Mohisme 2: de “Mozi” (1)

Blad uit de Mozi

[Kees Alders schrijft over de oosterse filosofische stromingen. Een inleiding was hier. De eerste serie over de Chinese filosofie stond daar en we zijn inmiddels aanbeland in de derde serie: over Meester Mo, over het boek Mozi en de leer van het mohisme. Het eerste deel is hier.] 

Het mohisme moet in de Periode van de Strijdende Staten een belangrijke en invloedrijke stroming zijn geweest, ieder geval invloedrijk genoeg om  confucianisten en taoïsten te motiveren de mohisten herhaaldelijk van repliek te dienen, in onder andere de Analecten en de Zhuangzi, twee sleutelwerken van het vroege confucianisme en het taoïsme.

Lees verder “Mohisme 2: de “Mozi” (1)”

Mohisme 1: wie was Meester Mo?

Munt uit de Periode van de Strijdende Staten (Residenzschloss, Dresden)

[Kees Alders schrijft over de oosterse wijsgerige stromingen. Een inleiding was hier. De eerste serie over Chinese filosofie stond daar en deze week begint de derde reeks, gewijd aan Meester Mo, het boek Mozi en het mohisme.] 

Stel: je bent geboren in China in het jaar 475 v.Chr. Dat is aan het begin van de IJzertijd, en ijzer werd onder meer gebruikt voor betere werktuigen in de landbouw. Je leeft daarmee in een tijd van een landbouwrevolutie. Terwijl je ouders en grootouders noodgedwongen boer waren, heb jij de kans gekregen om je te specialiseren, en bijvoorbeeld timmerman te worden.

Lees verder “Mohisme 1: wie was Meester Mo?”

Confucius 8: Waar staat Confucius?

Hert uit de tijd van Confucius (Museum für Kunst und Gewerbe, Hamburg)

[De komende tijd zal Kees Alders enkele blogseries schrijven over de antieke Chinese en Indische filosofische stromingen. Een inleiding was hier. De eerste serie over China stond daar. Hier is het achtste blogje uit de tweede reeks over China: over Confucius. De introductie las u hier.] 

Zoals eerder gezegd: in het confucianisme staat altijd het leren en studeren centraal. Het doel daarvan is het cultiveren van de moraal, en daarmee het vormgeven van de maatschappelijke orde van een menselijke samenleving, die alleen daarmee kan bestaan.

Confucius is daarin niet dogmatisch, en al helemaal niet metafysisch. Dat waarover we geen kennis kunnen hebben, vindt Confucius de moeite van het bestuderen niet waard. Hij concentreert zich liever op praktische zaken en het hier en nu, en heeft een hekel aan speculatie over vragen als die naar het hiernamaals of de aard van de Hemel. In dat laatste verschilt hij wezenlijk van het taoïsme (daoïsme), dat we later zullen bespreken.

Lees verder “Confucius 8: Waar staat Confucius?”