Hunebedden van de dag: D22 en D21 (Bronneger)

Hunebed D21 bij Bronneger

Het vandaag te behandelen tweetal hunebedden oogt op het eerste gezicht even weinig interessant als het drietal waarover ik afgelopen dinsdag blogde. De twee groepjes liggen een boogscheut uit elkaar: in het oosten de hunebedden D23, D24 en D25 en in het westen de hunebedden D22 en D21. Iets ten zuidwesten van Bronneger, iets ten noorden van het Hunebedcentrum in Borger, iets ten zuiden van Drouwen.

Samen vormen ze een leuke wandeling. Begin in Drouwen, loop dan naar het tweetal waarover ik het vandaag heb en het drietal daarnaast, en eindig bij het Hunebedcentrum. Een kilometer of zes over prachtig open landschap. Loop terug langs hunebed D26, dat wat westelijker ligt. Dat ligt op bijna dezelfde breedte als de vijf hunebedden van Bronneger, wat suggereert dat hier ooit een west-oost-weg heeft gelegen richting Grolloo. Via de Drouwense tweeling D19 en D20 wandel je terug naar waar je bent begonnen.

Lees verder “Hunebedden van de dag: D22 en D21 (Bronneger)” →

Hunebedden van de dag: D23 en D24 en D25 (Bronneger)

D23 en D24 en D25 liggen vlak bij elkaar bij Bronneger. Dit is D23.

Eigenlijk is het natuurlijk best bijzonder, drie hunebedden vlakbij elkaar: D23 en D24 en D25. Zeker als er even verderop nog eens twee liggen. Maar ik zal eerlijk zijn: het deed me niet zoveel toen ik er op een grijs en herfstig langs kwam fietsen. De hunebedbouwers maakten zich er dit keer met een Jantje van Leiden vanaf.

Hunebed D23 (de noordelijkste van het drietal) is zes meter lang en 2¾ meter breed. Hunebed D24 (het zuidwestelijkste) is iets langer en smaller: het meet 6¾ bij 2½ meter. Het derde grafmonument, D25, is het oostelijkste en grootste van het trio: het is 7½ meter lang en ruim 3½ meter breed. Dit hunebed is ook het beste bewaard. De twee andere zijn, zoals Herman Clerinx het verwoordt in Een paleis voor de doden, “niet veel meer dan wat losse keien”. Website Hunebedden.nl noemt het “twee zielige steenhoopjes”.

Lees verder “Hunebedden van de dag: D23 en D24 en D25 (Bronneger)” →

Hunebedden van de dag: D19 en D20 (Drouwen)

Hunebedden D20 en D19 bij Drouwen

De hunebedden van Drouwen staan ook bekend als de “Steenhopen”: een weinig verrassende naam voor twee verrassend mooie grafmonumenten. Ze liggen even ten westen van het dorp, tegen de bosrand, vlakbij een tunneltje onder de N34 Emmen–Eelde.

Tussen de hunebedden en Drouwen ligt, als een open plek in het bos, een oud meertje. Dat zien we wel vaker bij zo’n prehistorisch graf.

Lees verder “Hunebedden van de dag: D19 en D20 (Drouwen)” →

Nep-hunebed van de dag: Gasselte

De heuvel bij Gasselte waarin geen hunebed was

Het is alweer tien maanden geleden dat ik schreef over het nep-hunebed van Gasselte. Het gaat om een achter dorpshuis De Trefkoel gelegen heuvel, waarin zich volgens mensen die zich voor amateurarcheologen uitgaven, een prehistorisch graf zou bevinden. Hun “ontdekking” mag in deze reeks niet ontbreken, want er zijn nogal wat rare dingen aan de hand.

Om te beginnen: vanaf het allerbeginste begin was zonneklaar dat wat er ook in de heuvel mocht zitten, er met geen mogelijkheid een hunebed kon zijn. Eén reden daarvoor is dat er nergens in de buurt ooit ook maar iets is gevonden dat aan de Trechterbekercultuur viel toe te schrijven. Een andere reden is dat de bodem ongeschikt is.

Lees verder “Nep-hunebed van de dag: Gasselte” →

Hunebedden van de dag: D17 en D18 (Rolde)

Hunebed D17 bij Rolde

Even ten noordoosten van het oeroude kerkje van Rolde liggen twee hunebed D17 en hunebed D18. Heel toepasselijk ligt er tussen deze twee monumenten en het kerkje een recenter grafveld. Ik zou er niet van opkijken als iemand nog eens ontdekte dat er ook in de Bronstijd, IJzertijd, Romeinse tijd en Middeleeuwen mensen begraven zijn geweest. Het staat immers van veel hunebedden vast dat ze ook na de tijd van de hunebedbouwers, zoals dat heet, funeraire activiteiten aantrokken. Die strekt zich meestal niet uit tot in de christelijke tijd, maar op die regel kan best een uitzondering bestaan.

Herman Clerinx wijst er in Een paleis voor de doden op dat “in de christelijke Middeleeuwen grafheuvels en hunebedden een slechte reputatie hadden en als duivels werden beschouwd, en daarom moesten verdwijnen”. In Rolde lijken de priesters toch anders gedacht te hebben over het op achttien en negentien na noordelijkste hunebed van Nederland. Misschien is het wel omdat dit tweetal, dat blijkens een landkaart uit 1642 bekendstond als de Reuzenstien bekendstond, “gewoon” werd toegeschreven aan de hunen (giganten). Dat waren niet per se duivels.

