Boos kind

Kind op weg naar school (reliëf uit Neumagen, nu in het Rheinisches Landesmuseum, Trier)

Op een dag in januari in een onbekend jaar in de tweede of derde eeuw n.Chr. ging een man uit het Egyptische Oxyrhynchos, Theon, op reis naar Alexandrië. Hij zal de boot hebben genomen want het was een reis van ruim 350 kilometer. Eenmaal in de grote stad ontving hij een briefje van zijn zoon, Theon Junior. “Dat heb je fraai gedaan,” liet hij zijn vader weten en hij kondigde aan dat als Senior het nog ’ns zou doen, hij hem nooit meer zou aanspreken, geen hand meer zou geven en niet langer zou groeten. Verder eiste het kind een cadeau en het moest ook werkelijk echt iets wezen, dus vader moest maar een lier sturen. Als ’ie het niet zou doen, zou de zoon stoppen met eten en drinken. Zo, nu wist vader het.

Hieruit valt veel af te leiden. Een handvol fouten maakt duidelijk tegen welke problemen een kind aanliep dat nog schrijven aan het leren was. We ontdekken dat een reis naar Alexandrië een stevige onderneming was, geen kinderspel. We zien dat een kind zijn vader kwaad kon toespreken zonder bang voor straf te hoeven zijn. We leren dat de ouders, die het briefje bewaarden, de charme ervan herkenden. Na een eeuw of achttien herkennen we achter een boos briefje nog steeds de liefde die mensen toen voor elkaar voelden.

Lees verder “Boos kind”

Geheimpjes

e1

Zoals u weet – en anders moet u het maar nalezen (1, 2, 3, 4, 5) – groeit in mijn omgeving een klein meisje op, dat nu alweer drie-en-half jaar oud is. Een tijdje geleden was ik bij haar op visite en terwijl haar moeder en ik wat zaten bij te praten, zat zij op haar tablet te kijken naar een animatiefilm: Planes.

Op een gegeven moment begonnen de moeder en ik mee te kijken naar het verhaal over een grote race tussen allerlei vliegtuigen. De dames kenden de ontknoping al en besloten dat ze die nog niet aan mij moesten zeggen. Als ik het niet wist, zou ik er immers meer van genieten.

Lees verder “Geheimpjes”