
De jonge keizer Heliogabalus regeerde slechts vier jaar, van 218 tot 222, maar hij is in ons taalgebied een van de bekendere onder Romes meer onbekende heersers. Het zal deels komen door de mooie roman van Louis Couperus, De berg van licht (1905). Daar zit natuurlijk een fors element in van verbeelding en taaltovenarij. Wie was Heliogabalus werkelijk? Was hij echt een oosterse godsdienstwaanzinnige of zit er een al dan niet oosterse rationaliteit achter zijn voor Romeinen schokkende beleid? Vereerde hij Elagabal? We moeten beginnen bij de bronnen, kijken dan naar zijn staatsgreep, zijn algemene beleid en zijn ondergang, vervolgen dan met zijn religieuze beleid, en komen dan tot een conclusie.
Drie bronnen
Er zijn drie literaire bronnen voor het leven van Heliogabalus of – zoals hij voluit heette – Imperator Caesar Marcus Aurelius Antoninus Augustus:
- De senator Cassius Dio;
- Een ambtenaar genaamd Herodianos;
- De auteur van de Historia Augusta.
Alle drie hebben een eigen agenda. Ze veronderstellen dat de vorst, als hoofd van het Romeinse volk, het goede voorbeeld gaf. Keizerlijk gedrag werd nauwlettend gevolgd en een biografie was daarmee een morele studie. Keizers als Augustus, Vespasianus, Trajanus en Marcus Aurelius werden afgeschilderd als geweldige mannen met alle relevante Romeinse deugden. Andere vorsten, zoals Caligula, Nero en Vitellius, werden afgeschilderd als tirannen. De drie verslagen van Heliogabalus’ regering plaatsen de jonge keizer in deze tweede categorie. Ze hebben echter een ander oordeel over wat tirannie eigenlijk inhoudt.
Cassius Dio
Geboren in Bithynië was Cassius Dio (164-ca.235) een Griekstalige Romein. Een Griekstalige Romein die zich de waarden en vooroordelen van de Romeinse elite volledig eigen had gemaakt. Zijn proza illustreert hoe senatoren dachten over oosterlingen: ze waren pervers en bijgelovig. Verwijfd bovendien, en dus ongeschikt voor de troon van Rome. Door hun slaafsheid waren ze alleen nuttig als bedienden. Tijdens het bewind van Heliogabalus was Dio niet in Rome en zijn verhaal was daarom gebaseerd op verhalen die hij achteraf hoorde. Hij schreef bovendien tijdens de regering van Severus Alexander, die aan de macht was gekomen na de moord op Heliogabalus. Het was verleidelijk Heliogabalus zwart te maken en zo de bloedige putsch goed te praten. Dio’s verslag van de jaren 218-222 behoort dan ook niet het beste deel van zijn Romeinse Geschiedenis.
Er is vrijwel geen chronologische ordening, behalve als hij opkomst en ondergang van Heliogabalus beschrijft. Dio is bovendien opvallend negatief: hij hekelt bijvoorbeeld het uiterlijk en het gedrag van de keizer. Het uiterlijk van een keizer weerspiegelde naar toenmalige maatstaven zijn inborst. Dio suggereert Heliogabalus’ wreedheid door een opsomming van al zijn slachtoffers. We lezen over perversiteit, wellust en verwijfdheid. Cassius Dio walgt ervan en is ook niet te spreken van de religieuze hervormingen, die resulteerden in een verwaarlozing van staatszaken.
Herodianos
De Griekstalige auteur Herodianos (ca.170-ca.240) is op deze blog al eerder aan de orde geweest. Hij kwam wellicht uit Syrië en schreef een Geschiedenis van het Romeinse Rijk sinds Marcus Aurelius en lijkt een ambtelijke functie gehad te hebben. Misschien is hij onze beste bron, omdat hij de vooroordelen van Dio mist.
