Augustinus over astrologie

Deel van een diptiek van twee astrologische tabletten (Archeologisch museum, Grand)

Van weinig antieke auteurs – misschien wel geen enkele – is het oeuvre zo goed bewaard als dat van de kerkvader Augustinus. Gek genoeg is hij moeilijk te peilen: nu eens denk je dat het een strenge man is geweest die hoge eisen stelde aan de mensheid, dan weer proef je oprechte vriendschap en vergevingsgezindheid. Maar misschien is die tegenstelling wel gewoon menselijk. In elk geval is hij heel intellectueel: hij stelt goede vragen en neemt geen genoegen met gemakkelijke antwoorden. Ook niet met moeilijke antwoorden trouwens. Hij lijkt zijn leven lang zoekend te zijn geweest.

Vandaag citeer ik eens een stukje uit De stad van God, zijn belangrijkste werk. En omdat het een echt klassieke tekst is, heeft menigeen ervan gehoord en heeft niemand het gelezen. Gelukkig is er een tijdje geleden een toegankelijke Nederlandse vertaling verschenen, gemaakt door Chris Dijkhuis. Het sterke ervan is dat deze veel toelichting bevat. Ik ben al een tijdje bezig met het lezen, en dat het niet opschiet, komt doordat er steeds andere boeken tussendoor komen.

Lees verder “Augustinus over astrologie”

Aderlaten

Kommen voor bij het aderlaten (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Een van de voor ons wat lastig navoelbare aspecten van de antieke wereld was het idee dat de gezondheid van een patiënt samenhing met zijn vochthuishouding. Men herkende vier humores ofwel lichaamssappen: bloed, gele gal, zwarte gal, slijm. Ze correspondeerden met de vier elementen (lucht, water, aarde, vuur), met de vier jaargetijden en met vier soorten temperamenten. Wie bijvoorbeeld wat meer zwarte gal had dan gele gal, bloed en slijm, zou een zwartgallig karakter hebben.

De auteur van een aan de arts Hippokrates van Kos (460-377 v.Chr.) toegeschreven tekst legt uit:

  • mensen die wat meer rood bloed hebben zijn vriendelijk, maken grapjes, zijn rooskleurig, ja een beetje rood, en hebben een mooie huid;
  • mensen met gele gal zijn bitter, opvliegend en moedig, zien er wat groenachtig uit en hebben een gelige huid;
  • zwartgallige mensen zijn lui, angstig en ziekelijk, hebben donker haar en donkere ogen;
  • mensen met veel slijm zijn neerslachtig, vergeetachtig en hebben wit haar.

Lees verder “Aderlaten”

Klassieke literatuur (7b): wetenschap

Bouwkunde is een wetenschap: entasis in de (onvoltooide) tempel van Segesta

[Bij mijn mail zat een tijdje geleden de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een cursus aanschuiven. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet. Vandaag behandel ik de antieke wetenschappelijke literatuur.]

In het vorige stukje behandelde ik dé antieke wetenschappelijke tekst bij uitstek, de encyclopedie van Plinius de Oudere. Daarmee begon ik in feite aan het einde, want Plinius is, behalve een goed observator die zijn eigen ervaring nooit negeert, vooral een verzamelaar, vertaler en bewerker van oudere, vooral Griekse wetenschap. Het woord “wetenschap” moet u overigens met een slag om de arm nemen. Andere literaire doelen waren zelden ver weg, maar vandaag behandel ik toch vooral wat zakelijker teksten.

Lees verder “Klassieke literatuur (7b): wetenschap”