De Germanen (4) Meer geschiedenis

Germaans krijgersgraf (Römisch-Germanisches Museum, Keulen)

[Dit is het vierde van zes blogjes over de Germanen. Het eerste was hier.]

In het vorige blogje had ik een begin gemaakt met een geschiedenis van de Germanen, een geschiedenis die grotendeels een geschiedenis is die door Romeinse auteurs wordt verteld. Maar die vertelden niet altijd de hele waarheid. Eén factor die ze niet lijken te hebben herkend, is dat de Elbe-Germanen de andere groepen wat opduwden richting Rijn.

Romeinse controle

Je kunt ook zonder legers een land beheersen, en dat was Romes nieuwe beleid voor de regio tussen Rijn en Donau. Het is grappig dat er enerzijds een culturele discussie was over “de Germanen”, die konden worden gepresenteerd als nobele wilden en als degenen tegen wie een Romeinse man kon bewijzen wie ’ie was, terwijl het concrete beleid was gericht op samenwerking met losse stammen of volken – dus niet “de Germanen”, maar de Chamaven, de Bructeren of zo. Rome wees leiders aan, stamkrijgers dienden in de Romeinse legers, en er was handel. Publius Cornelius Tacitus zegt ergens tussen neus en lippen door dat de Germanen het meeste hielden van “de oude munten” en dus voldoende wisten om te herkennen dat de Romeinen met het zilvergehalte sjoemelden. De Germaanse kooplieden wisten heel goed wat ze deden.

Een Romeins overwinningsmonument uit Mainz (Landesmuseum, Bonn)

Er is dus een fikse tegenstelling tussen enerzijds de teksten, waarin de furor Teutonicus een angstbeeld was en “de” Germaan een vervaarlijke tegenstander, en de aanzienlijk harmonieuzere praktijk, waarin Germanen als groep geen rol speelden. Natuurlijk waren er gewelddadige episodes, maar Rome was altijd pragmatisch. Ook toen het steeds meer defensieve posities innam: eerst forten op stenen funderingen, toen de annexatie van het Zwarte Woud (de Agri Decumates; Romes eerste grensbekorting), later stenen forten.

De eerste werkelijke crisis vond plaats ten tijde van keizer Marcus Aurelius, die weer in het offensief ging en probeerde Bohemen te annexeren. Het Germaanse graf uit Mušov dateert uit deze tijd. Hij overleed in 180 en zijn zoon Commodus zag af van het moeilijk verdedigbare gebied. Dat deze grenssector nog decennia lang behoorde tot de rustigste gebieden in het Romeinse Rijk, toont dat dit verstandig was.

Germaanse wapens uit Illerup (Landesmuseum, Bonn)

Veranderingen

In bronnen over de derde en vierde eeuw lezen we voortdurend over oorlog aan de Rijn en Donau. En het is waar dat Rome tijdens de Crisis van de Derde Eeuw het Zwarte Woud weer ontruimde en overliet aan een nieuwe groep die daar ontstond: de Alamannen. Maar niet alles is wat het lijkt. Om te beginnen waren de Alamannen nog bijna een eeuw lang Romes trouwste bondgenoten, met door Rome goedgekeurde leiders, tot Rome ze verruilde voor de Franken.

En niet elk militair conflict was reëel. Een keizer kon zich bewijzen met een eclatante (of als eclatant gepresenteerde) overwinning, en dus sprak men van eclatante overwinningen. Feitelijk ging het echter om strooptochten waarbij zoveel mogelijk krijgsgevangenen werden gemaakt, die dienst konden doen in de Romeinse legers. Sommige Germaanse vorsten sloten verdragen en traden zo in dienst van de keizer. Talloze graven documenteren de enorme schaal waarop Germanië manschappen leverde.

Germaans edelsmeedwerk, gevonden in het Thorsberger Moor (Landesmuseum, Bonn)

Late Oudheid

Toch veranderden er dingen. Ik noemde vorsten, en die duiden op een hiërarchischer Germaanse samenleving. Ze regeerden ook over grotere groepen: de Franken, de Alamannen, de Saksen. Dit waren federaties van oudere stammen. De expansie van de Elbe-Germanen ging ook gewoon verder, mede mogelijk doordat Rome de militaire beheersing van het gebied tussen Rijn en Weser had ingeruild voor een meer diplomatieke beheersing. Het gebied werd gaandeweg overgenomen door de oosterburen. Stammen die in de eerste eeuw nog aan de Elbe of de Oder woonden, vinden we later in de vierde eeuw in het westen. Daar waren het trouwe bondgenoten van Rome, zoals de Bourgondiërs, die uiteindelijk de Romeinse rijksverdediging in de sector rond Worms overnamen. Individuen deden dienst als bodyguard voor de keizer, zoals Hariulf.

