De duivel bouwt een kerk

Twee leeuwenkoppen op de deur van de Dom in Aken

Aken, de residentie van de in de Middeleeuwen welhaast legendarische Karel de Grote, is de stad waar ooit de Duitse koningen, als de keurvorsten een beslissing hadden genomen, werden gekroond. Later ging de vorst dan naar Italië om zich door de paus te laten kronen tot keizer. Het was natuurlijk wel de bedoeling dat de Akense kerk waar de koningskroning plaatsvond, er een beetje leuk uitzag en daar wilde het stadsbestuur wel voor zorgen. Het probleem: er was nauwelijks geld. De leden van de raad waren dus beslist geïnteresseerd toen een vreemdeling aanbood de financiering van het project op zich te nemen.

De vreemdeling die de raadszaal betrad, ging opvallend gekleed en iedereen begreep dat hij inderdaad rijk genoeg was. Ik stel me voor dat er over en weer complimenten zijn uitgewisseld en dat na deze inleidende opmerkingen het ontbrekende bedrag zal zijn genoemd. De vreemdeling zal toegezegd hebben het op tafel te leggen, maar stelde één voorwaarde: hij wilde de ziel hebben van de eerste die de nieuwe kerk zou betreden. Het was, zoals u hebt begrepen, der Teufel höchstpersönlich.

Lees verder “De duivel bouwt een kerk”

Byzantijnse krabbel (11): Bogomielen

De obelisk in de hippodroom van Constantinopel

In mijn reeks stukjes over het Byzantijnse Rijk nu een wat minder vrolijk verhaal. Het komt uit de Alexias van Anna Komnene, de dochter van keizer Alexios I Komnenos (r.1081-1118). Hij is de man die orde op zaken probeerde te brengen – en ook eigenlijk een heel eind kwam – na de catastrofale crisis na de Byzantijnse nederlaag tegen de Turken bij Manzikert in 1071. Alexios werd geconfronteerd met het ene probleem na het andere: Turken in Anatolië, een aanval van de Normandiërs van Sicilië, strooptochten van de Petsjenegen en tot overmaat van ramp de doortocht van de ridders van de Eerste Kruistocht.

Alexios wist de crises te overleven en het rijk enigszins te herstellen. Zijn dochter deed er verslag van in een van de lezenswaardigste geschiedwerken uit de Middeleeuwen. (De titel Alexias is een woordspeling op Ilias en ik houd daarom niet van de meer gangbare weergave Alexiade.) Anna heeft echter meer te vertellen dan verhalen over politiek en oorlog. Bijvoorbeeld over de bogomielen, een religieuze groep op het Balkanschiereiland.

Lees verder “Byzantijnse krabbel (11): Bogomielen”

Geschiedenis van Perzië (5)

Dualistisch amulet uit Soch (Nationaal Historisch Museum van Oezbekistan, Tasjkent)

In mijn reeks over de Perzische geschiedenis en de Bijbel vandaag twee teksten. Eerst een passage uit 2 Samuël, een wat ouder deel van de Bijbel, geschreven voor of aan het begin van de Babylonische Ballingschap. Laten we zeggen tussen 620 en 580 v.Chr.

Opnieuw ontbrandde de toorn van Jahwe tegen de Israëlieten. Hij zette David tegen hen op door te zeggen: “Ga een volkstelling houden in Israël en Juda.” (2 Samuël 24.1)

David doet wat hem wordt gevraagd en wordt vervolgens door God gestraft. Daarvoor bestaan verschillende verklaringen, waar wij het nu niet over hoeven hebben. De pointe is dat men het ook in de Oudheid wat curieus vond. Hier is wat de auteur van Kronieken, die 2 Samuël heeft bewerkt, erover te melden heeft:

Eens keerde Satan zich tegen Israël. Hij zette David ertoe aan een volkstelling te houden in Israël. (1 Kronieken 21.1)

Lees verder “Geschiedenis van Perzië (5)”

Joodse literatuur (3)

Jona en de grote vis (Sarcofaag, Römisch-Germanisches Zentralmuseum, Mainz)

[Dit is het derde van vijf stukjes over de bronnen van mijn komende boek Israël verdeeld; het eerste is hier.]

De Perzische tijd, van 539 tot 332 v.Chr., zag grote veranderingen binnen de Joodse godsdienst. Het exclusivisme van de Verbondstheologie, waarin één uitverkoren volk op één plaats één God diende, werd bijgesteld. Hoewel de tempelcultus inmiddels was hersteld, bevatten de tijdens de Perzische heerschappij geschreven slothoofdstukken van Jesaja opnieuw beschrijvingen van een nieuw Jeruzalem, waarin de tempel het gebedshuis van alle volken zou zijn. Opnieuw is er het idee van een vernieuwde wereld, waarin in feite de paradijstoestand zal worden hersteld.

Lees verder “Joodse literatuur (3)”

Armeense kerk

Michaël verslaat Belial
Michaël verslaat Belial

De foto maakte ik een paar weken geleden in een Armeens kerkje. Ik vind het reliëf erg mooi, juist omdat de negentiende-eeuwse beeldhouwer wat klungelig te werk lijkt te zijn gegaan. (Ik houd ook van de zandstenen reliëfs in bijvoorbeeld Mainz of Ghirza.) Het reliëf stelt de aartsengel Michaël voor, van wie wordt verteld dat hij aan het einde der tijden de hemelse heerscharen zal aanvoeren in de strijd tegen de duivelse machten.

De beeldhouwer, die u begin negentiende eeuw moet plaatsen, heeft z’n best gedaan. De aartsengel spietst de opperduivel, Belial, die nog het meest lijkt op een gehoornde hond. Dit type afbeelding staat in een werkelijk millennia oude traditie: de voorstelling van een hemelse macht die een gedrochtelijke tegenkracht verslaat, gaat terug op het gevecht van de Babylonische oppergod Marduk en het zeemonster Tiamat. Overigens zijn ook engelen Babylonische vondsten.

Lees verder “Armeense kerk”