Allereerst schildert Herodianos de keizer niet alleen af als een bruut. Toegegeven, hij spreekt over de verwijfdheid van Heliogabalus en lijkt te walgen van het feit dat Heliogabalus cosmetica gebruikte. Toch domineren wreedheid, perversiteit en verwijfdheid het verhaal niet. Ten tweede is hij de enige die ons informatie geeft over de culturele achtergrond van Heliogabalus en spreekt hij ook over de Elagabalcultus waarvan de keizer hogepriester was. Herodianos beschrijft bijvoorbeeld het cultusbeeld.
Herodianos benadrukt echter ook het barbaarse karakter van de keizer en vergelijkt hem met het gepeupel. In dit opzicht deelt Herodianos de houding van Cassius Dio. Ook heeft hij niet veel te zeggen over de politieke agenda van de keizer, en biedt ook hij geen chronologie in zijn verslag.
De Historia Augusta
De Historia Augusta, waarover ook al eens is geblogd op deze plaats, is een reeks keizerbiografieën, beginnend bij Hadrianus (r.117-138) en eindigend met Numerianus (r.283-284). De auteur doet alsof de verzameling is gemaakt door zes auteurs die aan het begin van de vierde eeuw leefden; in feite leefde de ene auteur later. Men neemt aan dat dat deze zijn informatie voor de tijd van Heliogabalus haalde uit een oudere collectie, samengesteld door senator Marius Maximus, die leefde tijdens het bewind van Heliogabalus’ opvolger Severus Alexander.

Het leven van Heliogabalus is onderdeel van een tweeluik. Waar Severus Alexander wordt geportretteerd als goede keizer die alle goden respecteert, is Heliogabalus degene die alleen zijn eigen god vereert en de status van de andere goden verlaagt. Heliogabalus is verder pervers, verwijfd en wreed, bekommert zich niet om staatszaken en zoekt alleen manieren om zijn genoegens te vergroten. Eén slechte gewoonte wordt vooral benadrukt: zijn verlangen naar luxe. Anders dan zijn voorgangers heeft de auteur van de Historia Augusta de oosterse afkomst van Heliogabalus niet nodig om zijn despotisme te verklaren: de religieuze hervormingen spreken voor zich.
Toch is er onderscheid te maken tussen een betrouwbaar en een triviaal deel in dit deel van de Historia Augusta. De eerste hoofdstukken, die een schets van de regering bieden, zijn betrouwbaarder dan het tweede deel, waarin allerlei voorbeelden Heliogabalus’ extravagantie illustreren. In het eerste deel kunnen echter enkele algemene punten op de politieke agenda van Heliogabalus worden onderscheiden, wat meer is dan we over Cassius Dio kunnen zeggen.
***
Een gastbijdrage van Lauren van Zoonen, die wordt vervolgd. Dank je wel Lauren!
Zelfde tijdvak
Hexham Abbey en de Romeinenmei 19, 2020
Romeins Tunesië en Algerijemaart 20, 2020
Grieks prozamei 10, 2016

Dit is een analyse waar ik naar uitgekeken heb. Sinds JonaL er bij mij ingehamerd heeft dat letterlijk elke Antieke bron een agenda heeft (die bijna nooit verborgen is) besef ik dat de populaire tweedeling goede vs. slechte keizers slechts napraten van deze bronnen is. Russell’s Geschiedenis van de Westerse FIlosofie bevat daar een paar voorbeelden van.
Dus vraag ik me al een paar jaar af of al die slechte keizers nou echt zo slecht waren. Natuurlijk, volgens bevooroordeelde maatstaven van Antieke biografen wel. Alleen, zoals bekend, zegt dat meer over die biografen dan over betreffende keizers (evengoed nuttig)….
Mij lijkt dat wij dan maatstaven moeten formuleren die weergeven wat wij belangrijk vinden. Politici dienen te handelen in het belang van de gemeenschap die zij dienen (vind ik). Het is een boeiende vraag in hoeverre beruchte keizers als Caligula, Nero, Commodus en ook Heliogabalus dat deden – en wat dat belang nou eigenlijk inhoudt.
Dus ik ben benieuwd.
