Gisela (2)

Een afschrift van het testament van Gisela en Eberhard van Friuli

[Dit is het tweede van drie gastblogs door Dieter Verhofstadt over de Karolingische prinses Gisela. Het eerste was hier.]

De abdij van Cysoing

Het vrome echtpaar Eberhard van Friuli en Gisela stichtte rond 854noot De datering is gebaseerd op latere bronnen. De eerste vermelding van de abdij dateert uit het testament uit 863-864. de abdij van Sint-Calixtus in Cysoing, nu in het uiterste noorden van Frankrijk. De oprichting van abdijen en kloosters was een gebruikelijke praktijk onder aristocratische Frankische families. Dergelijke stichting versterkte het vrome beeld van de familie en verleende hen extra politieke macht. Ze gaf verder aanleiding tot de cultus van een heilige, in dit geval Callixtus, een paus uit de derde eeuw.

Lees verder “Gisela (2)”

Joden en christenen in Rome

Joods grafschrift (Museo delle terme, Rome)

Voor wie Rome verliet, voerde de eerste mijl van de Via Appia langs een parkje waarvan men zei dat de legendarische koning Numa er nog eens met een bosnimf had gesproken, én door een joodse wijk. Joden mochten op de sabbat maar een beperkte afstand wandelen en vestigden zich daarom het liefst bij hun synagogen, zodat er in Rome verschillende joodse buurten waren, elk met een eigen gebedshuis en een eigen catacombe. De synagoge aan de Via Appia was genoemd naar Eleas of Elaias, maar het is onbekend wie of wat dat is geweest.

Het is echter wel bekend dat de bewoners van deze buurt vrij sterk geromaniseerd waren. Dat blijkt uit de inscripties in de catacombe even voorbij de tweede mijlpaal van de Via Appia: merendeels in het Latijn, niet in het Grieks of een meer oostelijke taal. Deze joden waren overigens niet bepaald rijk. De dichter Juvenalis (ca.60 – ca.135) vertelt hoe hij hier eens een vriend tegenkwam die aan het verhuizen was, en geeft en passant een beschrijving van de armoedige levensomstandigheden:

Lees verder “Joden en christenen in Rome”

Martelaarschap

Papyrus met een hymne voor de christelijke martelaren (zesde of zevende eeuw; Neues Museum, Berlijn)

Elke veldslag is te gruwelijk voor woorden, maar in zijn absurditeit tart die aan de IJzer echt alles. Toen de Duitsers in 1914 België binnenvielen, bood het Belgische leger bij dit riviertje weerstand en duizenden Vlaamse jongens lieten het leven. Het hadden er minder kunnen zijn als de officieren hun bevelen in het Nederlands hadden gegeven, maar het waren Walen die niet keken op een dooie Vlaming meer of minder. Althans, dat zegt men.

In feite waren de Waalse officieren niet incompetenter dan hun collega’s in andere legers, maar de Vlaamse nationalisten namen het niet zo nauw met de waarheid. Het oorlogsmonument, de IJzertoren bij Diksmuide, werd een bedevaartcentrum van de Vlaamse beweging. Het opschrift liegt er niet om:

Lees verder “Martelaarschap”