Herodianos

Caracalla (Altes Museum, Berlijn)
Caracalla (Altes Museum, Berlijn)

Ik had afgelopen week nogal veel werk op mijn bord, dus ik was kwetsbaar voor ziekte en dus – de Wet van Murphy zijnde de Wet van Murphy – liep ik in een forenzentrein tegen een virus aan. Ik zit nu al een paar dagen gedwongen thuis. Ik dood mijn tijd met de conversie van de Livius-website, die is ontworpen in een inmiddels verouderde opmaaktaal en al jaren achter de feiten aanloopt. Het converteren is geestdodend genoeg om voor een grieppatiënt ideaal werk te zijn.

Behalve dan dat ik nu Herodianos converteer, een van de aardigste auteurs uit de Oudheid en een belangrijke auteur over de regering van Caracalla (waaraan het tweede nummer van uw favoriete oudheidkundige tijdschrift is gewijd – neem een abonnement!). Leuk als Herodianos is, dwaal ik steeds af.

De man is nagenoeg onbekend, maar aangezien hij aan het einde van zijn carrière was toen hij rond 240 zijn Geschiedenis van het Romeinse Rijk sinds Marcus Aurelius publiceerde, zal hij rond 170 of 180 zijn geboren. Hij lijkt een niet al te hoge functie in de bureaucratie in Rome te hebben vervuld. Er zijn sterke aanwijzingen dat hij uit een van de oostelijke provincies van het Rijk komt, want hij schrijft in het Grieks. Veel preciezer kunnen we niet zijn: sommige aanwijzingen wijzen namelijk niets aan. Als hij schrijft dat de Alpen groter zijn dan alle bergen in zijn eigen contreien, helpt dat hooguit om wat provincies uit te sluiten – hij zal niet zijn geboren aan de voet van de Taurus of Libanon – maar ook niet méér.

Gelukkig hoef je zelden veel te weten van een auteur om van een oeuvre te genieten. De puike Nederlandse vertaling die M.F.A. Brok in 1973 publiceerde, kreeg als titel Crisis in Rome mee, en dat is een gelukkige keuze: Herodianos beschrijft de dramatische regering van Commodus (u weet wel, de gladiator-keizer), het vijfkeizerjaar 193 (waarover ik al eens blogde), de burgeroorlogen en de regering van Septimius Severus, de tirannie van Caracalla, de oosterse keizer Heliogabalus, de problematische regering van de welwillende Severus Alexander, de soldateske Maximinus Thrax en uiteindelijk het zeskeizerjaar 238. Een moderne vertaling zou Systeemcrisis kunnen heten: de twee eeuwen oude staatsinstellingen van het Romeinse Rijk, samen met de al even gedateerde militaire structuur, begonnen vast te lopen.

De Romeinen hinkten van crisis naar crisis en dus heeft Herodianos stof genoeg voor een afwisselend verhaal. Slechts één van de zeventien door hem beschreven keizers stierf een natuurlijke dood. Eén van hen was een jongen van dertien, een ander een grijsaard. Er is oproer, er zijn straatgevechten, er zijn burgeroorlogen en tussen de bedrijven door zijn er nieuwe buitenlandse vijanden, branden, epidemieën en aardbevingen. En er is de curieuze episode van keizer Heliogabalus, die de cultus voor de Syrische zonnegod Elagabal probeert te introduceren.

Het fijne van Herodianos is dat hij altijd toeschouwer is gebleven. Anders dan zijn tijdgenoot en collega-historicus Cassius Dio, die een van de voornaamste bestuurders is geweest uit die tijd, heeft Herodianos geen rekeningen te vereffenen en geen echte politieke agenda. Zijn schets van Heliogabalus’ cultushervormingen is veel beter dan die van Dio, die te betrokken was om een eerlijke beschrijving te geven. Dat wil niet zeggen dat Herodianos een goed historicus is: zijn geografische kennis is beperkt, hij begrijpt militaire strategie niet en hij is niet op de hoogte van paleisintriges.

Wat hij wel biedt is het perspectief van een middelhoge ambtenaar, die de details en de redenen van de gebeurtenissen niet kende, maar die wel ooggetuige was geweest van ongekende, chaotische gebeurtenissen en die begreep dat er dingen aan het veranderen waren. Hij had teveel bloed vergoten zien worden en moest het aan zijn tijd- en provinciegenoten vertellen.