Ondanks dat je (terecht) benadrukt dat men alle bronnen moet gebruiken en die op hun merites moet beoordelen, komt het betoog dat het adagium van ‘goede vs slechte keizers’ niet zo serieus genomen moet worden bij deze drie auteurs niet zo goed uit de verf. Ondanks dat duidelijk is dat ze een agenda hadden komen ze toch aardig overeen waar het gaat om het zeer negatieve oordeel over Heliogabalus’ karakter en zijn gebrek aan aandacht voor staatszaken. Waar zit het verschil, behalve in sommige details? Heliogabalus was een verwende klootzak, onwaardig om keizer te zijn. Het zoveelste argument tegen erfopvolging.
Je moet denk ik wel iets duidelijker aangeven dat de Historia Augusta heel erg voorzichtig gebruikt moet worden omdat niet vaststaat wat er door de auteur allemaal verzonnen is. Het woord ‘betrouwbar’ zou ik daarom liever niet hanteren waar het om deze bron gaat.
Dat drie leden van eenzelfde maatschappelijke groep dezelfde vooroordelen is niet vreemd, maar te verwachten, zelfs over een periode van eeuwen.
Ik ben eigenlijk vooral benieuwd naar feitelijke gegevens in de bronnen: heeft hij iets laten bouwen, is onder zijn bewind een regeling tot stand gekomen, wie benoemde hij tot minister, en hoe belangrijk waren die ministers. Heeft hij offensieve of defensieve oorlogen gevoerd? Afgerekend met rivalen? Hij is jong genoeg overleden om zelf de facto nooit het keizerlijk gezag te hebben uitgeoefend.
Mary Beard behandelt Heliogabalus in haar laatste boek! Zij wijst o.a. op zijn jonge leeftijd en vertelt ook dat hij een schetenkussen had! Best grappig!
We moeten antieke heersers helemaal niet beoordelen naar maatstaven die wij belangrijk vinden. Dat brengt weinig op buiten de open deur dat ze stuk voor stuk voor het Internationaal Strafhof zouden moeten verschijnen. Dat ze de gemeenschap moeten dienen, is nog zo’n open deur. De interessante vraag is wat men verstond onder ‘de gemeenschap dienen’. Is dat zorg voor de zwakkeren op poten zetten, of de buren verpletteren en je superioriteit etaleren? Een sober voorbeeld stellen of de Romeinse majesteit belichamen?
We kunnen ze beter beoordelen naar wat hun tijdgenoten van hen verwachtten en zo leren wat in de samenleving als waardevol werd beschouwd. Helaas zijn we vooral op de hoogte van de verwachtingen en de waarden van de elite, maar je kan je de vraag stellen of dat vandaag zoveel anders is.
“Helaas zijn we vooral op de hoogte van de verwachtingen en de waarden van de elite.”
Het resultaat hiervan is dat we met uw voorstel de vooroordelen van die elite overnemen. Daarmee krijgen we automatisch een scheef beeld van de keizers.
Dat lijkt onvermijdelijk en het is daarom belangrijk dat we er ons van bewust zijn. Ons bronnenaanbod is onevenwichtig. Zelfs wanneer we iets te weten komen over de interactie tussen de keizer en het gewone volk is dat meestal door de bril van iemand uit de elite.
Het boek “Keizer van Rome” van Mary Beard biedt hier interessante voorbeelden, zeker in de proloog – “Eten met Elagabalus” en hoofdstuk IX – “Het aanzien van de keizer”.
Zorg voor de zwakkeren… dat was in Rome brood en spelen. En het vernietigen van vijanden hoorde daar ook bij, want zo werd het volk beschermd tegen buitenlandse invasies. Dat ging in ieder geval de eerste twee eeuwen goed.
Maar verwijfd gedrag en een exotische godsdienst zijn natuurlijk niet de manier om populair te worden in Rome…
Populair bij wie? Bij de Senaat niet nee, maar ik zie niet in waarom die maatgevend zou moeten zijn.
Ook niet bij de soldaten en we zitten nu middenin een tijd waar die een keizer konden maken of breken.