Eindeloze treinellende

 

trein_druk_1

Het jaar mag dan nieuw zijn, de problemen met het openbaar vervoer blijven dezelfde en ik schrijf mijn wanhoop ook in 2016 weer van me af. Vorig jaar hadden de Nederlandse Spoorwegen het lumineuze idee om goedkoop kaartjes te verkopen via onder andere de Blokker. De consequenties? De treinen waren afgeladen. Ik probeerde – u leest het hier – op 22 oktober van Leeuwarden naar Zutphen te reizen in een trein die zó vol was dat in Meppel mensen op het perron moesten blijven staan en dat de conducteur in Zwolle ervoor waarschuwde dat wie overstapte, geen plaats zou vinden in een vervolgtrein. Niet dat het mogelijk was over te stappen (wat ik wel moest), want ik kon door de drukte niet bij de deur komen en kon de trein pas verlaten in Lelystad.

Een gezonde organisatie, ja zelfs een halfzieke organisatie, leert van haar fouten. De Blokker-actie had er een moeten zijn van “eens maar nooit weer”. Dat de Nederlandse Spoorwegen de actie nu herhalen, betekent óf dat de organisatie doodziek is óf dat men een sadistische hekel heeft aan de reizigers. Of allebei.

Lees verder “Eindeloze treinellende”

Treinleed

Ik zou het zoveelste stukje kunnen gaan schrijven over het falende openbaar vervoer. Vanmorgen zou het beginnen met de onmogelijkheid bij Amsterdam CS een plek voor mijn fiets te vinden, het daardoor missen van mijn trein, vervolgens een alternatieve sneltrein die zóveel vertraging had dat de stoptrein – in NS-newspeak “sprinter” – aantrekkelijker leek, om te constateren dat de stoptrein pas mocht vertrekken ná de vertraagde sneltrein. En dit in een novembermaand waarin ik al eens een overstap miste doordat de trein het betreffende station maar oversloeg en waarin ik meemaakte dat ik überhaupt niet thuis kwam en een hotel moest nemen.

Ik heb al eens geschreven waarom de dooddoener “dan had je maar eerder van huis moeten gaan” niet klopt. Het is een capaciteitsprobleem dat alleen te vermijden valt door echt uren eerder weg te gaan. Een analogie is de ochtenspits op de snelweg: je komt niet eerder op kantoor door eerder weg te gaan, want je staat evengoed in de file. Ik sluit niet uit dat we binnenkort een overheidsvoorlichtingscampagne krijgen “vermijd de file, om vier uur uit de veren” of “uitgeslapen in de trein”.

Lees verder “Treinleed”

Gestrand

reisadvies
Geen trein, geen reisadvies

Maandag 2 november, 21:45. Het is mooi geweest op het kantoor waar Ancient History Magazine wordt gemaakt: het is tijd om naar huis te gaan. Ik sluit af en wandel door een mistig Zutphen naar het station.

Wellicht vindt u 21:45 wat laat om nog op kantoor te zijn, maar het is niet onlogisch. Maandag was de maandelijkse storing in de Schipholtunnel en ik kwam dus te laat aan in Zutphen. Vandaar.

Even voor tienen. De trein rolt het station binnen, ik vind een stille zitplaats en geniet van een rustige reis naar Dieren en Arnhem. Ik heb een tekst te redigeren, maar ik ben wat suffig. Niet vreemd, want ik was vanmorgen al om half zeven wakker. Als ik mijn overstap maar haal, bedenk ik, is het niet erg als ik even wegdommel. Ik kan even na half twaalf op Amsterdam CS zijn en om middernacht in bed liggen.

Lees verder “Gestrand”

Volle trein

trein_druk_1

Ik wandelde even voor negen uur op het Leeuwardens station het perron op. Het viel me op dat het druk was, maar ik had geluk: toen de trein kwam aanrijden, stopte hij met een van de deuren precies voor mijn neus. Ik kon snel instappen en vond een zitplaats. Weliswaar niet in een stiltecoupé, maar toch: een zitplaats. Ik kon althans proberen te werken, wat niet zou kunnen als ik moest staan. De trein vertrok om 9:03, precies op tijd, richting Den Haag.

Dat was het einde van mijn geluk. Rondom mij zaten twee gezinnen met kinderen. Ze zongen eerst sinterklaasliedjes en gingen daarna kwartetten. Het was keten geblazen. Ze mogen van me, daar niet van, maar ik had iets zinvollers willen doen dan luisteren naar dit gekakel.

