Slonzige journalistiek

De schat van de Haarlemmermeer (Haarlemmermeermuseum)

Misschien is “misschien” wel het allerfijnste woord van de journalistiek. Je begint een zin met “misschien” en kunt daarna elk superlatief gebruiken dat je wil, zonder dat je het hoeft te controleren. Neem de redactie-binnenland van de nieuwssite van de NOS – die ik op zich buitengewoon waardeer.

Misschien wel de grootste muntenschat ooit gevonden in Nederland was vandaag heel even in zijn geheel te zien in het streekmuseum Goeree-Overflakkee.

700 losse en 2300 samengeklonterde munten is indrukwekkend en ik baal ervan dat ik vandaag niet was in Sommelsdijk, maar dit is slonzig. Nodeloos slonzig. Als de redactie even de moeite had genomen te googelen op “grootste muntenvondst” + “nederland”, wat toch niet buitensporig ingewikkeld is, dan zou ze, enigszins afhankelijk van de personalisatie die Google toepast op de zoekresultaten, vermoedelijk bij de eerste vijf hits deze link hebben gehad naar de schat van de Haarlemmermeer.

Bij Abbenes zijn in oktober 1920 niet minder dan 12.389 Romeinse munten gevonden, vrijwel zeker afkomstig uit een scheepswrak. Ze zijn in 1950 aangekocht door het Rijksmuseum van Oudheden, dat in de nieuwe opstelling een deel ervan tentoonstelt. Een ander, klein deel is te zien in het Haarlemmermeermuseum. De jongste munten zijn van keizer Valens, wat betekent dat het schip met deze munten is vergaan rond 375 n.Chr.

Dit is in elk geval Nederlands grootste Romeinse muntschat. Ik sluit niet uit dat uit andere tijdvakken grotere schatten bekend zijn. Met anderhalve minuut werk zou de redactie-binnenland van de NOS hebben geweten dat de schat die vandaag één dag werd tentoongesteld, niet de grootste was. Maar blijkbaar was dat teveel werk. Want ja, waarom zou je googelen als je, door je stukje met “misschien” te beginnen, jezelf al hebt ingedekt tegen kritiek?

Ik zal nooit beweren dat ik foutloos ben, en nu ik dit schrijf schieten me zo een paar gevallen te binnen waar ik argeloos een superlatief gebruikte, maar als ik de kans heb, verbeter ik mezelf. In de herdrukken van al mijn boeken heb ik de suggesties overgenomen uit de recensies. Hopelijk doet de NOS dat nu ook.

18 gedachtes over “Slonzige journalistiek

  1. roepers

    De archeologisch adviseur oppert dat het misschien een roofschat is, van bijvoorbeeld Rode Klaas, een Amsterdammer die roofde in opdracht van de koning van Denemarken. Ik had geen idee wie Rode Klaas was en wanneer hij leefde. Ik heb gegoogeld, maar dat leverde geen enkele hit op. Ik ben trouwens nogal huiverig om een dergelijke (anonieme) schat in een weiland aan een bepaalde naam te verbinden. Dat is het probleem van dergelijke potten met geld. Het verhaal ontbreekt.

    1. Frans

      Ik beschouw mezelf als een beetje een piratengek, maar mij zegt die naam ook niks. De enige piraat die ik kan verzinnen die in de buurt komt is Klaus Stortebeker, maar dat was geen Amsterdammer en die vocht juist tegen de Denen.

  2. Er is inderdaad geen enkele reden om niet meteen in de eerste regel te zetten dat het gaat om een middeleeuwse schat.

  3. Manfred

    Het blijkt om een citaat van de vinder te gaan en er wordt nadrukkelijk bij gezegd dat dit ‘grootste’ slaat op niet-Romeinse munten.

    “‘Het is mogelijk de grootste muntenschat uit de Middeleeuwen’, zegt vinder Arco Hoekman. ‘Een unieke vondst.’ In Nederland worden wel vaker muntschatten gevonden, maar dan gaat het meestal om Romeinse munten.”

