Geschiedenis van Perzië (5)

Dualistisch amulet uit Soch (Nationaal Historisch Museum van Oezbekistan, Tasjkent)

In mijn reeks over de Perzische geschiedenis en de Bijbel vandaag twee teksten. Eerst een passage uit 2 Samuël, een wat ouder deel van de Bijbel, geschreven voor of aan het begin van de Babylonische Ballingschap. Laten we zeggen tussen 620 en 580 v.Chr.

Opnieuw ontbrandde de toorn van Jahwe tegen de Israëlieten. Hij zette David tegen hen op door te zeggen: “Ga een volkstelling houden in Israël en Juda.” (2 Samuël 24.1)

David doet wat hem wordt gevraagd en wordt vervolgens door God gestraft. Daarvoor bestaan verschillende verklaringen, waar wij het nu niet over hoeven hebben. De pointe is dat men het ook in de Oudheid wat curieus vond. Hier is wat de auteur van Kronieken, die 2 Samuël heeft bewerkt, erover te melden heeft:

Eens keerde Satan zich tegen Israël. Hij zette David ertoe aan een volkstelling te houden in Israël. (1 Kronieken 21.1)

Lees verder “Geschiedenis van Perzië (5)”

Joodse literatuur (3)

Jona en de grote vis (Sarcofaag, Römisch-Germanisches Zentralmuseum, Mainz)

[Dit is het derde van vijf stukjes over de bronnen van mijn komende boek Israël verdeeld; het eerste is hier.]

De Perzische tijd, van 539 tot 332 v.Chr., zag grote veranderingen binnen de Joodse godsdienst. Het exclusivisme van de Verbondstheologie, waarin één uitverkoren volk op één plaats één God diende, werd bijgesteld. Hoewel de tempelcultus inmiddels was hersteld, bevatten de tijdens de Perzische heerschappij geschreven slothoofdstukken van Jesaja opnieuw beschrijvingen van een nieuw Jeruzalem, waarin de tempel het gebedshuis van alle volken zou zijn. Opnieuw is er het idee van een vernieuwde wereld, waarin in feite de paradijstoestand zal worden hersteld.

Lees verder “Joodse literatuur (3)”

Armeense kerk

Michaël verslaat Belial
Michaël verslaat Belial

De foto maakte ik een paar weken geleden in een Armeens kerkje. Ik vind het reliëf erg mooi, juist omdat de negentiende-eeuwse beeldhouwer wat klungelig te werk lijkt te zijn gegaan. (Ik houd ook van de zandstenen reliëfs in bijvoorbeeld Mainz of Ghirza.) Het reliëf stelt de aartsengel Michaël voor, van wie wordt verteld dat hij aan het einde der tijden de hemelse heerscharen zal aanvoeren in de strijd tegen de duivelse machten.

De beeldhouwer, die u begin negentiende eeuw moet plaatsen, heeft z’n best gedaan. De aartsengel spietst de opperduivel, Belial, die nog het meest lijkt op een gehoornde hond. Dit type afbeelding staat in een werkelijk millennia oude traditie: de voorstelling van een hemelse macht die een gedrochtelijke tegenkracht verslaat, gaat terug op het gevecht van de Babylonische oppergod Marduk en het zeemonster Tiamat. Overigens zijn ook engelen Babylonische vondsten.

Lees verder “Armeense kerk”