Greeks Bearing Gifts

Een van de gruwelijkste gebeurtenissen in de aan gruwelijkheden niet bepaald arme Tweede Wereldoorlog was de vernietiging van de joodse gemeenschap in Thessaloniki. De Duitse bezetter – om eens een eufemisme te gebruiken – liet de joden weten dat ze hun lot voor veel goud konden afkopen, waarop zij eerst een vermogen betaalden en daarna evengoed werden afgevoerd. Afgevoerd naar wat de Duitsers aankondigden als het door hen op de Sovjet-Unie veroverde Baltische gebied. Het joods museum in Thessaloniki toont foto’s van mannen die in de hete Griekse zon gymnastiekoefeningen moesten doen, zogenaamd om te kijken of ze wel sterk genoeg waren voor hun nieuwe leven. Ik hoef niet uit te leggen dat de treinen hen niet vervoerden naar Riga of Vilnius.

Het joods museum bevat niet zo heel veel materieel erfgoed. De Duitsers hebben de joodse gemeenschap, ruim 50.000 mensen groot, niet alleen uitgeroeid maar ook uit het verleden weggewist. De joodse begraafplaats, ruwweg op de plek van het huidige archeologische museum, is compleet vernietigd en je krijgt het als bezoeker te machtig als je in dat museum ziet hoeveel oudheden als provenance “voormalig joodse begraafplaats” hebben. Degenen die terugkeerden, wachtte een kille ontvangst: niet alleen waren ze hun bezittingen kwijt, maar hun huizen waren vergeven aan hun medeburgers en de regering had zaken aan het hoofd die misschien niet belangrijker waren maar wel urgenter, zoals de burgeroorlog. Veel Griekse joden reisden daarom door naar het Britse mandaatgebied in Palestina, wat Thessaloniki’s oude bijnaam “Moeder van Israël” een wrange nieuwe betekenis gaf.

Kan een gebeurtenis als deze de achtergrond vormen voor een detectiveroman? Het is lastig, maar Philip Kerr heeft al talloze keren bewezen dat het kan. Zijn voornaamste personage, de anti-held Bernie Gunther, is een hard-boiled detective die in vooroorlogs Berlijn zeer tegen zijn zin enkele zaken moet oplossen voor Nazi-kopstuk Heydrich. Die weet weliswaar dat Gunther de nazi’s haat als de poorten van de hel maar heeft af en toe een gewoon goede agent nodig. In latere romans zwerft Gunther naar Argentinië en de Caraïben en blijkt zijn eerdere betrokkenheid bij het nationaalsocialisme een garantie dat hij steeds opnieuw in de problemen raakt. Het aardige is daarbij Gunthers voortdurende zelfbegoocheling: hij vindt zichzelf cynisch, terwijl de lezer in de gaten heeft dat hij een beter mens is dan hij van zichzelf weet. Ik vond Field Grey het beste deel uit de reeks, maar ik zou u adviseren te beginnen met de Berlijnse boeken.

[hierna enkele spoilers]

Greeks Bearing Gifts verscheen eerder dit jaar en is helaas niet het sterkste deel. De plot over het goud dat de joden van Thessaloniki moesten opbrengen en dat nooit meer is teruggevonden, bevat teveel toevalligheden. Zo verhindert een bijna-hartaanval dat Gunther een achtervolging afrondt en de zaak oplost voordat hij zelf in moeilijkheden raakt. Nu duurt het boek nog twee derde langer. Aan het einde wist ik van twee subplots nog altijd niet hoe die waren verbonden met de hoofdplot: misschien waren ze opgenomen om het portret van Gunter wat kleur te geven (het einde suggereert dat Kerr daaraan veel was gelegen), misschien hadden ze iets te maken met de eigenlijk handeling (wat je eigenlijk wel verwacht bij Kerr) en had ik het niet goed begrepen. Het stoort gelukkig niet werkelijk.

Wél storend vond ik het simplistische gebruik van Griekenland als decor. Eén van Kerrs troeven is zijn grondige documentatie, maar dit keer is die tegelijk te beperkt en te nadrukkelijk. Te beperkt: hij verwijst vooral naar het klassieke erfgoed terwijl de Grieks-orthodoxe traditie, de strijd tegen de Turken en de Burgeroorlog weliswaar niet geheel onvermeld blijven, maar nogal worden overschaduwd. Zelfs de oprichting van de Europese Economische Gemeenschap – het verhaal speelt in 1957 – krijgt meer aandacht. Te nadrukkelijk: de verwijzingen naar de klassieke cultuur zijn er vaak met de haren bij gesleept, zoals in de titel, die nergens op slaat. Of neem de priester van wie wordt gezegd dat hij eruitziet als een Dorische zuil.

Je herkent als lezer te gemakkelijk het receptenboekje: Kerr heeft een goede plot in elkaar geschroefd, kruidt het verhaal door om de zoveel woorden wat couleur locale in te voegen en kiest daarbij voor steeds hetzelfde type informatie. Dit gemünstermann had ik niet verwacht van een routinier als Kerr.

