Wat is volkscultuur? (2)

Herders in de bergen

[Eerder dit jaar overleed Hans Overduin, die me een groot aantal blogs naliet over volkscultuur, een onderwerp waar hij graag over vertelde. Hij schreef ook twee stukjes waarin hij uitlegde wat de wetenschappelijke bestudering van de volkscultuur inhield. Gisteren publiceerde ik het eerste van die twee blogjes; vandaag het slot.]

In het vorige blogje over de wetenschappelijke bestudering van de volkscultuur introduceerde ik enkele begrippen en vertelde ik over “de ontdekking van het volk”. Zeer kort door de bocht samengevat: waren in de Middeleeuwen de verschijningsvormen van de menselijke cultuur nog vrij homogeen, later ontwikkelde de elite eigen, verfijnde culturele vormen. De elite eigende zich bovendien de resultaten toe van het natuurwetenschappelijk onderzoek, terwijl het volk min of meer bleef steken in bijgelovige tradities. Zoals gezegd: dit was kort door de bocht.

Lees verder “Wat is volkscultuur? (2)”

Mondelinge literatuur

Marcus Curtius, bezongen in de antieke mondelinge literatuur (Capitolijnse Musea, Rome)

Het alfabet is een democratischer schrift dan de hiërogliefen, het spijkerschrift of lettergrepensystemen als het Lineair-B. Twee dozijn alfabettekens uit het hoofd leren en presto, je kunt lezen en schrijven. Toen het alfabet eenmaal de oudere schriftsoorten had vervangen, varieerde de mate van geletterdheid in de oude wereld tussen de 10% in de meeste streken en de 35% in een democratische stadstaat als Athene. Voor Judea, met zijn boekengodsdienst, is een vergelijkbaar percentage genoemd: tweederde van de volwassen mannen. Wie in een antiek dorp kwam, kon altijd wel iemand vinden die kon lezen en schrijven.

Face to face

De vraag naar analfabetisme is dan ook verkeerd gesteld. De feitelijke vraag is hoe de informatie circuleerde. Ook mensen die konden lezen en schrijven, vernamen de meeste informatie mondeling. De antieke samenleving was een face-to-face society. Daardoor is de meeste informatie, ook in Athene en Judea, voor ons voorgoed ontoegankelijk. We hebben alleen toegang tot de geschreven teksten – zij vormen eilanden in een zee van mondeling overgeleverde verhalen, ideeën en tradities. Het ongeschrevene is lastiger te kennen, maar vergelijkingen met andere voorindustriële samenlevingen hebben oudheidkundigen wel geholpen te begrijpen hoe informatie circuleerde in de oude wereld. Er is veel geschreven over wat mondelinge literatuur heet. (Ik ervaar de term als een oxymoron.)

Lees verder “Mondelinge literatuur”

Qumranologie en krijgsgeschiedenis

Het “verbrande huis” in Jeruzalem: een van de herinneringen aan de verwoesting van Jeruzalem in 70. Let op de stenen kruiken, dat erop wijst dat de bewoners de regels volgden om water ritueel rein water te houden.

Al snel na de ontdekking van de Dode-Zee-rollen – in elf grotten bij een “Qumran” genoemde ruïne – was duidelijk dat de uitgave van dit materiaal een te groot project was voor de academische instituten in de jonge staat Israël. Het was logisch dat andere geleerden werden uitgenodigd om het onderzoeksteam te versterken. Vanaf het begin was de qumranologie, zoals de bestudering van de Dode-Zee-rollen wordt genoemd, een internationale en multidisciplinaire aangelegenheid.

Desondanks verliep de publicatie van de rollen frustrerend langzaam. Daar is niets vreemds aan overigens. Er is een parallel in het British Museum, waar tienduizenden kleitabletten uit Babylonië liggen te wachten tot er iemand naar komt kijken. De vondsten uit de grotten bij de Dode Zee zijn niet anders: er zijn duizenden fragmenten gevonden, die uiteindelijk bleken te behoren tot ongeveer 970 boekrollen.

Lees verder “Qumranologie en krijgsgeschiedenis”