van Velasquez’ “De hofdames“)

In het tweede deel van de Quichot zitten enkele hoofdstukken waarbij ik me altijd wat ongemakkelijk voel: het verblijf aan het hof van een hertog en een hertogin, die zich vermaken door wrede grappen uit te halen ten koste van de weergaloze ridder uit La Mancha en zijn schildknaap. Het ongemak zit erin dat ik het niet vind aangaan dat je mensen bespot die het minder hebben getroffen dan jij, zoals iemand die lijdt aan een geestelijke ziekte en niet meer in staat is feit en fictie te scheiden. Daarmee heb ik medelijden, maar tot ver in de achttiende eeuw was het volkomen normaal met zulke mensen de draak te steken.

Wie van adel was, had wel ergens een dwerg rondlopen om zich mee te vermaken. Zie het plaatje hierboven: de hofdwerg van de Spaanse koning Filips IV. Een bezoek aan de ongelukkige verpleegden in het dolhuis was vroeger een geliefd uitje. Iemand die zich verbeelde een dolende ridder te zijn, was een legitiem doelwit van vroeg-zeventiende-eeuwse treiterijen. Cervantes en zijn lezers hebben geen moment gedacht dat het gedrag van de hertog en hertogin ongepast was. En dat zegt iets over de wijze waarop Cervantes de Quichot heeft bedoeld.

Lees verder “De ware edelman”

ISIS en Don Quichot

Don Quichot en Sancho Panza (Spanjeplein, Brussel)

Eh, hoe zat het ook alweer met de ridder met het droevige gelaat? Mijn excuus eerst, want ik ga u twee alinea’s lang dingen vertellen die u al weet.

Don Quichot ziet bordelen aan voor kastelen en molens voor reuzen. Als hij mensen uit een benarde situatie bevrijdt, blijken het bandieten. Hij is echter eerlijk, hij is oprecht, hij is nobel. Hij is, met andere woorden, precies wat Cervantes zegt dat hij is: een edelman.

Hij is ook krankzinnig, maar zijn vrienden houden van hem. Eén van hen verkleedt zich als ridder en verslaat hem in een duel, waardoor de ongelukkige uiteindelijk thuis komt en daar de zorg krijgt die hij nodig heeft. Heel keurig, maar de man gaat dus mee in de wanen van Don Quichot. Idemdito Sancho Panza: hij gaat geloven in de betovering van Dulcinea, hoewel hij die zelf heeft verzonnen. Het motief dat Cervantes hiermee aansnijdt is hetzelfde als dat in Ettore Scola’s Enrico IV: wie is de echte gek, de man die niet weet wat de werkelijkheid is, of de man die willens en wetens meegaat in andermans waan? Een vergelijkbare vraag: wie is de echte edelman, de verarmde ridder met het zuivere hart of het rijke hertogelijk paar, dat zijn sadisme op een geesteszieke uitleeft?

Lees verder “ISIS en Don Quichot”

Monsignor Quixote (2)

In het eerste deel van dit stuk wees ik op het gekunstelde karakter van Graham Greenes boek Monsignor Quixote. Deze onnatuurlijkheid doet gelukkig niet af aan de leesbaarheid. Zoals ik al zei is de vriendschap van de twee mannen schitterend getekend, terwijl hun gesprekken ergens over gáán.

De afgelopen vijftig eeuwen – zo lang dus als we de geschiedenis kennen – zijn de meeste mensen op een of andere wijze religieus geweest. Een humanist kan dat niet zomaar als irrelevant terzijde schuiven: het verlangen naar Iets Hogers, wat dat ook moge zijn, is blijkbaar onderdeel van het mens-zijn. Omgekeerd zijn de antwoorden die de godsdiensten tot op heden hebben geboden te beperkt, te tijdgebonden, te irrationeel om in onze tijd nog te overtuigen. Voor beide standpunten valt iets te zeggen en Greene geeft aan beide ruimte, waarbij hij vooral onderstreept dat zekerheid iets is voor tevredenen en legen.

Lees verder “Monsignor Quixote (2)”

Monsignor Quixote (1)

greene_quixote

Ineens wist ik aan wie de nieuwe paus, Franciscus, me deed denken: aan Monseigneur Quichot, de hoofdpersoon van een in 1982 verschenen roman van Graham Greene. Ik gebruik het woord “roman”, waarmee de schrijver zelf de tekst aanduidde, met aarzeling. De grenzen van het genre zijn inmiddels zó ver opgerekt dat vrijwel alle lange prozateksten er nu onder vallen. Er valt best met zo’n nietszeggend etiket te leven, maar bij Monsignor Quixote is het toch wat problematisch. Het is eerder het scenario van een road movie (en is dan ook verfilmd) of een klassieke tragedie, compleet met expositie, complicaties, climax, consequenties en catastrofe.

Het beste laat de tekst zich lezen als filosofische dialoog. Aan de ene zijde staat de eenvoudige dorpspriester van El Toboso, Monseigneur Quichot (inderdaad: afstammeling van), die gelooft in het belang van de christelijke waarden, ook nu de kerk gecorrumpeerd is geraakt. Dat laatste slaat vooral op de specifieke problemen van het katholicisme in het Spanje van Franco, maar de titelheld erkent ook de meer structurele problemen. Zijn antagonist Sancho is de linkse burgemeester van het dorp, die meent dat er in de failliete boedel van het communisme nog iets ligt van waarde.

Lees verder “Monsignor Quixote (1)”

Het gezicht van Cervantes

Cervantes

Cervantes, de schrijver van Don Quichotte, ligt begraven in een klooster in Madrid. De exacte plaats van het graf is niet bekend, maar een team van archeologen wil dat gaan veranderen. Hun hoop is om aan de hand van Cervantes’ schedel zijn gezicht te reconstrueren. Moeilijk zal het allemaal niet zijn, want de schrijver had maar één arm, dus de identificatie zal weinig problemen opleveren.

Lees verder “Het gezicht van Cervantes”

Don Quichot

Muurschildering in Alkmaar, Spanjaardstraat

Vanmorgen werd ik wakker gemaakt door een SMS van mijn zus, die me schreef dat haar zoon was begonnen te lezen in een boek dat ik hem een paar maanden geleden cadeau had gedaan: een goed gemaakte kinderversie van Cervantes’ Don Quichot. Eerlijk gezegd vond ik het boek te moeilijk voor het kind, maar het is een pienter knaapje met een groot gevoel voor taal, dus ik was toch niet verbaasd dat hij er al in was begonnen.

Ik ben benieuwd hoe hij erop zal reageren. Het gegeven is grappig genoeg: een ridder die niet in de gaten heeft dat de romans die hij leest niet over de werkelijkheid gaan. Dan zie je inderdaad een windmolen voor een reus en een bordeel aan voor een kasteel. (Bordeel? Ik ben vergeten te kijken hoe de bewerkers daar omheen hebben geschreven.)

Lees verder “Don Quichot”