
[Dit is het tweede blogje in een reeks over de Karolingische Renaissance. Het begin vindt u hier.]
De “Karolingische Renaissance”, zoals historici de culturele ambities van Karel de Grote noemen, had tot doel van de Europeanen een gens sacrata te maken, een “geheiligd volk”. Daar zat een somber mensbeeld achter, namelijk dat de mensen niet in staat waren op eigen kracht het goede te doen. Volgens de kerkvader Augustinus was het daarom een van de belangrijkste taken van de overheid de ingezetenen te behoeden voor de alomtegenwoordige zonde en hen te helpen op het moeizame pad der deugd. Een tweede reden om de heiliging van het Frankische volk ter hand te nemen was dat een aan God gewijd volk mocht hopen op Zijn steun. Steun die hard nodig was. De christelijke volken hadden immers veel terrein verloren aan de Arabieren met hun nieuwe geloof, de islam. Dat kon alleen betekenen dat God ontevreden was over zijn christenen.
Misstanden?
Gedurende zijn ruim vijfenveertigjarige regering deed Karel de Grote daarom verscheidene pogingen misstanden te corrigeren. De kopieeractiviteit waarover ik al schreef, was slechts één aspect. In het voorwoord van de Algemene vermaning (789) vergeleek hij zich met de bijbelse koning Josia, die een ethisch reveil onder zijn volk had bewerkstelligd. Vervolgens gaf Karel een overzicht van tweeëntachtig bepalingen die de kerkelijke concilies en synodes hadden uitgevaardigd. Allerlei praktijken werden hiermee buiten de wet gesteld, en daarbij moeten we niet alleen denken aan zaken als bloedwraak maar ook aan het verzinnen van namen voor aartsengelen.
De vraag is uiteraard of er werkelijk sprake was van misstanden. Wat zo werd genoemd, was vaak niets anders dan een afwijkende religieuze traditie. Sommige gebieden in Karels rijk waren gekerstend door Britse missionarissen, die andere gewoonten hadden dan hun pauselijke collega’s. In de praktijk betekende de beoogde uniformering van de kerkelijke gebruiken bijna altijd dat Karel zijn onderdanen de Italiaanse regels oplegde: de eredienst hoorde voortaan plaats te vinden volgens de Romeinse voorschriften en abdijen kregen uniforme reglementen.
Het cultiveren der letteren
Het probleem was dat de regels, als ze al uniform en duidelijk waren, niet altijd werden begrepen. Geleerden als Theodulphus van Orleans en Alcuinus erkenden hun onwetendheid, en concludeerden dat meer mensen beter moesten worden geschoold. Daarom dicteerde Karel de Grote in 795 de circulaire die bekendstaat als de Brief over het cultiveren der letteren. Het is een wonderlijk document, dat ik al eens heb geciteerd.
De bisdommen en abdijen kregen opdracht zorg te dragen voor het onderwijs. Geestelijken waren, zo schreef Karel, niet alleen verplicht hun religieuze taken te vervullen, maar moesten ook onderwijs verzorgen. Studie was een God welgevallige bezigheid. Karel bepaalde daarom dat elke geestelijke moest kunnen lezen en dat de abten en bisschoppen scholen dienden in te richten waar “iedereen die door Gods genade in staat is te leren” leesonderricht moest kunnen ontvangen. Indien mogelijk moesten de geestelijken ook de schrijfkunst onderwijzen. De abdijen mochten geen betaling voor het onderwijs verwachten of aanvaarden. De wijsheid van de studenten moest voldoende beloning zijn.
Karel de Grote op school
Karel de Grote eiste dus dat de Europese abdijen de activiteiten ontplooiden waarmee de Ierse monniken zich al eeuwen bezighielden. Hij voelde zich zelf niet te verheven terug te keren naar de schoolbanken, zoals zijn biograaf Einhard schrijft:
Hij beperkte zich niet tot de kennis van zijn moedertaal, maar legde zich ook toe op de studie van vreemde talen, waaronder het Latijn: dat leerde hij zo grondig dat hij het even goed sprak als zijn moedertaal. Grieks daarentegen kon hij beter verstaan dan spreken. … De vrije kunsten beoefende hij met heel veel ijver. Hij had de hoogste achting voor wie ze doceerden en bedacht hen met hoge onderscheidingen.
Grammaticalessen volgde hij bij de oude diaken Petrus van Pisa; voor de overige vakken had hij Alcuinus … als leraar … Bij hem besteedde Karel heel veel tijd en moeite aan de studie van de retoriek, de dialectiek, maar vooral de sterrenkunde. Hij leerde rekenen en ging scherpzinnig en met grote belangstelling de loop der sterren na.
Hij deed ook pogingen om te schrijven en had daarom doorgaans schrijfplankjes en schriftjes bij zich, ook in bed, onder zijn hoofdkussen. Als hij even vrij had, probeerde hij zijn hand te wennen aan het vormen van letters. Maar zijn inspanning kwam op het verkeerde moment en hij had weinig succes. Hij was er te laat mee begonnen. noot
Petrus en Alcuinus waren niet de enige geleerden die naar het Frankische hof kwamen. De Langobard Paulus de Diaken bleef in Aken om daar een editie te verzorgen van het Latijnse woordenboek van Festus. Een andere migrant kwam uit het Arabische Spanje: de al genoemde Theodulphus, waarover ik in mijn vorige blogje al schreef dat die meewerkte aan de nieuwe editie van de Bijbel.
Zelfde tijdvak
Langs de Zijderoute (3)mei 15, 2015
De madrasa volgens George Makdisijuli 14, 2011
Het Emiraat van Córdoba (2)augustus 1, 2025

“Daar zat een somber mensbeeld achter”
Een mensbeeld dat ook tegenwoordig nogal eens voorkomt. Een afvallig christen bevestigde mij dat.
