Voor-westerse geschiedenis (12) “cattle culture”

Kastor en Polydeukes komen terug van een veediefstal (Schathuis van Sikyon, Delfi)

Deze reeks over de voor-westerse wereld heet zo omdat ze gaat over de tijd vóór het concept van “het westen” ontstond en omdat ze gaat over de diepere historische structuren en processen – zeg maar aan de omstandigheden die voorafgaan aan de keuzes waarmee individuen geschiedenis maken. Iets minder abstract: deze reeks gaat over een agrarische samenleving. En zoals u weet valt de landbouw uiteen in akkerbouw en veeteelt.

Toen ik onlangs een nog te plaatsen blogje over het jaarritme voorbereidde, realiseerde ik me dat ik het daarin vooral had over de akkerbouw. Herders kwamen alleen in het voor- en najaar aan de orde, als zij de kuddes verplaatsten van een akkerbouwersdorp naar een ongebruikt stuk land en weer terug. Over deze veetelers aan de rand van de samenleving valt wel iets te weten: hoewel het archeologisch bewijs indirect is (textiel, zuivel…), duiken herders regelmatig op in de geschreven bronnen. Naast deze vorm van gemengd bedrijf bestonden er echter ook pure veetelerssamenlevingen, de zogeheten “cattle cultures”, die we eigenlijk alleen kennen door etnografische parallellen.

Lees verder “Voor-westerse geschiedenis (12) “cattle culture””

De Thraciërs (2)

De godin Bendis op een panter (Rogozen-schat, Archeologisch museum, Vratsa)

[Dit is het tweede van zeven blogjes over de Thraciërs. Het eerste was hier.]

Sociale stratificatie

De in het vorige blogje genoemde handel en de exploitatie van goudmijnen zorgden voor rijkdom. En rijkdom schiep sociale stratificatie: koning, adel, krijgers, boeren. Het is geen toeval dat de Odrysen, die het dichtst bij het Perzische Rijk en de Griekse stadstaten woonden, in de vijfde eeuw v.Chr. als eersten een eigen koninkrijk bouwden. Zij hadden de beste mogelijkheden om handel te drijven. Later volgden ook de andere gebieden.

Maar de maatschappelijke verschillen zijn al eerder gedocumenteerd. Toen de Perzen tegen het einde van de zesde eeuw de regio onderwierpen, was er al een archeologisch herkenbare elite die pronkte met Griekse en Perzische voorwerpen. (Ik blogde al eens over de Rogozen-schat, gevonden bij de Triballiërs in het noordwesten, waar een kruikje bij zit waarvan de decoratie lijkt te zijn geïnspireerd door de Perzische leeuw-stier-reliëfs.) Niet dat de Thraciërs zelf geen kunst maakten. In de vorstelijke residenties was emplooi voor edelsmeden. Hun producten zijn aangetroffen in tal van graftombes (tumuli in jargon) en zijn beeldschoon.

Lees verder “De Thraciërs (2)”

Etruskische goden

Aplu (Museo nazionale Etrusco di Villa Giulia, Rome)

Even ten noorden van Rome lag Veii, een machtige Etruskische stad die de Romeinen in 393/392 v.Chr. veroverden.noot En niet in 396, zoals je nogal eens leest. Daarna vielen de kleinere stadjes in de omgeving, die ooit onderworpen waren geweest aan Veii, eveneens in Romeinse handen. Zo ook Falerii, dat zich korte tijd later op nogal bijzondere wijze onderwierp. Een schoolmeester had namelijk een klasje aristocratische kinderen als gijzelaars uitgeleverd aan de Romeinse generaal Camillus, die dit geschenk, dat de oorlog tot een snel einde zou hebben kunnen brengen, had geweigerd, en de schoolmeester geboeid en gegeseld terug had gezonden naar Falerii, met de mededeling dat hij de stad zou nemen “met Romeinse middelen”. De burgers capituleerden ogenblikkelijk: volgens geschiedschrijver Titus Livius omdat ze onder de indruk waren van Camillus’ nobele gebaar, maar je hoeft niet heel cynisch te zijn om te herkennen dat men doodsbang was voor “de Romeinse middelen”.