    Niet fair om de NOS de schuld te geven van wat de vinder zegt terwijl de NOS het nota bene nog nuanceert.

    1. De lead van het artikel parafraseert die woorden, dus dan gaat het om meer dan een citaat en is de auteur zelf verantwoordelijk geworden voor de stelling. In het geval van een eenvoudig te falsifiëren bewering kun je dat gemakzuchtig noemen.

  4. Theo Joppe

    Omdat het geslacht Joppe uit Sommelsdijk stamt toch maar even een reactie… het is natuurlijk helemaal niet relevant hoeveel munten er zijn gevonden. Vaak is één munt significanter dan zo’n schat — zie Jona’s eerdere opmerking over een Romeins muntje in Japan.
    Dit stamt uit de 14e/15e eeuw, maar volgens mij was het toen vrij rustig in Zeeland? Het zou wel leuk zijn als een (lokaal) historicus hier duiding aan zou kunnen geven. Zo’n bedrag begroef je niet zo maar, en de Zeeuwen al helemaal niet (om maar eens een cliché in leven te houden).

    1. Theo Joppe

      Tja Jacob, zo ver was ik ook al; maar eer iemand zo’n bedrag begraaft moet er echt iets serieus aan de hand geweest zijn. En dan komt iemand met “een roofschat van Rode Klaas”? Kletskoek, natuurlijk. Weer een archeoloog die zich bezondigt aan interpreteren (en dat is hun vak niet). Vandaar mijn suggestie dat een lokaal historicus hier meer licht op zou kunnen werpen.

  5. jan kroeze

    Ach ja,die numilliten ze liggen hier nog steeds. Ik geloof dat ik het nu op de juiste manier geschreven heb, je weet maar nooit.

      1. Ja goed idee, plak ik er van die zachte stofjes onder. Schuift lekker, ik weet niet meer hoe die stof heet, laat staan dat ik zou weten hoe je dat schrijft.
        Een leuk probleem hierbij van Jan Voormans Zwart op 1,6,7,12, 14, 17,,20,21,32, 36 37
        Wit op: 18,23, 26,28,29,33,35,40,41,43,46.; wit begint.
        wit begint mmet28-22, veel plezier gewenst. Vanaf nu geen gezeur meer mijnerzijds over dammen of schaken, dit is toevallig de blog van Jona, weet je nog?

  6. jan kroeze

    Jona, vandaag kregen we jouw boekje toegestuurd van een vriendin van mijn vrouw met een leuk tekstje van jou. Hiervoor mijn dank.

    1. Dirk

      Ik snap het wel, wat niet betekent dat ik het goedkeur. Die munten uit Abbenes zijn verloren gegaan bij een scheepsramp. Toeval, natuurkrachten, saa-haai.
      De middeleeuwse muntschat is doelbewust begraven. Dat is van een andere categorie. Waarom? Door wie? Veel interessanter, want mensen en motieven.

      1. jan kroeze

        motieven? hebzucht, angst, nou noem maar op.
        zo zie je maar weer dat hetgeen je bezit op weg is naar anderen.

  7. Otto Cox

    Wat mij buitengewoon irriteerde aan het artikel was het niet vermelden van een wat nauwkeuriger tijdsaanduiding. Het maakt nogal verschil of het de 7e of 14e eeuw betreft. Allebei middeleeuwen.

  8. Christo Thanos

    Tja, ik lees in de Volkskrant van vandaag (8 april) dat 90% (!) van de gepubliceerde wetenschappelijke onderzoeken in gerenommeerde tijdschriften niet reproduceerbaar zijn. Onderzoeken die eindeloos geciteerd worden en weer gebruikt worden als uitgangspunt boor verder onderzoek, beleid, enzovoort.

    Ik vraag me af wat bij de gemiddelde kijker van een nieuwsflits van 30 seconden als van de schatvondst blijft hangen. Dan valt voor mij details over de datering in het niets met het bovenstaande wat waarschijnlijk niet het journaal zal halen.

Reacties zijn gesloten.