Lees verder “Hunebedden van de dag: D17 en D18 (Rolde)” →

Hunebed van de dag: D16 (Balloo)

Hunebed D16 bij Balloo

Toen ik onlangs een gewaardeerde collega vertelde over deze reeks, zei ze me dat ze die hunebedden een beetje saai vond. Ik kon me daar eigenlijk wel iets bij voorstellen. Het lukt me wel om over elk van die prehistorische grafmonumenten iets te vertellen, maar de eigenlijke informatie is zo spectaculair niet. Neem hunebed D16, tussen Assen en Balloo, het op zeventien na noordelijkste hunebed van Nederland. Het is 15½ meter lang en bijna vier meter breed. Aan de lange kant, maar geen ongebruikelijke afmetingen. Het is gebouwd langs een oost-west-as, zoals de meeste hunebedden. Er liggen nog negen dekstenen, er is een portaal en er liggen nog wat stenen in een krans omheen. Kortom: een goed bewaard hunebed zonder noemenswaardige bijzonderheden.

Het bordje met uitleg dat bij elk hunebed staat, vertelt dat de Deense archeoloog Petersen in 1987 in een van de dekstenen van hunebed D16 zes “cup marks” heeft ontdekt die blijkbaar nog niet eerder waren gezien. Cup marks zijn die onbegrepen kuiltjes die ik ook noemde bij hunebed D12 op de Eexteres. Op een andere deksteen zijn er nog eens drie. Misschien dateren ze uit de Bronstijd en dan is het de zoveelste aanwijzing voor wat u inmiddels al weet: dat de hunebedden ook na de tijd van de hunebedbouwers nog werden bezocht en gebruikt.

Lees verder “Hunebed van de dag: D16 (Balloo)” →

Hunebed van de dag: D14 (Eexterhalte)

Hunebed D14 bij Eext

Tot 1975 leidde een spoorlijntje van Assen via de hunebedden bij Rolde (D17 en D18) en het hunebed D14, met een kronkel over Gasselte naar Stadskanaal. Eext lag niet aan die spoorlijn, maar had wel een stationnetje, een half uurtje wandelen bezuiden het dorp. Er liggen nog altijd wat rails en de Eexterhalte bestaat nog als hoofdgebouw van een camping. En even verderop ligt ’s Neêrlands op zestien na noordelijkste hunebed.

Hunebed D14 is enigszins te dateren: het oudste aardewerk stamt uit 3250-3125 v.Chr. Het is een opvallend groot grafmonument, want het is achttien meter lang en 4½ meter breed. Bovendien is het redelijk intact, compleet met kransstenen. Al met al een reden is om er eens langs te gaan. D14 schijnt ooit bekend te zijn geweest als de “dikke stenen”. Een begrijpelijke bijnaam.

Lees verder “Hunebed van de dag: D14 (Eexterhalte)” →

Hunebed van de dag: D13 (Eext)

Hunebed D13 bij Eext

Hunebed D13, het op vijftien na noordelijkste hunebed in Nederland, is ook een van de meest merkwaardige. Het is erg klein: het meet slechts 4¼ bij 3¼ meter en dan rond ik nog naar boven af ook. Het bijzondere is dat het nog in de heuvel ligt die erover is opgetrokken. Een flinke heuvel trouwens, met een doorsnede van een meter of dertig.

Het graf is rond 1735 ontdekt door een Eexter boer die een hol geluid hoorde. Om die reden zou de heuvel ook Klankenberg en Stemberg genoemd zijn geweest, al kan die laatste naam ook een verbastering zijn van Steenberg (vgl. hunebed D1, dat deze naam gaf aan het nabijgelegen dorp Steenbergen). Later is het grafmonument ontdaan van enkele stenen. Zwerfkeien waren immers nuttig voor de versterking van de beschoeiing van de diverse waterwerken. Eén steen was in Eext nog tot 1976 in gebruik als bruggetje. De website Hunebedden.nl voegt toe dat er geruchten gaan over een soortgelijke grote steen bij de kerk van Eext.

Lees verder “Hunebed van de dag: D13 (Eext)” →

Hunebed van de dag: D12 (Eexteres)

Hunebed D12 bij Eexteres

Hunebed D12 is nog geen zeven meter lang en nog geen drie meter breed. Het op veertien na noordelijkste hunebed in Nederland is bovendien aan de kleine kant. En het is nog incompleet ook.

De oriëntatie van dit hunebed, dat staat onder een mooie oude boom op de es ten westen van Eext, is echter opvallend. Meestal richtten de hunebedbouwers hun monumenten ruwweg langs een oost-west-as, maar D12 is gericht op het zuidzuidoosten. Waarom? We weten het weer eens niet. Zoals zo vaak.

Lees verder “Hunebed van de dag: D12 (Eexteres)” →

Hunebed van de dag: D15 (Loon)

Hunebed D15 bij Loon

Ik voelde me een beetje een indringer, daar bij hunebed D15, dat even ten noorden van Loon op de es ligt. Op een lentedag was ik aan komen rijden vanuit Groningen en had bij Tynaarlo de smaak van hunebedden te pakken gekregen, dus ik was van de weg af gegaan om ook het op dertien na noordelijkste hunebed van Nederland te bekijken. Ik maakte wat foto’s toen een jongen van een jaar of zestien, zeventien kwam aanlopen. Hij groette me maar leek zich onhandig te voelen met mijn gezelschap. Toen even later een meisje van dezelfde leeftijd aan kwam, begreep ik dat ze een afspraakje hadden. Het was beter verder te fietsen.

Later zou Herman Clerinx, de auteur van Een paleis voor de doden, me een soortgelijke ervaring noemen. Het zijn ook eigenlijk wel romantische plekken, die hunebedden. Zeker omdat er ook hier weer een meertje in de buurt is: een pingoruïne die de mensen in Loon aanduiden als het Taarlose Veentje.

Lees verder “Hunebed van de dag: D15 (Loon)” →