Omar Khayyam (1)

Moderne buste van Omar Khayyam

Een tijdje geleden kreeg ik van mijn ouders de mooie Nederlandse vertaling die J.T.P. de Bruijn heeft gemaakt van de kwatrijnen van Omar Khayyam, De ware zin heeft niemand nog verstaan (2009 Bulaaq). Een goed gevonden cadeau, want ik houd erg van deze poëzie en heb om die reden tweemaal in het Iraanse Nishapur een bezoek gebracht aan het graf van de dichter, die leefde van 1048 tot 1131.

Misschien houd ik van Omar Khayyam omdat ik te weinig geduld heb om me echt in een gedicht te verdiepen. Ik ben daardoor makkelijk te imponeren en het moet gezegd: het kwatrijn is een dichtvorm waarmee je de meest platvloerse gedachten nog iets kunt laten lijken. In de woorden van Drs.P.:

Reeds door ’t aaba-rijm te hanteren
is men in staat om wat men wil beweren
– ja, zelfs al komt het uit een kermiskraam –
nog altijd als een kleinood aan te smeren.

Toch denk ik dat de woorden van de goede doctorandus in het geval van de Perzische dichter wat al te makkelijk zijn. De Rubaiyat, zoals de verzamelde kwatrijnen worden genoemd, zijn bewust ambigu en zijn op zeker twee manieren te lezen. Ik heb bovendien het vermoeden dat er nog een derde manier is om ernaar te kijken. Maar daarover in de volgende post.

Op het eerste gezicht lijkt Omar Khayyams poëzie te gaan over het genieten van al het mooie dat het leven te bieden heeft, waaronder de wijn, een motief dat in de kwatrijnen vaak naar voren komt.

Let niet op hen die dit bestel aanvaarden,
maar drink een koppig glas met fijnbesnaarden.
Zovelen die de hoogste top begeerden,
zijn weg en zie je niet terug op aarde.

Het graf van de dichter: een wijnbeker - omgekeerd omdat er niet meer ingeschonken hoeft te worden
Het graf van de dichter: een wijnbeker: omgekeerd omdat er niet meer ingeschonken hoeft te worden

Het is een les van alle tijden, van Prediker 9.7 tot Bergmans film Het zevende zegel, waarin iemand op een gegeven moment opmerkt nooit een prettige picknick en het smakelijke eten te zullen vergeten. Maar eerlijk is eerlijk: het is wel een kermiskraamfilosofie. Zo onweerlegbaar waar dat het oninteressant wordt.

Maar wijn is, zoals ik al eens eerder schreef, ook een metafoor die we aantreffen in de poëzie van de islamitische mystici, de soefi’s. De kern van hun leer is de radicale liefde tot God en de ontkenning dat er in deze wereld ook maar iets zou kunnen zijn dat even waardevol is. Dit wordt vaak uitgedragen door radicale en provocerende beeldspraken of daden, waarmee de waarden van deze wereld belachelijk worden gemaakt.

En zo krijgt de wijn uit de kwatrijnen van Omar Khayyam mogelijk een andere betekenis. In de loop van de Middeleeuwen werd deze drank namelijk in steeds meer islamitische landen verboden. Wie de goddelijke gelukzaligheid vergeleek met de drankroes, provoceerde de goegemeente evenzeer als Gerard Reve deed toen hij schreef seks te willen hebben met God in ezelgedaante. Soefi’s provoceerden om mensen aan het denken te zetten, ze waren tekenen van tegenspraak.

Maar was Omar Khayyam wel een soefi?

[wordt vervolgd]