
De worsteling van de stoïcijn met zijn eigen negatieve emoties zien we vooral terugkomen in het geschrift van keizer Marcus Aurelius, die in de tweede eeuw van onze jaartelling leefde. Het enige boek dat hij schreef, Meditaties of Overpeinzingen, was aan zichzelf gericht, als een stoïcijnse oefening. Het was waarschijnlijk nooit zijn bedoeling dat iemand het zou uitgeven. Maar het geldt als een literair meesterwerk, en een van de belangrijkste laat-stoïcijnse geschriften.
Bij het lezen ervan krijgen we de indruk dat Marcus Aurelius tegen wil en dank keizer is geworden. Hij lijkt het vervullen van zijn functie te ervaren als een loden last. Vooral de kunst om iedereen rechtvaardig tegemoet te treden ziet hij als een hele opgave. De onderlinge ruzies en machtsstrijd van de mensen aan het hof en tussen de volkeren onderling vielen hem duidelijk zwaar.








Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.