In Falerii is verschrikkelijk mooie terracotta-sculptuur gevonden, die voor het merendeel is terechtgekomen in de Villa Giulia, het Etruskische museum van Rome. Bovenstaande kop komt uit een tempel die stond op een plek genaamd Sassi Caduti. Dit heiligdom, even ten westen van de acropolis, was gewijd aan de godheid die de Romeinen Mercurius noemden en de Etrusken Turms. Hij was de boodschapper van de oppergod Tinia, beschermde de handel en begeleidde de dode zielen op weg naar de Onderwereld. Bij Sassi Caduti is ook een marktplein gevonden, wat natuurlijk wel zo gepast is voor een god van de handel.

Lees verder “Etruskische goden”

Hefaistos

Hefaistos en Thetis op een wandschildering uit Pompeii (Museo archeologico nazionale, Napels)

Aan het einde van het eerste boek van de Ilias presenteert Homeros een goddelijk gezelschap dat gezellig achteroverleunend bekers met nectar nuttigt. Ze krijgen bijgeschonken door een god wiens gehink “homerisch gelach” ontketent. De schlemiel was Hefaistos, god van de smeedkunst. Niet alleen liep hij mank, hij was ook nog eens lelijk en werd bovendien bedrogen door zijn echtgenote. Hij was echter ook listig en zijn twee rechterhanden waren onmisbaar, zowel voor de goden als Griekse helden en stervelingen.

Volgens de oude Grieken bestierden twaalf belangrijke goden de wereld vanaf hun zetel op de Olympos. De Olympische goden waren sterk, mooi, wijs en krachtig om maar een paar positieve eigenschappen te noemen. Ze konden echter ook wraakzuchtig, listig, vertoornd en jaloers zijn en draaiden hun hand er niet voor om een mensenleven overhoop te halen. Kortom: het waren net mensen. Tot dit wispelturige dozijn behoorde ook de smid Hefaistos, bij de Romeinen bekend als Vulcanus.

Lees verder “Hefaistos”

Hermes in Amsterdam

Hermes (Tropenmuseum)
Hermes (Tropenmuseum)

Amsterdam is de stad van dominees en kooplieden. Die laatsten hebben gezorgd voor een van de officieuze symbolen van de stad: de alom aanwezige Hermes, de Griekse god van de handel, kooplieden, dieven, boodschappers en reizigers. De godheid – door de Romeinen aangeduid als Mercurius – wordt meestal afgebeeld als een naakte jonge man met twee attributen: de herautenstaf en een gevleugelde helm. Het beeld hierboven maakt deel uit van de decoratie van het Tropenmuseum.

De beeldhouwers die de sculptuur verzorgden van de Beurs van Berlage hadden wat meer moeite met naaktheid en gaven Hermes een mantel over de schouders en een nogal onpraktisch ogende rok die, zo te zien, permanent met de arm moest worden opgehouden.

Lees verder “Hermes in Amsterdam”

Vloektablet

Vloektablet (Antikensammlung, Munchen)
Vloektablet (Antikensammlung, Munchen)

Het bovenstaande voorwerp is een loden plaatje met een tekst die, ondanks een stukje dat niet helemaal leesbaar is, heel erg weinig aan duidelijkheid te wensen overlaat.

Ik vervloek Panfilon, alles waarop Panfilon hoopt en al zijn daden; en ook vervloek ik Thoukleides, alles waarop Thoukleides hoopt en al zijn daden. Ik, Syros, … en jij zult in je waanvoorstellingen bezeten zijn door Hermes.

Klare taal. De vervloekingen gaan nog even door op de andere zijde:

Lees verder “Vloektablet”