Verdoemde steden

Adam Elsheimer, Philemon en Baucis
Adam Elsheimer, Philemon en Baukis

Gisteren wees ik op de parallel tussen het verhaal van Maria van Amnia en de sage van Filemon en Baukis. Nu ik er opnieuw over wil beginnen, schiet me te binnen dat ik daar al eens eerder over heb geschreven: u leest de volledige sage, vertaald en wel, hier. De parallel gaat echter verder dan alleen deze twee verhalen. De sage van Filemon en Baukis is namelijk een voorbeeld van een bij wel meer volken bekend verhaal dat we zouden kunnen aanduiden als “de verdoemde stad”.

In dit verhaal brengen de goden, uiteraard incognito, een bezoek aan de aarde. Overal constateren ze de zondigheid van de mensen, maar een arm echtpaar onthaalt ze gastvrij. Op dit punt kan de verteller het verhaal naar believen uitbreiden. Als Ovidius het bijvoorbeeld heeft over Filemon en Baukis, wijdt hij uit over de pogingen van de twee arme mensen om een fatsoenlijk maal op tafel te scheppen. Na een kras voorbeeld van de rechtschapenheid van de betrokkenen onthullen de goden hun ware identiteit en nemen de mensen mee, naar buiten de stad. Als ze omkijken, zien ze dat hun stad is verwoest: de goden straften de stad maar redden de enige rechtvaardigen.

Lees verder “Verdoemde steden”

Filemon en Baucis

Adam Elsheimer, Philemon en Baucis
Adam Elsheimer, Philemon en Baucis

“Filemon en Baucis” is een club in Utrecht waar, zo lezen we, iemand van Marokkaanse afkomst niet welkom was. Dat is wel heel ironisch. Philemon en Baucis – voor de spelling van de eigennamen, zie helememaal beneden – zijn namelijk de hoofdpersonen in een antieke sage over twee stervensarme mensen die als enigen in hun stadje de wetten der gastvrijheid respecteren. Dat je de deur krijgt gewezen in een naar uitgerekend dit tweetal genoemde club, is onverdraaglijk ironisch.

Hieronder de sage, zoals verteld door de Romeinse dichter Ovidius (Metamorfosen 8.626-724) in de prachtvertaling van Marietje d’Hane-Scheltema.

Lees verder “Filemon en Baucis”