Libanon, najaar 2024

De graffiti in Libanon kunnen nog een jaartje mee

Het zal de vaste lezers van deze blog niet zijn ontgaan dat ik de laatste tijd wat vertaalde reisverslagen over Libanon heb geplaatst. Die zullen het geweld daar niet ten einde brengen, maar ik hoop dat ik u kan tonen wat het is dat er momenteel wordt weggebombardeerd: een land met een eigen, historisch gegroeide, opvallend pluriforme cultuur. Die stukjes eindigen met een verzoek om te doneren. Niet iedereen kan geld missen, maar kennis delen kan altijd en reisverslagen zijn tenminste lichtvoetig.

De situatie nu

Vandaag toch even een stukje dat niet lichtvoetig is. Zoals u weet bestookt de Israëlische luchtmacht het sjiitische zuiden en de sjiitische wijken van Beiroet zo ongeveer elke dag. Honderdduizenden mensen zijn uitgeweken naar het noorden. Er is sprake van een miljoen mensen, van anderhalf miljoen mensen. Ik weet niet hoe ze dat tellen, maar al zou het de helft zijn: dit is onthutsend. In Libanon wonen vier miljoen Libanezen, anderhalf miljoen Syrische vluchtelingen en een kwart miljoen Palestijnse vluchtelingen. Zelfs als er “maar” een half miljoen displaced persons zijn, is dat een extreem probleem.

Mijn vrienden in Libanon maken het op zich goed. Hun huizen zijn niet vernietigd. Dat wil niet zeggen dat ze van het geweld niets ervaren. Iemand uit de Bekaavallei schrijft me dat ze heeft gehoord van tientallen mensen die samen met hun hele familie, inclusief kinderen, zijn gedood. Een ander, woonachtig in Beiroet, weet me te vertellen dat bij hem in de straat vluchtelingen hun auto’s hebben geparkeerd en dat hele families daarin wonen. De reguliere bewoners stellen het sanitair in hun huizen ter beschikking.

Hulpverlening

Het is vandaag de dag een cynisch geluk bij een ongeluk dat Libanon de laatste jaren zoveel problemen heeft gehad en dat er al hulpdiensten werkzaam zijn. Een vriendin werkt bij Catholic Relief Services (zeg maar Cordaid) en schrijft me over dertig shelters waar vluchtelingen zijn ondergebracht. U moet daarbij denken aan schoolgebouwen, waar tot nu toe onderwijs werd gegeven en die nu dus voor opvang worden gebruikt.

Die gebouwen verkeren echter in een slechte staat, want Libanon heeft de facto geen overheid die het onderwijs financiert. Over het algemeen hebben de gezinnen werkelijk alles verloren: hun huis, hun baan – en helaas niet zelden ook familieleden en vrienden. Ze hebben op dit moment dus ook alles nodig, en moeten terugvallen op hulporganisaties voor voedsel, hygiënische artikelen, dekens en matrassen.

Aangezien het er niet naar uitziet dat die mensen snel terug kunnen keren, worden die woonplekken nu wat verbeterd. U moet daarbij denken aan het aanbrengen van scheidingswanden, zodat de mensen enige privacy hebben en rust om zichzelf te hervinden. Deuren worden voorzien van sloten, ramen worden vervangen, douches worden geïnstalleerd.

De opvangplekken zijn te klein en te weinig. Mijn vriendin noteert dat haar organisatie dertig shelters beheert en dat is natuurlijk een druppel op de gloeiende plaat; andere organisaties hebben ook zulke tijdelijke onderkomens – er zijn er in totaal 900 – maar ook dat is veel te weinig. De meeste displaced persons hebben geen opvang en voor hen is de situatie natuurlijk nog erger. Ze leven op straat, zoals ik hierboven al noemde, en verzamelen zich op de pleinen en parken.

Migratie?

Er is vanouds een grote Libanese diaspora, die vanouds geld stuurt naar het moederland. Het is voor Libanezen nu aantrekkelijk om te vertrekken. Ik was vorige maand op Cyprus en zag dat daar al voor de Israëlische aanval een Libanese kolonie was ontstaan. Het moet voor Libanezen nu verleidelijk zijn te vertrekken naar andere landen, en ik weet dat rijke mensen hun biezen pakken. Maar een oplossing is dat niet.

U voelt al aankomen wat ik schrijf: als u wat kunt missen, doneer. Ik ken zoveel mensen uit Libanon die, ondanks de enorme moeilijkheden waarmee hun land kampt, altijd vriendelijk en voorkomend blijven. Ze verdienen uw hulp.

Deel dit:

Een gedachte over “Libanon, najaar 2024

Reacties zijn gesloten.