Vandalisme en plundering

De tetrapylon van Palmyra

Eigenlijk is het heel logisch dat als ik blog over Palmyra, zoals ik vanmorgen deed, ik reacties krijg over de plundering. Die heeft inderdaad nogal wat publiciteit gekregen en ik had moeten zien aankomen dat daarop zou worden gereageerd. Gek genoeg heb ik daar, toen ik vannacht mijn stukje typte, geen seconde aan gedacht. Mijn antwoord op een reactie op Faceboek groeide uit tot de lengte van een blogstukje en ik kan dat op deze plek weer uitbreiden met wat links. Een overzicht dus.

Syrië

De erfgoedschade in Syrië is vooral toegebracht door het regime. De zogenaamd Islamitische Staat heeft zich beperkt tot acties die eerder mediageniek waren dan schadelijk. Ik wil ze daarmee – dit schrijf ik met nadruk – niet bagatelliseren want de schade is reëel, maar het waren toch vooral de personeelsadvertenties van een terreurgroep en de westerse media hebben de taak van megafoon goed op zich genomen. Het beschadigen van oudheden was voor IS echter geen echt doel. Als dat zo zou zijn geweest, had het Resafa kunnen plunderen, maar het liet die stad ongemoeid.

Lees verder “Vandalisme en plundering”

De schade van zwarte handel

Plundering in Šahr-e Qumis
Plundering in Šahr-e Qumis, Iran (2005)

Het probleem met de clandestiene handel in oudheden is, eh, dat ze clandestien is. We kennen het begin en het einde, maar het tussenliggende deel is onbekend. Aan het begin zien we geplunderde archeologische sites en kennen we de schade die is aangericht in musea (de laatste jaren in Egypte, Irak, Libië en Syrië). Wat we eveneens kennen is het einde: als de illegaal opgegraven voorwerpen op de markt komen. Wat er gebeurt tussen plundering en markt, dat is dus een stuk minder bekend.

Niet dat deze tussenhandel volledig onzichtbaar is. Iedereen kan haar zien op bijvoorbeeld eBay. Omdat ik een grote website beheer over de Oudheid, Livius.org, krijg ik regelmatig oudheden aangeboden of vragen over voorwerpen die mensen “toevallig” op het erf hebben gevonden. Vóór de Arabische Lente kwamen de aanbiedingen vooral uit Turkije en Iran, daarna vooral uit Egypte en later keerde Turkije terug met voorwerpen waarvan ik denk dat ze komen uit Syrië of Irak. De politie vangt soortgelijke glimpen op, maar in feite weet niemand wat er tussen roof en markt gebeurt.

Lees verder “De schade van zwarte handel”

ISIS’ reality show

U hebt de beelden ongetwijfeld gezien: aanhangers van de zogenaamd Islamitische Staat vernietigden oudheden in het museum van Mosul. Ik ga er niet naar linken, om redenen die u zo zult horen. Dat hoeft ook niet: u bent mediavaardig genoeg om te weten dat de vraag niet is wát het nieuws is maar waaróm het nieuws is. Waarom kreeg u deze beelden te zien?

Het is namelijk, om te beginnen, bepaald geen nieuws dat religieuze fanatici de musea in het Midden-Oosten plunderen of kapot maken. Een maand geleden werd het museum van El Arish in Egypte onder handen genomen. Dat kreeg u niet te zien. De musea van Deir ez-Zor, Palmyra, Malawi en Bani Walid zijn eveneens geplunderd en ook dat was geen echt nieuws.

Lees verder “ISIS’ reality show”

Plundering, heling en vandalisme

Het museum in Malawi
Het museum in Malawi. Deze mummie is er tenminste nog. Andere zijn kapot gemaakt om papyri uit te halen of zijn in brand gestoken.

Napoleon plunderde het Vaticaan en versleepte alle kunstvoorwerpen naar het Louvre. Hitler vorderde kunstwerken voor het Führermuseum in Linz. In Bagdad zaten kunsthandelaren te wachten op de Amerikaanse troepen, zodat ze in de chaos van de bevrijding het museum konden plunderen.

Het was allemaal kinderspel vergeleken bij wat er momenteel gebeurt in het Midden-Oosten. Het plunderen begon tijdens de Arabische Lente in Egypte en Libië. De grote nationale musea in Caïro en Tripoli bleven weliswaar vrijwel onaangeroerd, maar elders zijn in deze landen massaal oudheden geroofd.

Lees verder “Plundering, heling en vandalisme”

Brief

Brief, gevonden in Tell Brak (Syrië)
Brief, gevonden in Tell Brak (Syrië)

De foto hierboven toont een brief die rond 1350 v.Chr. is verstuurd. Het is een beetje moeilijk te zien, maar op de onderste helft is de afdruk te herkennen van een zogeheten rolzegel: een kleine stenen cilinder waarin een plaatje is gekerfd dat kon worden afgerold over een kleitablet. De eigenlijke brief tekst is bovenaan gekrasd in het kleitablet, dat zo groot is als een sigarettenpakje.

Het zegel kan worden geïdentificeerd als dat van de plaatselijke heerser van een stadje dat Nuzi heette en lag in het noorden van Irak. De man, die Shaustatar heet, schrijft dat het zegel voortaan toebehoort aan koning Tushratta van Mitanni.

Lees verder “Brief”