Die routine staat ondertussen garant voor een boek dat boeiend blijft en uitloopt op een mooi einde, waarin Gunther ook zelf in de gaten krijgt dat hij een beter mens is dan hij wilde weten. Gunther krijgt de gelegenheid ­nog iets te doen dat goed is en niet toevallig is het laatste woord van het boek atonement. Deze afloop verraste me, maar toen bedacht ik dat Kerr eerder dit jaar is overleden. Misschien heeft hij zijn personage een mooi einde gegund – en dat verklaart dan het positieve zelfinzicht dat doorbreekt – en heeft Kerr het boek niet helemaal meer zo breed kunnen documenteren als hij wilde.

Ondertussen biedt ook Greeks Bearing Gifts, welke zwakten het ook heeft, datgene wat alle boeken over Bernie Gunther een meerwaarde gaf: een goed gebrachte geschiedenisles over de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog en over de lange nasleep daarvan.

Bedankt Philip.

30 gedachtes over “Greeks Bearing Gifts

  1. Robert Vermaat

    Ik had ergens vernomen dat dat heel veel Joods materieel erfgoed in Thessaloníki na de oorlog door de lokale autoriteiten is vernield. Klopt dat?

    1. Ik weet het niet.

      Enerzijds zijn er Griekse verraders geweest die blij waren van de joden te zijn verlost. Anderzijds zijn er buitengewoon veel dappere Grieken geweest die hun nek uitstaken voor hun landgenoten en gelden als “rechtvaardigen onder de volken”. En ik weet eigenlijk niet goed wat ik als autoriteit zou doen, in een burgeroorlog.

  2. FrankB

    “maar Philip Kerr heeft al talloze keren bewezen dat het kan.”
    Oneens. Lange tijd geleden heb ik twee of drie titels gelezen (ik weet niet meer welke; onder andere die waarin Bernie in een concentratiekamp terecht komt) en wat ik miste was de grauwe, onheilspellende sfeer die Eric Ambler in zijn voorloorlogse romans zo treffend wist op te roepen.

    1. A. Minis

      Daar ben ik het mee eens. Ik heb alle boeken van Philip Kerr gelezen, met veel plezier, maar ze maakten niet genoeg indruk op mij om ze ooit te herlezen. Te gemoedelijk.
      Geef mij maar Spion Aan de Muur, John leCarré. Ijzingwekkend.
      Eric Ambler ken ik niet, ga ik opzoeken. Bedankt voor de tip.

      1. Roger van Bever

        Eric Ambler is geweldig goed. Ik heb destijds een vijftal boeken van hem gelezen, waarvan ik ‘Het masker van Dimitrios ‘ het best vond. Penguin Books geven hem weer uit. Hij is een tijd uit de belangstelling geweest maar zijn boeken raken weer in de belangstelling.
        Penguin books zegt over hem:

        Eric Ambler (1909-1998) was one of the most fascinating British writers of the late 1930s. His novels retain a remarkable sense of the dread and terror that filled Europe as world war broke out. Some were made into films (not least Orson Welles’ superb version of Journey into Fear), all were bestsellers, inventing a new, more realistic form of spy novel, where the main protagonist is not so much a hero as a victim, pursued by malevolent Fascist forces of overwhelming power. These are paranoid stories, but written at a time when paranoia was disturbingly close to common sense.

        Ik zou zijn werk niet beter kunnen ‘in a nutshell’ kunnen typeren dan wat hieboven gezegd wordt.

    2. Je hebt vermoedelijk zijn debuut gelezen, March Violets. Ik vond zijn tweede boek, The Pale Criminal, al volwassener. Met zijn derde boek, A German Requiem, bereikte Kerr het niveau dat hij daarna redelijk lang vol hield.

    3. Roger van Bever

      Mee eens: ik vraag mij af wat de reden is dat ineens de spionageromans weer in de belangstelling komen. De gespannen situatie en de angst in de hedendaagse werld?
      Eric Ambler was heel goed. Wil hem herlezen!

  3. Roger van Bever

    Ik heb al een tijdje een paar ‘Philip Kerr’ boeken in huis. Nog niet aan begonnen. Nu bezig met C.J. Sansom’s Winter in Madrid. Zeer aanbevolen.

  4. Roger van Bever

    Jona, nog even iets terzijde, het heeft niets met thrillers te maken. Er is een nieuwe Engelse vertaling verschenen van de Odysseia van de hand van Emily Wilson, die alom geprezen wordt. Ik heb het boek meteen besteld, omdat er 25 % kassakorting wordt gegeven, hoe lang weet ik niet. Ook de lange inleiding en de kaartjes De namenlijst achterin is uitgebreid, maar de uitspraak is Engels natuurlijk. Ook goed notenapparaat die het verhaal echt verheldert.
    Boek ziet er mooi uit (hardcover). Ik heb al een deel van boek 1 gelezen en het is mooi en leest vlot. Voor alle lezers van je blog van harte aanbevolen!

