De veldslag bij Issos

Albrecht Altdorfer, De slag bij Issos (1529)
Albrecht Altdorfer, De slag bij Issos (1529)

In 340 v.Chr. intervenieerde het Perzische Rijk in Europa. Drie legers staken de Hellespont en Bosporus over en ondersteunden de stad Perinthos, die werd belegerd door de Macedonische koning Filippos II. De gebeurtenis zal weinigen hebben verbaasd. De Perzen hadden niet lang daarvoor, toen de Atheners wat al te machtig dreigden te worden, namelijk al gedreigd tweehonderd oorlogsbodems naar het Egeïsche Zee-gebied te sturen, wat de Atheners schielijks had doen inbinden. Ook Filippos nam zijn verlies – de tweede nederlaag in een koningschap dat al twintig jaar duurde – maar stuurde vanaf dat moment aan op een vergeldingscampagne in Azië.

Daartoe lokte hij eerst een conflict uit met Athene en Thebe, die hij vernederde in de slag bij Chaironeia (338). Vervolgens dwong hij de Griekse stadstaten zijn bondgenoten te worden in een campagne naar het oosten. Onnodig te zeggen dat de soldaten die zo mee zouden gaan, in feite als gijzelaars instonden voor rust in hun moedersteden.

Lees verder “De veldslag bij Issos”

Alexanders opvolgers

Seleukos (Een onwaarschijnlijk goed bewaard bronzen beeld uit de Villa van de papyri in Herculaneum)

Het is wat, met alle corona en polarisatie, en ik kan me voorstellen dat u in alle drukte even niet paraat hebt hoe het ook alweer zit met de diadochenoorlogen. Kan de beste overkomen hoor, maakt u zich geen zorgen, ik praat u wel even bij.

Alexander de Grote stierf op 11 juni 323 v.Chr. en zijn kolonels benoemden zijn broer Arrhidaios tot koning. Dat was nogal een besluit, want de man was verstandelijk beperkt en er moest dus een regent komen, Perdikkas. Ze hadden ook Alexanders oudste zoon kunnen benoemen, Herakles, maar diens moeder Barsine behoorde bij een hoffactie die in deze tijd op z’n retour was. De kolonels spraken bovendien af dat als Alexanders echtgenote Roxane, die op dat moment in verwachting was, een zoon zou krijgen, ook deze als koning zou worden erkend. Dat werd Alexander IV.

Lees verder “Alexanders opvolgers”

Misverstand: Persepolis

Het paleis van Darius

In de eerste weken van 330 v.Chr. veroverde Alexander de Grote de hoofdstad van het Perzische Rijk, door de Grieken aangeduid als Persepolis, “Perzenstad”. Toen hij aan het begin van de lente weer verder trok, liet hij de prachtige paleizen in brand steken. Onze bronnen spreken elkaar tegen over de aanleiding: volgens Arrianus gebeurde het na beraadslagingen en was erover nagedacht, volgens Curtius Rufus en Ploutarchos was het een dronkemansactie.

Dat leidde tot een oudheidkundige discussie over de vraag welke van de twee versies de juiste was, maar daaraan gaat een vraag vooraf: vielen de paleizen wel ten prooi aan de vlammen? Zo is bijvoorbeeld het paleis van Darius de Grote intact gebleven: weliswaar zijn de lemen muren en het houten plafond vergaan, maar de deuren, kozijnen en muren zijn perfect bewaard en vertonen geen spoor van vandalisme.

Lees verder “Misverstand: Persepolis”

Misverstand: Alexander de idealist

Alexander als wereldheerser (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Misverstand: Alexander beoogde de eenheid van de mensheid

Een van de leukste antieke genres was de showrede, die enigszins vergelijkbaar is met de onzintoespraken die bij ons carnaval worden geïmproviseerd. Het was een oud genre: we weten dat Gorgias van Leontini al in de vijfde eeuw v.Chr. een lofrede hield op Helena van Troje, die volgens de meeste van zijn tijdgenoten niets anders was geweest dan een overspelige vrouw. Eeuwen later liet de Griekse publicist Ploutarchos (46-ca.122) zich uitdagen tot een redevoering over het geluk van Alexander de Grote. Daarbij zei hij onder meer:

Degenen die door Alexander werden onderworpen waren beter af dan degenen die hem ontsnapten, want aan het miserabele bestaan van de laatsten maakte niemand een eind, terwijl de overwinnaar de eersten, goedschiks of kwaadschiks, welvaart bracht. Als ze niet zouden zijn onderworpen, waren ze onbeschaafd gebleven. Als de filosofen zich erop laten voorstaan dat ze ruwe en ongevormde karakters beschaven en corrigeren, dan kan Alexander, die ontegenzeggelijk de woeste aard van talloze stammen heeft veranderd, beslist worden beschouwd als een heel groot filosoof.

