De jonge islam

De aqedah (Byzantijns reliefje uit het Nationaal Museum in Beiroet)

Onlangs verzorgde ik een lezing waarbij het ontstaan van de islam ter sprake kwam. Over dat onderwerp is – door gelovige moslims, door islamofoben en door historici – voldoende gezegd dat niet herhaald behoeft te worden, maar ik wil wel wijzen op een punt dat ik belangrijk vind: er gingen ideeën aan de islam vooraf. Nu is dat natuurlijk het intrappen van een wagenwijd openstaande deur: nieuwe ideeën ontstaan doorgaans in wisselwerking met andere. Als het niet zou zijn, zouden we immers niet begrijpen wat er nieuw aan was. Maar het blijft interessant te kijken waartegen Mohammed zich afzette, welke ideeën de zijne voortbrachten, waartegen hij polemiseerde en wat de in de vroege islam gemaakte keuzes zeggen over de eerste gelovigen. Daar ligt, zoals ik zie, momenteel een van de fronten van de geschiedwetenschap.

In de eerste plaats: in het laat-Romeinse Rijk won het christendom aan populariteit. Eerst stonden de keizers Licinius en Constantijn het geloof toe, daarna waren er keizers die het als persoonlijke voorkeur hadden, vervolgens kwam een einde aan de overheidssubsidie van de heidense culten en tot slot zag keizer Theodosius erop toe dat de christenen één centrale leer hadden, vastgelegd in de geloofsbelijdenis die op het Concilie van Constantinopel in 381 werd bevestigd.

Lees verder “De jonge islam”

Oude koran, jonge islam

Negende-eeuwse Koran (Museum van islamitische kunst, Teheran)

Arabieren, dat waren die nomaden uit het zuiden. Soms migreerde een stam naar het noorden, en die vestigde zich dan in de grensprovincies van het Romeinse Rijk of in Mesopotamië, waar de Perzen de macht hadden. Voor Romeinen en Perzen waren de Arabische stammen nuttige militaire bondgenoten en dat was dat. Geen Romein of Pers verdiepte zich in de Arabische cultuur, maatschappij of religie. De Arabieren waren marginaal. Althans, zo was het rond 630.

Twintig jaar later strekte het rijk van kalief Othman zich uit van Tunesië tot Afghanistan. Het Perzische Rijk bestond niet langer, het Romeinse was gehalveerd. De Grieks-Romeinse cultuur was ten einde gekomen, de islamitische beschaving ontluikte.

Lees verder “Oude koran, jonge islam”

Hulspas’ Mohammed (3)

Koranmanuscript

Is Mohammed en het ontstaan van de islam, waarover ik hier en daar al blogde, een goed boek? Ik heb het al gezegd: Hulspas stelt een vraag die menig wetenschapper heeft laten liggen, schrijft een beter boek dan het tweeluik van Hans Jansen en bedt de profeet in een langere traditie in. Dat is wat saaier maar ook realistischer dan het onwaarschijnlijke beeld van een vernieuwer die met werkelijk alles breekt. Niemand kan een totale vernieuwer zijn, iedereen is een kind van zijn tijd, ook Mohammed.

Dus ja, u zult geen spijt krijgen van uw lectuur. Hulspas schrijft goed en beledigt u niet met simplisme. Zijn eerste hoofdstukken zijn taai want hij weet dat u dat aankunt. Hij schuwt de wellichts, misschiens en waarschijnlijks niet: u bent heel goed in staat met hem mee te denken. Ook maakt hij u meer dan eens deelgenoot van de wijze waarop geschiedwetenschappers hun bronnen evalueren:

Lees verder “Hulspas’ Mohammed (3)”

Hulspas’ Mohammed (2)

Jesaja, Jezus en Mohammed

In mijn vorige stukje legde ik de aard van de problematiek rond de historische Mohammed uit: onze voornaamste bron, Het leven van Gods profeet door Ibn Ishaq, is niet echt meer geïnteresseerd in Mohammeds Eindtijdverwachting, en hedendaagse gelovigen zijn in feite ook niet werkelijk geïnteresseerd in de eigenlijke ideeën van de Profeet. Die vormt een bron van inspiratie, zeker, maar om in elke cultuur en in elke tijd inspirerend te zijn, moet Mohammed voortdurend van betekenis veranderen. Elke gelovige legt eigen accenten.

Dat mag. Geloof en wetenschap zijn twee denkwijzen en de gelovige mag die gescheiden houden. De vraag naar de historische Mohammed, de apocalyptische ziener en de “koning van de Hidjaz”, mag echter óók worden gesteld. Het gros der gelovigen mag deze kwestie dan negeren, het ontstaan van een wereldreligie is belangrijk en te lang genegeerd. Alleen al om de zaak in beweging te krijgen, is het goed dat Hulspas’ Mohammed en het ontstaan van de islam er nu is. Meer dan dat: het is een goed boek, beter dan bijvoorbeeld de twee boeken die Hans Jansen ooit aan het onderwerp wijdde. Hulspas graaft dieper dan Jansen en onthoudt zich bovendien van gratuit commentaar op de PvdA. Dat maakt zijn boek in elk geval een stuk leesbaarder en ik sluit zelfs niet uit dat Hulspas de historische waarheid meer benadert dan zijn voorganger.

Lees verder “Hulspas’ Mohammed (2)”