  5. In het boek ‘De duisternis tegemoet’ van Gitta Sereny (over Franz Stangl, de kampcommandant van Treblinka) lees je hoe het afloopt met de joden uit Thessaloniki. Binnen 3 dagen na aankomst op het station van Treblinka waren ze allemaal ‘verwerkt’, d.w.z. vergast en verbrand.

    1. FrankB

      Een kleine correctie: Stangl was ongeveer een jaar commandant van Treblinka. Ervoor was hij commandant van Sobibor en erna heeft hij ook nog het één en ander uitgevreten. Die korte periode maakt hem alleen maar schuldiger, want zo weinig tijd had hij nodig om de boel te organiseren, waar zijn voorganger in Treblinka er een chaos van had gemaakt.

  6. Wilfried Dierick

    Op ‘Goodreads’ zie je boekbesprekingen van lezers.
    Vergelijk bijvoorbeeld de * met de ***** voor “The Mask of Dimitrios” !

  7. Henriette Broekema

    Hoe kan iemand met plezier deze boeken lezen, met gruwelijkheden die nog niet eens fictie zijn, maar die werkelijk hebben plaatsgevonden?

    1. Robert Vermaat

      Ik kan niet voor anderen antwoorden en zelf lees ik dit genre niet, maar ik denk dat het lukt omdat het in een fictie-vorm geschreven is. Dat creëert een afstand die het de lezer mogelijk maakt om zich te concentreren op de persoon en het plot, en de gruwelijkheden op de achtergrond te laten.

      1. Ik denk dat we nog twee stappen verder kunnen gaan. De eerste: er zit altijd een verhalend element in een feitelijke beschrijving. Je vat bijvoorbeeld samen “er vielen duizend doden” in plaats van “Jan en Marie en Petra en Karel en …”. Daar begint de verdichting al, hoe feitelijk ook.

        In de tweede plaats: zelfs zakelijke beschrijvingen van gruwelen worden vertrouwd. “Maus”, met de plaatjes van dieren, was zo schokkend omdat het een nieuwe vorm vond om het verhaal van de Holocaust te vertellen.

        https://mainzerbeobachter.com/2013/02/11/maus/

        1. Henriette Broekema

          Deze reacties zetten mij wel aan het denken. Vooral de blog uit 2013 over Maus van striptekenaar Art Spiegelman is indrukwekkend. Ik sta gewoon niet stevig genoeg in mijn schoenen om deze hel van de recente menselijke geschiedenis volledig tot mij te nemen, in wat voor vorm dan ook.

  8. A. Minis

    Natuurlijk kan niemand voor anderen spreken. Ik denk dat het Kwaad nu eenmaal fascinerend is. “Plezier” is misschien ook niet het juiste woord.

  9. Henriette Broekema

    De vader van een vriendin van mij had in een concentratiekamp gezeten en hij sprak daar altijd over met een lichte vorm van ironie, vaak zelfs met humor. Later heb ik begrepen dat dit misschien de enige manier is om er überhaupt over te kunnen spreken. Dezelfde conclusie blijkt uit een prachtig essay van Nadia Sels
    https://biblio.ugent.be/publication/1092900/file/6745139.doc
    Hierin onderzoekt zij hoe het komt dat de goden in de Ilias zich onbekommerd als onverantwoordelijke kleuters kunnen gedragen, terwijl diezelfde goden door mensen in tempels met groot respect worden vereerd. Zij baseert zich op een analyse van de filosoof Hans Blumenberg van het werk van Homeros. Volgens Blumenberg heeft de ironie dezelfde functie als de mythe: beide moeten de overweldigende dreiging van de werkelijkheid controleerbaar houden. Als de strijd over Troje het hevigst is, geeft Zeus de andere goden toestemming om eraan deel te nemen en op dat moment wordt de tragedie van het slagveld vervangen door een hilarische parodie, waarover Zeus zelf, hoog gezeten op de Olympus, zich een deuk zit te lachen. Alleen in mythe en ironie kan de mens de wereld en zijn tegenstrijdigheden en absurditeiten op een veilige afstand houden en zijn Angst ervoor dragelijker maken.

  10. Henk Smout

    Philip, Philip toch! Naast de titel zitten is een doodzonde, hebben ze je dat niet op school geleerd?
    ‘Literatur ist Fiktion’, ooit eerste zin van het eerste college van een serie over literatuur. Een voorbeeld is hoe in ’t echt de Spanjaard anders heette en ziek in Berlijn achterbleef, evenwel in ‘A Man without Breath’ uit 2013 met de internationale artsencommissie verder oostwaarts reisde en in Katyn werd vermoord met als motief een nog te schillen appeltje uit de Spaanse burgeroorlog.
    Maar dat Kerr blijkt te denken dat Volksduitsers in het Poolse officierskorps westelijk van de Oder zijn geboren, daar heeft hij het toch niet goed begrepen.

    1. In een van zijn eerste boeken, ik meen het allereerste, verwijst hij ergens naar de Clayallee in Berlijn, zonder zich te realiseren dat die was vernoemd naar Lucius Clay (van de luchtbrug).

Reacties zijn gesloten.