Lees verder “Misverstand: Alexander de idealist”

Misverstand: Gaugamela

Alexander met ramshoorns (Numismatisch museum, Athene)

Misverstand: Bij Gaugamela vond een belangrijke veldslag plaats

Sparta zou, nadat het Athene had verslagen, de machtigste staat van Griekenland moeten zijn, maar het was een omstreden hegemonie. In 395-386 verdedigde het zijn heerschappij tegen een coalitie van Argos, Korinthe, Thebe en Athene, dat van de Perzische koning een nieuwe vloot ter beschikking had gekregen. Meer oorlogen volgden. De Thebanen wisten de macht van de Spartanen te breken in de slag bij Leuktra, Athene verwierf en verloor een tweede bondgenootschap, en vanaf 354 tot 346 waren alle Griekse stadstaten met elkaar in oorlog.

De voornaamste resultaten van al dit bloedvergieten waren een snelle ontwikkeling van de krijgskunst, almaar grotere invloed voor Perzië en het verlies van Griekse controle over de gebieden in het noorden, waar de stammen van Macedonië zich verenigden. Vanaf 346 beheerste hun koning het noorden van Griekenland en het voornaamste Griekse heiligdom, Delfi.

Lees verder “Misverstand: Gaugamela”

Waarom klassieken? (3)

Ptolemaios I Soter (Metropolitan Museum, New York)

Eén van de plaatsen waar de Griekse beschaving na Alexanders veroveringen voet aan de grond kreeg, was het Egyptische Alexandrië, de hoofdstad van het koninkrijk dat generaal Ptolemaios voor zichzelf had opgebouwd. In Babylonië had hij de soms wel twee millennia oude bibliotheken gezien waarin alle menselijke kennis zou worden bewaard. Alexander had het belang ervan meteen onderkend en delen laten kopiëren voor Aristoteles, die altijd al had aangedrongen op het aanleggen van bibliotheken en soortgelijke inventariseringen van bestaande kennis.

Geïnspireerd door de Griekse filosofie en een Babylonisch voorbeeld had Ptolemaios het Mouseion gesticht. Daar konden de werken worden geconsulteerd van de navolgenswaardige auteurs uit het Griekenland van de vijfde en vierde eeuw, alsmede vertalingen van oosterse teksten, zoals de astronomische waarnemingen uit Babylon, de Bijbel, stukken Egyptische mythologie en praktische curiosa als het reisverslag van de Karthaagse ontdekkingsreiziger Hanno. Het concrete belang van vooral de Griekse literatuur was immens: de stabiliteit van de Griekse bestuurskaste in het Ptolemaïsche Rijk werd erdoor gewaarborgd, en dat droeg op haar beurt bij aan de rust in het koninkrijk.

Lees verder “Waarom klassieken? (3)”

Waarom klassieken? (2)

De “Ludovisi Aristoteles” (Museo Altemps, Rome)

Ik gaf in het vorige stukje aan dat de afstammelingen van de Griekse en Macedonische kolonisten die zich hadden gevestigd in het door Alexander de Grote veroverde Nabije Oosten zich graag presenteerden als Griek, omdat dit hun toegang verleende tot de hogere functies. De Griekse cultuur waarmee ze zich presenteerden, diende daardoor statisch te blijven, omdat ze anders niet herkenbaar was.

Er was nog een andere reden waardoor de Griekse cultuur van de vijfde en vierde eeuw dé standaard werd op literair en artistiek gebied. Even belangrijk was dat de bewonderde beschaving inderdaad op een bepaalde manier kon doorgaan voor superieur, en niet doordat ze militair nogal succesvol was geweest. Zo waren de Griekse beeldhouwers er als enigen in geslaagd de menselijke anatomie volmaakt weer te geven in brons of marmer. Hun oudste beelden waren even statisch geweest als de Egyptische en Fenicische sculptuur, en latere waren gekenmerkt door amandelogen, een onbeholpen glimlach en klutsknieën, maar uiteindelijk hadden kunstenaars de anatomische perfectie bereikt. Over de schilderkunst kon een vergelijkbaar verhaal van perfectionering worden verteld.

Lees verder “Waarom klassieken? (2)”

Waarom klassieken? (1)

In deze beroemde, in Aï Khanum gevonden inscriptie vertelt een zekere Klearchos naar Delfi te zijn gegaan om daar de uitspraken van de wijzen van weleer over te schrijven: “Als kind, wees geordend; als jongeman, wees rustig; als volwassene, wees rechtvaardig; als oudere, wees wijs; als stervende, wees zonder zorg.”