Er was eigenlijk zo veel verschil niet meer tussen Germanen en Romeinen. De Germanen – ik bedoel: de bewoners van het Overrijnse – hadden al heel lang de Romeinse bevelen, de Romeinse betalingen en de Romeinse bewapening overgenomen. En omgekeerd. Mensen die waren geboren in het Romeinse Rijk, droegen mantelspelden van een Germaans type. De enorme populariteit van een Latijnse naam als Barbara is interessant: men was niet bang voor de veronderstelde “barbaren”, ondanks de keizerlijke propaganda, die de Franken eindeloos presenteerde als monsters.

Spangenhelm van een Frankische krijger (Landesmuseum, Bonn).

De niet zo grote volksverhuizingen

Het waren geen Germaanse barbaren die Rome in 410 plunderden: het was het leger van de rebellerende Alarik, dat was samengesteld uit allerlei etnische groepen, waaronder afstammelingen van de in het vorige blogje genoemde oostelijke groep, zeg maar uit Polen. Hierbij horen de Goten: berucht in onze bronnen, maar niet helemaal de boemannen die de Romeinse propaganda ervan maakte. Ze dienden in allerlei Romeinse legers. Zo ook de Franken. De Schat van Lienden bewijst dat er nog ten tijde van keizer Majorianus (r.457-461) samenwerking was tussen het hof in Italië en de Franken.

Als er een bewapend conflict was tussen een laat-Romeins leger en een Germaans leger, dan werd dat steevast door de Romeinen gewonnen. Heel veel verschil was er niet meer tussen deze gevarieerd samengestelde legers. Uiteraard is het niet zo dat Europa in de vijfde eeuw helemáál niet veranderde. De tijd was gewelddadig, maar afgezien van de Leidse historicus Mark Rutte is er geen enkele wetenschappelijk geschoolde geschiedkundige die, een eeuw na Henri Pirenne, nog beweert dat dat iets te maken heeft grotevolksverhuizende Germanen.

De Germanen maakten vanouds deel uit van het Romeinse leger. En toen het staatsapparaat wegviel, bleef dat leger bestaan – deels als een roofleger, deels als de instelling die met vallen en opstaan enige mate van rust garandeerde. Het Rijk van Toledo, het Vandalenrijk in de Maghreb, het Italië van Theodorik de Grote en Merovingisch Gallië vormden de Romeinse toekomst.

[Wordt vervolgd]

Deel dit:

7 gedachtes over “De Germanen (4) Meer geschiedenis

  1. FrankB

    “Sommige Germaanse vorsten sloten verdragen en traden zo in dienst van de keizer.”
    Een goed voorbeeld van wederzijds voordeel. Die vorsten en hun onderdanen leerden het één en ander over oorlog voeren.

    “Er was eigenlijk zo veel verschil niet meer tussen Germanen en Romeinen.”
    Dat stond me meteen tegen in The Last Legion. Odoaker is daarin een stereotype barbaar. Niet alleen is het historische flauwekul, het is een gemiste kans qua drama (denk ik).

  2. Kees Voorburg

    Lijkt een wet van Meden, Persen, Romeinen, Byzantijnen, Arabieren en wellicht ook Chinezen: hoe groter het rijk, des te langer de grenzen en des te kostbaarder het wordt deze te bewaken. Soms heeft de heersende Baas een briljant idee waarbij de verdediging van die grenzen voor een forse jaarlijkse beloning wordt uitbesteed aan een volkje dat daar toch al rond huppelt. Duur, maar slechts een fractie van wat het zou kosten om die grensbewaking zelf ter hand te nemen. Dat gaat goed en iedereen is gelukkig tot er een gezagscrisis ontstaat in het centrum van dat Rijk (en de jaarlijkse betaling uitblijft), wanneer het opperhoofd sterft en er een strijd om de opvolging losbrandt bijvoorbeeld. Wanneer die crisis een tijd aanhoudt, komen die ingehuurde volkjes in de verleiding voor zichzelf te beginnen. Nogal wiedes; zou ik ook doen. Rome/ Milaan/ Ravenna verkeerde in de 5e eeuw in een bijna permanente gezagscrisis…

    M.a.w. wat in West Europa gebeurde in de 5e eeuw is niet zo uniek als je zou denken. Denk aan de rol van de Turkse stammen die door Bagdad werden ingehuurd om de noordelijke grenzen te bewaken.

    Of spreek ik nu voor mijn beurt?

    Terzijde: nu ik het toch over Turken heb, zou ik graag meer willen leren over het rijk der Gökturken dat ooit op de Krim aan het knokken was en, zo ongeveer tegelijk (late 6e eeuw) China bekampte. Korea bleek een brug te ver. Kan iemand een goed boek daarover aanbevelen?

  3. Ben Spaans

    In het kader van maak zelf je eigen (korte) film met AI Het Verhaal van Romulus Augustus https://youtu.be/dYY_UA3U-9g?si=Wqic6M68kNOJCxND

    Dat er helemaal of haast/vrijwel/eigenlijk.geen verschil meer was tussen Romeinen en Germanen gaat misschien te ver. De Germaanse succesierijken in het voormalige Westelijke rijk hielden de Romeinse structuur niet op hetzelfde niveau overeind.

Reacties zijn gesloten.