Het Concilie van Nikaia

Een achttiende-eeuwse weergave van het Concilie van Nikaia (325) in het Rila-klooster in Bulgarije.

In het vorige blogje legde ik uit hoe het denken over de Timaios, waarin Plato schetst hoe de wereld is geschapen, een model vormde voor de discussies over Christus. Die was immers ook geschapen – of toch niet?

Origenes

De christelijke geleerde Origenes (c.185-c.253) betwijfelde niet dat God de Vader hemel en aarde had geschapen. Daarbij stuitte hij op het probleem dat ook speelde bij Plato’s Timaios: een scheppende God zou van mening zijn veranderd en niet volmaakt zijn geweest. Origines loste het op dezelfde wijze op als de symbolische uitleggers van Plato hadden gedaan: hij vatte de schepping op als een gebeurtenis buiten de tijd. Het universum kon dus geen begin in de tijd hebben. De buiten-de-tijd-staande God was ook om een andere reden logisch: God kon immers alleen almachtig zijn als er iets was waarover hij macht kon uitoefenen. Er moest noodzakelijkerwijs voortdurend minimaal één schepsel zijn waarover God heersen kon.

Lees verder “Het Concilie van Nikaia”

Het platonisme en het christendom

Plato (Glyptothek, München)

In mijn donderdagse reeks over het handboek van Luuk de Blois en Bert van der Spek, zijn we inmiddels aangekomen bij de doorbraak van het christendom. Daar gaan we het zo meteen ook over hebben, maar eerst toch even

iets urgenters

Namelijk de petitie tegen de sluiting van een oudheidkundig instituut. Het  is alweer de vierde dit jaar, dat pas twee-en-een-halve maand oud is. Dit keer gaat het om oude talen in Cardiff en de petitie is hier.

Lees verder “Het platonisme en het christendom”

Apollonios van Tyana (5)

Pythagoras (Capitolijnse Musea, Rome)

[Dit is het vijfde van twaalf stukjes over de antieke charismatische wijze Apollonios van Tyana, die ik presenteer ter gelegenheid van de verschijning van de door mijn vriendin Simone Mooij gemaakte vertaling van FilostratosLeven van Apollonios. Het eerste stukje is hier.]

Apollonios’ biograaf beweert dat hij verschillende werken van de wijze van Tyana heeft gelezen. Het is de moeite waard de publicatielijst te vergelijken met een tiende-eeuwse Byzantijnse encyclopedie, de zogeheten Souda (A 3420).

  1. Filostratos noemt om te beginnen een Hymne aan Mnemosyne, de godin van het geheugen (Leven van Apollonios 1.14).
  2. Filostratos en de Souda noemen allebei Apollonios’ testament (1.3, 7.35), dat zou zijn geschreven in het Ionische dialect van het Grieks.
  3. Alleen Filostratos kent een boek met Pythagorese leerstukken, dat zou zijn in te zien in de bibliotheek van de keizerlijke villa te Antium (8.20).
  4. Misschien is dit boek identiek aan het Leven van Pythagoras dat de Souda vermeldt.
  5. Beide bronnen kennen Apollonios’ Vier boeken over astrologie (3.41).
  6. Ook kennen beide bronnen een boek Over offers (3.41 en 4.19).

Lees verder “Apollonios van Tyana (5)”