Voor de Grieken was het verleden normatief. De Ilias bevat een scène waarin de held Achilleus zichzelf vrolijk probeert te stemmen door op een lier “de roemruchte daden van de helden te bezingen”, volgens Herodotos waren in het verleden “de fatsoensnormen vastgelegd” en een revolutionair die de maatschappelijke status quo wilde veranderen, beriep zich op voorvaderlijke gewoonten. Bewondering voor het verleden was zó vertrouwd dat men het zich nauwelijks bewust was.

Dit begon te veranderen toen Alexander de Grote het Nabije Oosten onderwierp en de voorwaarden schiep waaronder de Griekse cultuur zich kon verspreiden tot in Egypte en Afghanistan. Voor zover in de jaren na de verovering ergens orde heerste, werd die gegarandeerd door de duizenden veteranen die Alexander had achtergelaten in steden als Iskenderun, Alexandrië, Kandahar en Kampyr Tepe. Daar kwamen Macedoniërs, Grieken, Perzen en andere volken op een tot dan toe ongekende schaal met elkaar in contact, en hoewel de Griekssprekenden een duidelijk herkenbare elite vormden, moesten ze samenwerken met de onderworpen volken. In die wereld, waarin traditionele vormen van gezag waren geërodeerd, begonnen Alexanders generaals – als het ware van onderaf – nieuwe rijken op te bouwen, waarbij ze steunden op hun landgenoten.

Lees verder “Waarom klassieken? (1)”

The Rock

Tyrus

Historische films kunnen alleen mislukken omdat het drama dat nodig is voor een overtuigende film haaks staat op de saaiheid van wat het verleden feitelijk is. Desondanks heb ik twee favorieten. Ze moeten helaas nog worden gemaakt. De ene heet Qarqar en gaat over de veldslag in 853 v.Chr. waarin de verdeelde koningen van Syrië (inclusief Achab van Israël) zich verenigden en erin slaagden de Assyriërs tijdelijk tegen te houden. Ik blogde al eens over dat gevecht; voor het moment gaat het me vooral om het visuele spektakel van duizenden – letterlijk! – strijdwagens op de vlakte van de Orontes. Is Hollywoods digitale toverdoos eindelijk ergens nuttig voor. De spanningen tussen de Syrische koningen staan garant voor een verhaal dat ook psychologisch overtuigt.

De andere film heet The Rock en gaat over Alexanders belegering van Tyrus in 332 v.Chr. De titel is een vertaling van צר, ṣūr, de eigenlijke naam van de grote aloude stad, die was gebouwd op een eiland voor de kust van Libanon. Deze belegering is beroemd omdat Alexander een dam aanlegde naar het eiland (al blijft onduidelijk of de stad daarover ook is bestormd). Net als Qarqar is The Rock krijgsgeschiedenis, wat betekent dat er in elk geval visueel iets van valt te maken. Met name de bouw van de enorme belegeringsram die op drie schepen naar een punt voor de zuidelijke stadsmuur wordt verplaatst, zal de moeite waard zijn. Voor het monster in actie komt, is er de strijd tussen de Macedonische kikvorsmannen die de schepen proberen te verankeren en hun Tyrische rivalen. Uiteindelijk wordt de muur ingebeukt en valt de stad, waarna de strijd zich voortzet in de smalle steegjes, in de huizen en op de daken.

Lees verder “The Rock”

In memoriam Simone Mooij-Valk (3)

Alexander (Ny Carlsberg Glyptotek, Kopenhagen)

[Vandaag twee jaar geleden overleed Simone Mooij-Valk. Voor het Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde 2016/2017 mocht ik haar levensbericht schrijven. Het aardige van zo’n tekst is dat je, meer dan in een necrologie in een krant, ruimte hebt om iets over iemand te vertellen. Bij dezen een iets aangepaste digitale versie, waarvan het eerste deel hier is.]

De Grieks-Romeinse wereld

PhilostratusHet leven van Apollonius van Tyana was Simones laatste en langste vertaling. Ze begon ermee in 2010 en het boek lag eind 2013 al in de winkels. De auteur leefde in een tijd die weleens wordt aangeduid als ‘crisis van de derde eeuw’. Die naam suggereert meer problemen dan er feitelijk zijn geweest, maar het intellectuele leven was zeker aan verandering onderhevig. De oude religieuze culten kregen bijvoorbeeld concurrentie van ‘heilige mannen’: charismatische, rondzwervende intellectuelen over wie de wonderlijkste verhalen de ronde deden. De verering van Jezus van Nazaret is het bekendste voorbeeld, maar de pythagoreïsche filosoof Apollonius van Tyana is een goede tweede.

Lees verder “In memoriam Simone Mooij-Valk (3)”