Herakles in Xinjiang

Niet Herakles maar Vajrapani (Musée Guimet, Parijs)

In het Musée Guimet in Parijs fotografeerde ik onlangs bovenstaande kop. Een tête à l’expression farouche, zo las ik op het bordje met uitleg, dat verder meldde dat dit woest kijkende heerschap afkomstig was uit de kleine Tempel 1 te Toqquz Sarai in Tumxuk. Het is gemaakt in de late vierde eeuw na Chr. en met een leeuwenhuid over het hoofd is het natuurlijk Herakles – of zoiets.

Boeddhistische kunst

Tumxuk ligt in Xinjiang, dus in het uiterste westen van het huidige China, aan de Zijderoute. Toen de Kushana’s heersten over Centraal-Azië, tussen de eerste eeuw v.Chr. en de vierde eeuw na Chr., verspreidde het Mahayana-boeddhisme zich vanuit de Punjab naar Afghanistan, Oezbekistan en door de Fergana-vallei over de Pamir naar Xinjiang. En met het boeddhisme kwam kunst als deze mee. We noemen het weleens Gandara-kunst en daar zit een flinke scheut hellenistische invloed in.

Lees verder “Herakles in Xinjiang”

Het Maurya-rijk: Ashoka en daarna

Stenen met de Rotsedikten van Ashoka (Shahbazgarhi)

[Dit is het tweede en laatste blogje over het Maurya-rijk; het eerste was hier.]

Teksten uit het zuiden van India vermelden dat de Maurya-strijdwagens het land binnenvielen, als donder komend over het land, met witte wimpels die schitterden als de zon. Ashoka, die in 272 v.Chr. zijn vader Bindusara was opgevolgd, was de eerste die het hele Indische subcontinent verenigde, met uitzondering van het uiterste zuiden.

Hij kreeg echter een hekel aan oorlog nadat hij het bloedvergieten in Kalinga (in het oosten van India) had gezien en bekeerde zich tot het boeddhisme. Hij wilde voortaan overal dhamma vestigen, “de wet van de rechtvaardigheid”. In de rots-edicten liet hij op verschillende plaatsen in zijn rijk achterliet, verklaart de keizer:

Lees verder “Het Maurya-rijk: Ashoka en daarna”