Lees verder “Volle trein”

Forenzen

Elke donderdag neem ik om 9:01 de trein van Amsterdam-Centraal naar Zutphen. Een lijdensweg wil ik het niet noemen, maar er zijn aangenamere zaken in mijn leven. Bij het station staan bijvoorbeeld onvoldoende fietsrekken, want CS is een typisch forenzenstation waar Amsterdammers naartoe gaan om elders te werken. Omdat er zoveel fietsen zijn, moet je je karretje altijd buiten een rek plaatsen. (Ik heb het afgelopen halve jaar één keer een plek gevonden in een rek.) Normaal gesproken zou dit geen ramp zijn, ware het niet dat de gemeente “buitenrekse” fietsen wegknipt en naar een bedrijventerrein brengt dat zo’n beetje in Halfweg ligt. Ook vandaag staat weer te bezien of ik vanavond beschik over een fiets.

Dan is er de trein zelf. Dat is een internationale, die doorrijdt naar Berlijn. Er zitten altijd wat toeristen in, maar het zijn er weinig: het aantal stoelreserveringen vanaf Amsterdam is althans gering. De honderden niet-gereserveerde stoelen zijn voor de forenzen naar Hilversum, Amersfoort, Apeldoorn of voor mijn part Zutphen. Uitgaande van veertien rijtuigen met zestig stoelen – de feitelijke getallen liggen hoger – en zo’n honderd Duitslandgangers zijn er 740 forenzen aan boord. Vermoedelijk meer, want bij de helft van mijn reizen vind ik geen stoel en zit ik met mijn laptop op de grond, ergens bij een van de uitgangen. Het is minder erg dan dat er naast je iemand een gesprek voert, zullen we maar denken, want dan kun je niet werken en is je tijd helemaal verspild.

Lees verder “Forenzen”

Stiltecoupé (alweer)

Het is vermoedelijk teveel eer voor het ooit betrouwbare spoorwegbedrijf, maar wat Laura was voor Petrarca, is de stiltecoupé voor mij: een vast punt om mijn eigen gemoedstoestand te ijken. Heb ik veel werk te doen, dan plaats ik de kletsende proleten in mijn fantasie onder sprinklerinstallaties of op schietstoelen en ga ik ergens anders zitten werken. Heb ik het redelijk druk, dan spreek ik mensen aan op hun wangedrag en informeer ik naar de oorzaken. Heb ik niets om handen, dan laat ik de mensen maar begaan.

Vandaag liep het anders. Ik kwam binnen en zag ergens iemand die met zijn bagage drie stoelen bezet hield. Ik keek hem aan om toestemming te vragen, pakte een van de rugzakken en legde die in het rek. “Sorry,” hoorde ik vervolgens een jonge vrouw zeggen, die aan de overkant zat, ingeklemd tussen nog meer bagage. Ze stond op, een jonge man in haar gezelschap stond ook op, en ze legden wat tassen in het bagagerek. Vreemdelingen zeker, die verdwaald waren zeker, want ze spraken Spaans en hadden vermoedelijk het bagagerek niet gezien.

Lees verder “Stiltecoupé (alweer)”

Overal zanikt bagger

Zomaar een nachtelijk station

Oké. Zo gaat het dus niet langer. Ik heb sinds een paar dagen een nieuwe OV-chipkaart. De lezers van deze kleine blog weten hoe ik de vorige ben kwijtgeraakt. Inmiddels ben ik voorzien van een nieuwe kaart, à raison van elf euro. (In geld omgerekend is dat vijfentwintig gulden.) Ik ben er een paar keer mee op reis geweest en maakte vandaag de rit van Amsterdam naar Nijmegen.

Vanavond moest ik verder naar Zutphen. En toen deed de kaart het dus niet. Ik ben langs al die gele palen gewandeld maar steeds gaf die kaart geen sjoege. Dood. Ik zal een week gebruik van het ding hebben kunnen maken. Een week.

In de stationshal is een informatiebalie maar om negen uur ’s avonds is die gesloten. Een bordje verwees met naar de “T&S” of de collega’s op de perrons. T&S? Geen idee.

Lees verder “Overal zanikt bagger”

Pluim voor een conducteur

Een pluim (Gevelsteen, Leidsegracht 44, Amsterdam)

Dat ik zo nu en dan schrijf over de dagelijkse problemen in het openbaar vervoer, wil nog niet zeggen dat ik er blind voor ben dat het er soms ook onverwacht goed – of althans menselijk – aan toegaat. Zoals ik gisteren meemaakte in de trein van Amsterdam-Zuid naar Utrecht.

Naast me zaten een jonge vrouw en man, die onderling Spaans spraken. Een grote koffer bewees dat ze van Schiphol kwamen. Toen de conducteur binnenkwam, toonde de vrouw, die Nederlands sprak met een Vlaams accent, haar kaartje en vertelde dat haar vriend geen kaartje had. De conducteur zei dat dat een boete van €35 zou zijn, maar ging er even voor zitten. Misschien had hij al in de gaten dat de vrouw niet uit Nederland kwam en vermoedde hij dat er een alleszins menselijke verklaring kon zijn voor het niet-hebben van een kaartje.

Lees verder “Pluim voor een conducteur”