Ondertussen in Syrië

Apamea in de zomer van 2011
Apamea in de zomer van 2011

De bovenste foto (via) dateert uit de zomer van 2011 en toont de ruïnes van de antieke stad Apamea in Syrië. Het is een van de best-onderzochte Grieks-Romeinse steden van het antieke Midden-Oosten. De grote lijn van links naar rechts is de weergaloze processiestraat, die aan beide zijden is omgeven door colonnades. Er is een stadspoort (helemaal links), er is een badhuis, er zijn tempels – kortom, alles wat een antieke stad zo interessant maakt is er te zien. Enkele mooie mozaïeken zijn te zien in de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis in Brussel.

Er is in Apamea simpelweg té veel gevonden. Lang niet alles wat is opgegraven, kon worden gedocumenteerd. Mijn beste vriend en ik hebben in het museum foto’s genomen van een enorme, prachtige verzameling grafschriften. Men deed daar niet moeilijk over, maar verzocht ons wel of we met het online plaatsen wilden wachten tot de officiële publicatie er was.

Die zal er wel niet meer komen. En er zal nog wel meer nooit worden gepubliceerd. Zie de tweede foto, hieronder. Die is van dit jaar. De kleuren zijn anders – dit is een foto uit de late winter, als alles groen is – maar er is een wezenlijker verschil. Het hele terrein ligt vol kuilen en gaten. De opgraving is massaal en systematisch geplunderd.

Apamea in de winter van 2013
Apamea in de winter van 2013

4 gedachtes over “Ondertussen in Syrië

  1. Mike Uyl

    Wat een buitengewoon verlies voor het toch al zo geteisterde Syrische volk. De zoveelste aanwijzing dat de Arabische lente niet (meer?) bestaat, maar vooral een onontwarbare kluwen is geworden van elkaar uitsluitende waarheden.

  2. De beelden doen me denken aan Ai-Khanoum in Afghanistan. Nu is Syrië blijkbaar aan de beurt. Een schande dat er niet meer respect bestaat voor ons erfgoed

  3. R. H.

    Ik geniet het voorrecht dat ik in 1998 Apamea al mocht bezoeken tijdens een studiereis. Helaas was er toen een druk programma, waardoor onze bezichtiging zich beperkte tot het bewandelen van de cardo maximus met de apart gevormde zuilen. Ik zeg “apart” – daar spraken ze over “uniek” – want ondertussen heb ik op diverse andere plekken dezelfde zuilen gezien in kleinere vorm. Hoe dan ook, ik heb altijd de wens gehad om er terug te keren om het theater (volgens mijn Lonely Planet behoort deze tot de allergrootste qua zitplaatsen, al heb ik het niet gecontroleerd) en de stadsmuren te verkennen. Ik zou er een hele dag aan wijden.

    Vlak voor de Syrische burgeroorlog uitbrak, was ik bezig om een vier weken durende rondrit door Syrie en wellicht Libanon te plannen. Nu is het maar de vraag of het er ooit nog van gaat komen. Het doet me pijn dat Apamea (en andere plekken – ik geef weinig voor de kansen van het Krak des Chevaliers of Palmyra) nu cultureel slachtoffer is geworden.

Reacties zijn gesloten.