Oorlog in Sumerië

Spijkerschrifttekst van Enmetena van Lagash over de oorlog met Umma (Louvre, Parijs)

Het schijnt voor te komen, en het is natuurlijk heel bijzonder, dat mensen dagenlang niet denken aan het conflict tussen de Sumerische stadstaten Lagash en Umma. Het is een van de oudst-gedocumenteerde oorlogen uit de geschiedenis. De inzet was niet gering: door het onduidelijke verloop van de grens tussen de twee staatjes was de watervoorziening onzeker en dus ook de welvaart.

Dit was de menselijke dimensie van het conflict, waar wij iets van begrijpen. Er was echter een tweede dimensie. Als het land eigendom was van de stadsgoden, dan was dit dus tegelijk een conflict tussen twee goden. Gelukkig waren er altijd verstandige goden, zoals het hoofd van het Sumerische pantheon, Enlil. Diens vertegenwoordiger op aarde, koning Mesalim van Kish (pakweg 2550 v.Chr.) stelde de grens vast en plaatste daar een stèle. Probleem opgelost – althans voorlopig.

Lees verder “Oorlog in Sumerië”

Een oudheidkundig probleem: vergelijkingstheorie

Vergelijkingstheorie helpt vaststellen wat deze vier koningen vergelijkbaar maakt.

Vandaag een blogje over een probleem waarmee de oudheidkundige disciplines kampen: de onvoldoende uitgewerkte vergelijkingstheorie. Vóór ik daarop inga, eerst even terug naar vorige week. Toen schreef ik over het historisme: het denkbeeld dat alles een eigen, historisch gevormd karakter heeft. Dit maakt het op het eerste gezicht onmogelijk wetmatige verbanden aan te wijzen. Ik schreef:

Unieke evenementen en volken hebben immers niets gemeenschappelijks waarop zulke wetten gebaseerd kunnen zijn. Negentiende-eeuwse historici zochten bij het verklaren van het verleden dus niet naar algemene patronen, maar lieten zich inspireren door de tekstuitleg, en dan vooral door de psychologiserende hermeneutiek.

Anders geformuleerd, oudheidkundigen probeerden het verleden te verklaren door zich in te leven (ein zu fühlen) in de individuele actoren, wat hand in hand ging met een voorkeur voor grotemannengeschiedenis. Het focus op het individu betekende dat er geen vruchtbare samenwerking kon ontstaan met de in de negentiende eeuw groeiende sociale wetenschappen, die immers zochten naar algemeen-menselijke patronen.

Lees verder “Een oudheidkundig probleem: vergelijkingstheorie”

Gudea van Lagash

Gudea van Lagash (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Ik heb weleens geblogd over de klimaatcrisis die bekendstaat als het 4,2 ka BP event: een periode van droogte die in Egypte het einde van het Oude Rijk markeert en in Mesopotamië het einde van het Rijk van Akkad. In Irak was er een periode zonder centraal gezag, tot de Derde Dynastie van Ur het tweestromenland opnieuw verenigde. Uit die tussentijd kennen we één koning vrij goed: Gudea, heerser van de Sumerische stadstaat Lagash. Het is ietwat verwarrend dat de voornaamste nederzetting in zijn koninkrijkje de tempelstad Girsu was. Beide steden liggen in het oosten van Sumerië.

We moeten de regering van Gudea plaatsen tussen 2144 en 2124 v.Chr.noot Dit is volgens de bewezen correcte middenchronologie; de Engelse Wikipedia, die door wetenschappers die de discussie hebben verloren is gevandaliseerd, vermeldt ook de weerlegde korte chronologie. Het lijkt een bloeiperiode te zijn geweest. Er zijn in Lagash, Girsu en elders duizenden inscripties gevonden, waaronder de langst-bekende Sumerische tekst, een cilinder uit Girsu.

Lees verder “Gudea van Lagash”

Sumerische falanx

Een falanx op de Gierenstèle (Louvre, Parijs)

De Mona Lisa, de doeken van Delacroix, de Venus van Milo: er is geen hond die in het Louvre naar de afdeling Oude Nabije Oosten gaat, en dat is ook wel zo fijn, want hier kun je dus op je gemak kijken naar voorwerpen die je nergens anders zult zien. Zoals de Gierenstèle die de Sumerische stadstaat Lagash oprichtte om te vieren dat het zijn buur Umma had verslagen.

De fragmenten van het reliëf zijn in de jaren tachtig van de negentiende eeuw door Franse archeologen opgegraven in het antieke Girsu (in het zuidoosten van wat nu Irak heet). Uiteraard waren er bij de opgraving pottenkijkers: een avontuurlijk ingestelde Arabier moet zich op een bepaald moment op de opgraving hebben gewaagd en ook wat hebben staan spitten. Daarbij vond hij een fragment van de stèle, dat hij later verkocht aan het British Museum. Sinds 1932 zijn alle fragmenten te zien in het Louvre: een manshoge stele die we kunnen dateren rond het midden van de vijfentwintigste eeuw v.Chr. De piramiden waren al gebouwd, Stonehenge was in bedrijf, in Nederland werd het wiel geïntroduceerd.

Lees verder “Sumerische falanx”