Een schijffibula uit Rhenen

Schijffibula uit Rhenen (Stadsmuseum)

Op de expositie “Gouden Vrouwen” in Rhenen, waarover ik al eens blogde, is bovenstaande mantelspeld te zien. De oudheidkundige jargonterm is schijffibula, waarbij fibula het dure woord is voor mantelspeld en schijf voor schijf. Schijffibula’s – code-switchers zeggen fibulae – zijn er in allerlei maten en complexiteiten, en het Rhenense exemplaar behoort tot het wat hogere segment. De techniek waarmee het is vervaardigd, is namelijk de dure versie van het ook al dure email cloisonné. Althans, dat denk ik. Als ik me vergis, mag u het hieronder verbeteren. In elk geval: email cloisonné is al vrij bewerkelijk en kostbaar, en dat maakt de Rhenense mantelspeld, die nog een tikje kostbaarder is, dus een bescheiden topstuk.

Email cloisonné

Bij email cloisonné bestaat een fibula uit verschillende lagen. Aan de onzichtbare achterkant zit de eigenlijke speld, die gemaakt is van ijzer, brons of misschien zelfs zilver. Die zit vast aan een rond metalen plaatje dat de basis is van het voorwerp. Opnieuw: ijzer, brons of zilver. Dit is de zogenaamde draagplaat. Vaak ligt daarover een flinterdun laagje glimmend edelmetaal, waarvan ik de functie zo zal toelichten.

Hierover bevestigt de edelsmid nu een draad (meestal van zilver, koper of goud) waardoor de vakjes ontstaan zoals u hierboven ziet. In de vakjes wordt nu het emailpoeder gelegd, dat wil zeggen verpulverd glas, dat zijn kleur dankt aan bepaalde metaaloxyden. (Ik vertelde al eens hoe glas zijn kleur krijgt: blauw glas met kobalt, paars glas met mangaan, rood glas met koper.) Als de smid het geheel nu in de oven verhit, vult het glas de vakjes en ontstaat een mooie schijf als die uit Rhenen. Het flinterdunne laagje edelmetaal over de draagplaat kan functioneren als spiegel, zodat de rode stukjes glas extra mooi fonkelen.

Deze (andere) mantelspeld toont duidelijk de gelaagde opbouw.

Almandijn

Zoals ik al schreef, is de Rhenense mantelspeld een dure versie van email cloisonné. Er is namelijk geen glas gebruikt, maar almandijn, dat uit India of Pakistan moet zijn geïmporteerd. Dat maakt dit tot een voor de Lage Landen bijzonder stuk. Maar zoals ik ook al schreef: het behoort bij het hogere segment. Dat is dus lager dan het hoge segment. Bij de mooiste stukken gebruikt de edelsmid verschillende kleuren glas, stukjes rood almandijn, stukjes groen malachiet (uit Marokko of Congo), en parels (uit de Rode Zee). Een voorbeeld daarvan is de beroemde fibula uit Dorestad.

Reken maar dat de draagster van de Rhenense schijffibula, die ergens rond 535 zal hebben geleefd, er trots op is geweest. Deze mantelspeld leek niet op de in onze contreien gangbare fibula’s, die de vorm hadden van een beugel, een kruisboog of een S. Met deze mantelspeld toonde ze dat ze behoorde tot de vrienden van de Frankische koning.

De allerbeste schijffibula’s kwamen vermoedelijk uit Ravenna en Rome; die van Rhenen zal niet van zo ver zijn gekomen, maar de edelsmid zal wel aan een koninklijk hof in Gallië hebben gewerkt. Net als de Egyptische make-up waarover ik het gisteren had, documenteert dit voorwerpje dat de mensen in de Oudheid deel uitmaakten van een heel grote wereld – en dat is op zich niet zo’n vreemde conclusie.

[Dit was het 461e voorwerp in mijn reeks museumstukken. De expositie Gouden Vrouwen duurt nog tot 7 december. Houd er bij uw bezoek aan Rhenen rekening mee dat het museum op zondag en maandag is gesloten.]

PS

In München maakte ik met Josine Schrickx een filmpje over de Thesaurus Linguae Latinae. Het is de “pilot” van een reeks filmpjes die ik later dit jaar wil gaan maken.

https://www.youtube.com/watch?v=CchA_4EN-28&ab_channel=JonaLendering


Lokpatrijs

september 9, 2018

De vogel Feniks

april 24, 2023
Deel dit:

2 gedachtes over “Een schijffibula uit Rhenen

  1. Willem Kranendonk

    “een draad () waardoor de vakjes ontstaan”: dat begrijp ik niet, want draden hebben niet de breedte van een lint die nodig zou zijn voor het maken van de opstaande wanden van de vakjes.

  2. Robbert

    Ik loop wat achter.
    Ik reageer op de pilot van filmpjes.
    Josine Schrickx praat veeel te snel en de achtergrondmuziek moet heeel zacht.

Reacties zijn gesloten.