Het is daarbij vermoedelijk geen toeval dat het centrale drama, de scène die exact midden in het boek zit (hoofdstukken 50-53 in een tekst van 99 hoofdstukken) de moord is van Caracalla op zijn broer Geta, die sterft in de armen van zijn moeder Julia Domna. Onmiddellijk daarna vertelt Herodianos hoe Caracalla in de Senaat opsomt dat broedermoord in de Romeinse geschiedenis heel normaal is geweest. Door Caracalla een voorbeeld in de mond te leggen waarvan alle lezers moeten hebben geweten dat het niet klopte – Marcus Aurelius vermoordde Lucius Verus niet – maakt Herodianos duidelijk dat Caracalla hypocriet is, maar de catalogus is beangstigend lang. Het geheim van het imperium is onthuld.

Nu ik ermee bezig ben, komt een vraag bij me op. Herodianos merkt wel eens op dat hij nu een boek afrondt en begint aan een nieuw boek. Dat suggereert dat de huidige verdeling in acht boeken op hem teruggaat, maar de duidelijke climax middenin suggereert dat hij tegelijk werkt met een tweede structuur. Het geheel is moeiteloos te verdelen in vijf delen:

  • een introductie over de laatste legitieme dynastie (Marcus Aurelius, zijn zoon Commodus en zijn naaste medewerker Pertinax);
  • de degeneratie van het rijk onder Severus, die nog enige stabiliteit kan garanderen dankzij Plautianus, tot deze wordt vermoord;
  • de climax: de ondergang van Severus, de broedermoord van Caracalla en het einde van de Severi;
  • een diminuendo: een zijtak van de Severische dynastie blijft heersen (de excentrieke Heliogabalus en de zwakke Severus Alexander) en de rust wordt nog enigszins gered door enkele kordate keizerinnen;
  • de ontknoping: het rijk vervalt tot militaire anarchie met uiteindelijk zes keizers in één jaar.

De Geschiedenis van het Romeinse Rijk sinds Marcus Aurelius is een klassiek drama. Of deze structuur door Herodianos is beoogd, weet ik niet, maar ik wijs erop dat sommige scènes zeer theatraal zijn, zoals die van de oude Pertinax, die van zijn bed wordt gelicht, het hoofd van de politie herkent, begrijpt dat hij geëxecuteerd zal gaan worden en in plaats daarvan het keizerlijk purper krijgt aangeboden. En wat is dramatischer dan keizerin Julia Domna, die zich tussen haar ruziënde zonen Caracalla en Geta werpt en vraagt hoe ze, nu ze het rijk willen verdelen, hun moeder wensen te verdelen?

Nogmaals, ik weet niet of de toneelstructuur door Herodianos is beoogd en, zo ja, wat hij ermee beoogde. Ik weet wel dat het hoog tijd is voor een herdruk van Broks Crisis in Rome, al dan niet omgedoopt tot Systeemcrisis. Ik werk ondertussen verder aan de Engelse tekst en die is hier.

7 gedachtes over “Herodianos

  1. Jaap-Jan Flinterman

    Beterschap Jona. Ik vraag me of of het klopt dat alle lezers van Herodianus moeten hebben geweten dat Lucius Verus niet was vergiftigd door of in opdracht van Marcus Aurelius Dio/Xiphilinus heeft hetzelfde verhaal (71.3.1). Misschien circuleerden er meerdere verhalen over de dood van Lucius Verus, en was dit er één van.

  2. mnb0

    “maakt Herodianos duidelijk dat Caracalla hypocriet is”
    Maar dit is interessant. Eeuwenlang hebben noch Romeinen noch andere volkeren er zich erg druk om gemaakt om moord als politiek middel en nu plotseling wel. Caracalla volgde immers alleen maar het voorbeeld van Romulus. Zien we hier een veranderende moraal?

  3. Ben Spaans

    Voor geïnteresseerden: de Britse classicus Harry Sidebottom, die enige naam gemaakt heeft met de ‘Warrior of Rome’ historische romans werkt nu aan trilogie die speelt in de jaren 235-238 ‘Throne of the Caesars’ waarvan inmiddels de delen ‘Iron & Rust’ en ‘Blood & Steel’ verschenen zijn. Herodianos (waarover Sidebottom een studie schreef) is een belangrijke bron voor deze romans, die ook een beetje een hommage zijn aan George R. Martin en diens meest bekende werk. http://www.harrysidebottom.co.uk/

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s