Behistun (4)

Een Perzische soldaat (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

De Behistuninscriptie beschrijft hoe Darius koning werd, een verhaal dat ook Herodotos vertelt, al lijkt er een mondelinge tussenschakel geweest. We zagen ook dat de Griekse onderzoeker moeiteloos overschakelt op een oosters sprookje als hij dat blijkt te kennen. En soms laat hij iets liggen. Hij weet bijvoorbeeld van een opstand van de Meden (vermeld in Historiën 1.130) maar gaat er nauwelijks op in. Het past blijkbaar niet in het plan van zijn boek. Als het gaat om de stad Babylon, zo zullen we zien, kiest Herodotos eveneens voor een fantastisch verhaal en niet voor de zakelijke beschrijving die hij uit de mondeling doorgegeven Behistuninscriptie moet hebben gekend. Babylon moest voor in zijn Historiën iets bijzonders zijn.

Welk verhaal liet hij liggen? Wat ontdekte Rawlinson over de geschiedenis van Perzië dat in zijn tijd niet al bekend was? Dat is het verhaal van de burgeroorlog na Darius’ troonsbestijging: hij moest negentien keer slag leveren in één jaar. Het verslag is redelijk slaapverwekkend en je begrijpt dat Herodotos het liet liggen. Cyrus en Kambyses hadden de volken van Azië onderworpen en Gaumata zou ze, althans volgens Herodotos, een belastingvrijstelling hebben verleend. Dat lijkt op een concessie aan groepen die geen eenheidsstaat wilden. Darius wilde die wél en moest optreden tegen separatisten. Hijzelf zegt:

Nadat ik Gaumata de Magiër had gedood kwam een zekere Aššina, de zoon van Upadarma, in Elam in opstand. Tegen de mensen van Elam zei hij: “Ik ben koning in Elam.” Daarna werden de mensen van Elam opstandig en ze liepen over naar die Aššina. Hij werd koning van Elam.

En een zekere Babyloniër, Nidintu-Bel, de zoon van Kin-Zer, kwam in Babylon in opstand. Hij loog tegen de mensen, zeggend “Ik ben Nebukadnezar, de zoon van Nabonidus.” Daarna liep de hele provincie Babylonië over naar die Nidinut-Bel en kwam Babylon in opstand. Hij veroverde het hele koninkrijk Babylonië. (Behistuninscriptie 16)

Het eerste regeringsjaar van deze Nebukadnezar III staat vermeld in een brief van 3 oktober 522, vier dagen na de dood van Gaumata. Het leek erop dat Darius heerser was geworden van een snel desintegrerend koninkrijk. We zullen nog zien dat er meer rebellen waren, waaronder ook een Perzische opstandeling.

Darius zelf bevond zich met de andere samenzweerders in Medië, in het westen van Iran, waar ze Gaumata hadden gedood. Het zou nog even duren voordat ze Elam of Babylonië hadden bereikt, maar ze hadden één troef: het leger dat met Kambyses naar Egypte was gegaan, was intact. Darius rukte snel op, langs Ekbatana, langs de rots van Behistun waar hij enkele maanden later zijn inscriptie zou laten aanbrengen, en hij bereikte de Tigris. Daar werd hij opgewacht door het leger van de Babylonische rebel Nebukadnezar, maar Darius wist de rivier over te steken en zijn tegenstander te verslaan. Het was 13 december.

Het moet een duidelijke overwinning zijn geweest, want Darius kon een gezant sturen naar de hoofdstad van Elam, Susa, die de uitlevering eiste van Aššina. De Elamieten deden meteen wat werd gevraagd. Darius doodde de opstandeling hoogstpersoonlijk.

Ondertussen rukte het Perzische leger op naar Babylon. Volgens Herodotos, die nooit een stoer verhaal onvermeld zal laten, verliep de belegering moeizaam en werd de stad pas ingenomen toen Zopyros, de zoon van de samenzweerder Megabyzos, zichzelf had verminkt en had aangediend bij de belegerde stad, waar men hem vertrouwde als iemand die onterecht door Darius was bestraft en een reden had om over te lopen. Zopyros zou het commando hebben gekregen over een Babylonisch leger – en de Perzische vijand hebben binnengelaten.

Dit verhaal is een van Herodotos’ vele verwijzingen naar de Trojaanse Oorlog. De Behistuninscriptie vertelt iets anders. Op 18 december 522 versloeg Darius de Babyloniërs opnieuw en de inname van de stad ging daarna in een moeite door. “Toen doodde ik die Nidintu-Bel daar in Babylon”, zegt Darius in de Behistuninscriptie. Hij moet hebben gedacht dat de burgeroorlog voorbij was. Maar dat was verkeerd gedacht.

[Wordt vervolgd; over het oude Perzië is tot 18 november een puike expositie in het Drents Museum.]

9 gedachtes over “Behistun (4)

  1. jan kroeze

    In 1 jaar tijds19 maal slag leveren lijkt me erg veel, maar tegen hoeveel luitjes ging dat, dat leveren van slag en hoe lang duurde zo’n gevecht? Een mens houdt het niet uit als zoiets een maand gaat duren bv. Dus het moeten gevechten van zeer korte duur zijn geweest? Vermoed ik.

            1. Frans

              Bedankt. Het laat zien dat het maken van een kalender een proces is dat heel lang kan duren. En dat we nu dat gedoe met zomer/wintertijd hebben (okay, dat gaat over de klok) laat zien dat we er nog steeds niet helemaal uit zijn hoe we onze jaartelling en dagindeling moeten paren aan de seizoenen en onze biologische klok.

  2. Otto Cox

    Wat mij niet duidelijk is, is wanneer het leger van Kambyses naar Medie kwam: was dat na de dood van Kambyses of daarna? En ware de samenzweerders mer dat leger meegekomen uit Egypte of waren ze in Medie en hebben ze dat leger daar overgenomen?

Reacties zijn gesloten.