“De vraag is uiteraard of er werkelijk sprake was van misstanden.”
Het antwoord is ja; dat is hoe dergelijke christenen dat zagen. Hun oordeel was (en is) consistent met dat sombere mensbeeld. Zelf ben ik een moreel subjectivist en heb een ander mensbeeld, dus mijn antwoord is anders (of aartsengelen namen krijgen boeit mij geen donder). Maar geschiedkunde draait er om te begrijpen hoe mensen destijds dachten, niet om mijn persoonlijke meninkjes. Het is overduidelijk dat zij die discussieerden over de namen van aartsengelen dit niet als een misstand zagen, maar wellicht als een zaak van het hoogste belang.
Het beleid van Karel de Grote illustreert mooi dat religie (of iets vergelijkbaars) een noodzakelijke, zij het geen voldoende voorwaarde is voor de ontwikkeling van wetenschap. In India en China zijn parallellen te vinden. Lang geleden heb ik Karel de Grote eens overschat genoemd (vind ik nog steeds), maar dit beleid rechtvaardigt mi De Grote voldoende.
Interessant om te lezen dat Karel nooit goed leerde schrijven.
Ik hoorde onlangs dat het gemiddelde kind op de basisschool dat ook niet leert.
Vast wel, als ze schriftjes onder hun hoofdkussen zouden leggen.
Mij was op school altijd verteld dat Karel de Grote de uitvinder van de school was (je wordt bedankt hoor! Maar niet heus! Dacht ik als kind.) En dat hij zijn eigen naam kon schrijven, die bekende K met dat kruis, maar verder niks.
En dat hij een olifant had.
In bovenstaand stuk schrijf je:
” In de praktijk betekende de beoogde uniformering van de kerkelijke gebruiken bijna altijd dat Karel zijn onderdanen de Italiaanse regels oplegde: de eredienst hoorde voortaan plaats te vinden volgens de Romeinse voorschriften en abdijen kregen uniforme reglementen.”
Nu herinner ik me van jou de mededeling dat we niet weten wat de Romeinen in hun tempels deden. Dat schijnen ze nergens beschreven te hebben.
Zou het niet mogelijk zijn een beetje daarvan af te leiden uit wat de kerk er deed en doet?
Ik denk dat de christelijke eredienst, zonder offer maar met focus op de juiste mening (“orthodoxie”), echt een heel radicale breuk betekende met alles wat eraan vooraf is gegaan. Dus nee, ik denk niet dat het kan.
Er is bovendien het gevaar dat we in protestantse val lopen. Eeuwenlang is de mensen voorgehouden dat het roomskatholicisme een soort heidense afgodsdienst was. Die laster is een eigen leven gaan leiden, zoals we steeds weer zien als Valentijnsdag weer wordt opgevat als katholieke aanpassing van de Lupercalia en meer van dat fraais.
Ik zou zeggen: laten we dit spoor maar niet volgen als er geen aanleiding is.
Kon Karel eigenlijk lezen? Dat moet toch wel als hij zoveel studeerde? Latijnse grammatica…
Het ruiterbeeld kan ook een afbeelding zijn van Karel de Kale, zijn kleinzoon, toch?
Bij de MB heerst vaak ook een somber mensbeeld…🙄
Ik vind de auteur van MB juist altijd heel vrolijk, met een prachtig en ook nog vrouwvriendelijk mensbeeld.
Over de intellectuele en academische toekomst van de mensheid lijkt de MB heel somber. Is de MB heel somber.
Niet geheel ten onrechte. De langstudeer boete blijft bestaan, zodat Jona’s wens om studenten de tijd te laten nemen voor hun studie voorlopig niet zal uitkomen. De VVD mentaliteit overheerst: leren doe je om later een goede baan te vinden en geld te verdienen! Hoe zei u? De Bildung? Wat is dat, debiel doen? Van ons belastinggeld zeker!
Ik weet het, Frans.
Een negatief mensbeeld is niet ten onrechte.
Om man en paard te noemen: iconografisch interessant aan het beeld uit het Louvre vind ik, is eigenlijk dat het heel erg ‘realistisch’ is… waar ik op doel, zijn de proporties… Het paard lijkt eerder een pony te zijn, wat in werkelijkheid ook zo was… ik kan er naast zitten, maar ik dacht dat het rond de veertiende vijfiende eeuw was, dat de fok (?) de schofthoogte geleidelijk deed toenemen, of was het nog later?… Toen ik daar voor het eerst over hoorde, liep ik een dag lang te meesmuilen, denkend aan ‘de bello gallico’ en hoe de grote caesar daar imposant rondhuppelde op zijn speelgoedpaardje… het is een vorm van Hineininterpretierung, maar dat was dan toch een klein beetje Wiedergutmachung voor al die vermoorde Galliërs, dacht mijn zeventienjarige evenbeeld toen… zo zou je kunnen stellen dat het ruiterstandbeeld van Marcus Aurelius van de Campidoglio proportioneel dan, veel onrealistischer is… alhoewel dit ook met een hogere opstelling kan te maken gehad hebben, waardoor het (kikker)perspectief (sotto in su) van de beschouwer het beeld “vervormt”, wat goede beeldhouwers natuurlijk incalculeerden… (zie bvb -om maar iets te noemen- de profetenbeelden van Donatello op de campanile di Giotto in Firenze…)
kleine verduidelijking: met “Het paard lijkt eerder een pony te zijn, wat in werkelijkheid ook zo was…” doel ik eigenlijk op de proporties en bedoel ik niet zozeer dat men toen met pony’s rondreed, maar dat de rossen of knollen te dien tijde niet groter waren dan een huidige, wat groot uitgevallen pony…