
Ik vertelde in het vorige blogje over de gelukkige manier waarop Alexander de Grote in de vroege zomer van 334 v.Chr. de stad Sardes in handen had gekregen. Daarvandaan marcheerden de Macedoniërs verder naar het zuiden. Op de Karabelpas zal Alexander ongetwijfeld het hierboven afgebeelde, eeuwenoude reliëf zijn getoond waarvan men vertelde dat het de legendarische Egyptische koning Sesostris voorstelde. Volgens de verhalen had hij in lang vervlogen tijden de hele wereld veroverd en overal zijn beeltenis in rotsen laten uithouwen, om zo te tonen tot hoever hij was gekomen. We weten niet wat Alexander ervan vond.
Efese
De Macedoniërs trokken door een vruchtbaar gebied, waar de oogst rijp op de velden stond. De bevoorrading verliep probleemloos en drie dagen na hun vertrek uit Sardes bereikten ze Efese. De democraten, die juist de oligarchen hadden verdreven, bereidden Alexander een warm welkom. Zoals Arrianus aangeeft, was het bijltjesdag:
Het volk van Efese, bevrijd van zijn vrees voor de oligarchen, maakte zich op om korte metten te maken met degenen die [de Perzische huurlingencommandant] Memnon hadden willen binnenhalen, de tempel van Artemis hadden geplunderd, het beeld van [Alexanders vader] Filippos in dat heiligdom omver hadden gegooid en op de markt het graf hadden geschonden van Heropythos, de bevrijder van de stad. [De oligarchische leiders] Syrfax, zijn zoon Pelagon, en de zoons van zijn broers werden uit het heiligdom gesleurd en gestenigd. Maar Alexander verbood iedereen om verder achter de anderen aan te gaan en wraak te nemen, want hij besefte dat het volk, als het de kans kreeg, met de schuldigen ook onschuldigen zou doden, uit persoonlijke haat of om zich meester te maken van hun eigendommen.noot
Opnieuw mengde Alexander zich in de interne aangelegenheden van een zelfstandige stadstaat en dat was voldoende om de sympathie die de Efesiërs aanvankelijk voor hem hadden gevoeld als sneeuw voor de zon te doen smelten. Wellicht is op deze plaats en tijd de door Ploutarchos vertelde anekdote ontstaan dat Alexander was geboren in de nacht waarin de Artemistempel afbrandde, en dat de tempelbrand een voorteken was van de rampen die de Macedoniër zou veroorzaken.noot De gespannen situatie zou misschien zijn geëscaleerd als Alexander niet had toegezegd dat de stad geen belasting hoefde betalen en het bedrag mocht schenken aan de tempel van Artemis.

Milete
Tot nu toe was de Macedonische opmars voorspoedig verlopen, maar inmiddels was de Perzische vloot op weg naar het noorden, naar Milete. Het zou erom spannen, want de Griekse commandant van de grote havenstad had aangekondigd dat hij zich zou verzetten tegen de Macedoniërs. Alexanders admiraal Nikanor bracht snel zijn oorlogsbodems om het voorgebergte van Mykale heen en bezette het heuvelachtige eilandje Lade, dat de haven van Milete beheerste. (Het bestaat tegenwoordig niet meer als eiland omdat de baai is dichtgeslibd.)

De Perzische vloot, vierhonderd schepen, arriveerde drie dagen later. De vlootcommandanten hadden gehoopt gebruik te kunnen maken van de havens bij Milete, maar konden niet om Lade heen en waren gedwongen uit te wijken naar Kaap Mykale. Hoewel hun vloot talrijker was, lag ze te ver van het strijdtoneel af om een rol te spelen.

Intussen had Alexander zijn hoofdkwartier ingericht te Priëne, waar zijn huis nog steeds wordt aangewezen. Vanuit zijn achtertuin had hij uitzicht op Milete, Lade en Mykale. Ook de Macedonische cavalerie was in Priëne ingekwartierd en voerde aanvallen uit op Perzische zeelieden die bij Mykale zoet water zochten. Dat dwong de Perzen uit te wijken naar het nabijgelegen eiland Samos. Zelfs al werd er niet gevochten in Priëne , het was een zware tijd voor de bewoners en Alexander liet zijn waardering blijken door de stad een tempel te schenken voor de stadsgodin Athena.

Toen de Macedonische belegeringsmachines eenmaal bij Milete waren aangekomen, was het lot van de havenstad bezegeld. Met stormrammen sloegen de aanvallers een bres in de muur en stormden Milete binnen. De Macedoniërs doodden op driehonderd man na alle Griekse huurlingen en Alexander legde een groot garnizoen in de stad, die waarschijnlijk een zware belasting moest betalen. Dat dit voortaan geen “tribuut” meer heette maar gold als “contributie” aan de Macedonische krijgskas, zal de pijn niet hebben verzacht.
Voor de Perzische vloot zat er weinig anders op dan onverrichter zake terug te keren naar het zuiden. De strijd zou zich verplaatsen naar Halikarnassos, waar Alexander een vergeten nederlaag zou lijden.
[Momenteel is de Week van de Klassieken. Het programma vindt u daar. En dit was het 6000e blogje op deze plek. Dank voor uw belangstelling!]
Zelfde tijdvak
Achaimenidisch Perzië (2)oktober 14, 2023
De slag bij Ipsosjanuari 12, 2023
Olympisch kampioenapril 16, 2019

Gefeliciteerd met je 6000e kindje!
Wat mij altijd opvalt bij de verhalen over Alexander de Grote is zijn enorme handelingssnelheid. Heel vaak is hij zijn tegenstanders te vlug af, ook hier weer. Is dat een terugkerend literair motief, of was dat ook werkelijk zo? Of weten we dat eigenlijk niet?
Zeker weten doen we het niet, zoals meestal. Maar snelheid van handelen lijkt mij een goed antwoord op de vraag hoe Alexander het voor elkaar kreeg om bv. in slechts drie veldslagen het hele Perzische Rijk te onderwerpen.
Z.e.s. d.u.i.z.e.n.d.
Dat is een felicitatie waard.
Ik heb een Griekse munt van 400 BC met daarop het hoofd van Alexander de Grote, Ik heb ook een munt waarop de godin Athene staat afgebeeld.
Ik vermoed dat die munt iets jonger zal zijn, want Alexander regeerde van 336 tot 323. 😉
I stand corrected.
Gefeliciteerd met de zesduizend.
Elke dag een blogje produceren (en zorgen dat je ook nog iets op de plank hebt voor magere tijden) is zeker een felicitatie waard!