Nog meer valse Dode Zee-rollen

Grot 4 uit Qumran, waar duizenden snippers van de Dode Zee-rollen zijn gevonden

Het is weer zo ver: vervalste antieke teksten! En u weet, zonder provenance is een snipper papyrus of een perkamentfragment van nul en generlei waarde. De vervalser die oud papyrus gebruikt (te koop op eBay), de receptuur van antieke inkt benut en geen scherp schrijfmateriaal gebruikt, is in het lab onherkenbaar. Misschien dat ramanspectroscopie in de toekomst iets zal opleveren, maar zelfs dan moet de vindplaats bekend zijn.

Het gaat dan ook altijd fout. Evangelie van de Vrouw van Jezus? Vals, ondanks rookgordijnen uit Harvard. Artemidorospapyrus? Vals, daar verandert de prijs van bijna drie miljoen euro niks aan. Vijf Dode Zee-rol-fragmenten in de Greencollectie? Vals. Er is onduidelijkheid over de Sapfo-papyri, maar dat er drie provenances zijn genoemd en is geschermd met een niet-bestaande authenticatiemethode, doet het ergste vrezen. En dan zijn er nog de Dode Zee-rol-fragmenten uit de Schøyen-collectie, waarvan al in 2013, toen ik mijn boek Israël verdeeld schreef, werd vermoed dat ze materiaal vals waren.

Eerst dit: de verzameling van Martin Schøyen is geen Green-collectie die het gelijk van de Bijbel moet bewijzen. Ze is half zo groot en niet haast-je-rep-je in enkele jaren opgekocht, maar in de loop van decennia bijeengebracht door twee verzamelaars, een vader en een zoon, die allebei Martin Schøyen heten. Het materiaal ligt in Londen en Oslo en veel publicaties zijn gratis. Ik vermoed dat de Schøyen-collectie het financiert door zo nu en dan iets te verkopen via Christie’s, waar ze deze zomer nog 1,3 miljoen pond binnenhaalde. En ja, er zitten dus valse stukken bij.

Bij de publicatie van het materiaal wordt serieus onderzocht of de teksten mogelijk niet echt zijn. Toen in 2016 een verzameling fragmenten van de Dode Zee-rollen werd gepubliceerd, Gleanings from the Caves, werden zeven teksten niet uitgegeven, omdat de onderzoekers ervan overtuigd waren dat ze vals waren. De rest leek authentiek. Ik schrijf “leek”, want inmiddels hebben de onderzoekers van de Schøyen-collectie een aanvulling op hun boek gepubliceerd – hier gratis te downloaden – en aangeven dat ook een deel van de teksten uit Gleanings vals is.

Misschien is het grootste verschil tussen Schøyen en de Greens wel dat de Noren klare wijn schenken terwijl de Greens dat almaar niet doen. Dat is wel enigszins te verklaren. Als je wordt onderzocht door de politie, kan alles wat je zegt tegen je worden gebruikt en de Greens worden nu eenmaal onderzocht door de Egyptische politie. Ondertussen is de moraal, zoals in al mijn stukjes over papyrologie, dat unprovenanced materiaal het beste is te vergelijken met afval. Het staat wetenschappers vrij door te gaan met het publiceren van dit afval maar hun publicaties kunnen ook bij het afval.

Ik zou weleens willen weten hoeveel geld wordt verspild aan het controleren van de echtheid van unprovenanced materiaal. De collectie van de Schøyens is al oud en betaalt, voor zover ik weet, het onderzoek zelf, maar de rekening van bijvoorbeeld de Artemidorospapyrus is betaald door de Italiaanse belastingbetaler. Misschien is het een idee in dit soort gevallen de rekening voor het onderzoek neer te leggen bij de wetenschappers die menen dat onuitgegeven museummateriaal niet goed genoeg is en die daarom de zwarte markt op gaan.

15 gedachtes over “Nog meer valse Dode Zee-rollen

  1. A.Minis

    Het lijkt me toch wel lastig om een geslaagde vervalsing te maken. Papyrus, inkt en pen zijn dus te koop. Maar als je bijv. een fragment van Sappho wilt vervalsen, heb je ook grondige kennis van het archaïsche Grieks nodig, anders trapt geen mens erin. En die kennis is niet te koop.

      1. A.Minis

        Het Duits van Hitler is gemakkelijker te imiteren dan het Grieks van Sappho..maar goed, het is niet uit te sluiten dat een of andere classicus profijt wil hebben van zijn pretstudie.

    1. Knotwilg

      Iemand met kennis van oud-Grieks doet dit niet om het domein in diskrediet te brengen dus: ofwel voor de roem ofwel voor het geld. De identiteit van de vervalser is dus ofwel triviaal ofwel te vinden door de geldstroom te volgen

      1. Theo Joppe

        Vergeet ook de religieuze component niet: ook dat kan een motief zijn, zonder dat roem of geld een primaire rol spelen. Niet bij Sappho, natuurlijk, maar wel bij Bijbelse of apocriefe stukken. Er lopen genoeg theologisch geschoolde mensen rond met een perfecte beheersing van het Hebreeuws en/of Koinè Grieks, en dan kan de verleiding groot zijn om vanuit godsdienstige overtuiging het bronnenmateriaal wat uit te breiden of, zoals zulke mensen het zullen zien, het bestaande (authentieke) bronnenmateriaal te verduidelijken.
        Ik denk dat we een onderscheid moeten maken: er is degene die de onechte tekst bedenkt, die blijft anoniem dus kan het niet voor de roem doen. Dan is er iemand die het fysieke produkt vervaardigt, de technicus. Die laatste zal dat inderdaad vooral om het geld doen. En dan hebben we natuurlijk nog de tussenhandel. De tussenhandel kun je traceren, maar de eerste twee?

        1. A.Minis

          Die blijft anoniem als schrijver, maar vergaart roem als ontdekker van bijv, dat Sappho-fragment. Heeft hij eigenlijk wel een technicus nodig? Ik zie voor mijn geestesoog een classicus, een graecus, goed thuis in het Grieks en het schrift in de 6e eeuw vC, met een stuk papyrus en pen en inkt..zit verlegen om een fijne publicatie op zijn naam en kirijgt een idee…

          1. Er is in Israël een vervalsingsatelier bezig dat goed is in techniek maar slecht is in taal. Dat wil zeggen dat een goede vervalser samenwerkt met een goede taalspecialist. Anders gezegd, alleen een team vervalsers heeft een kans een team wetenschappers een rad voor ogen te dragen. Ik vermoed dat de meeste vervalsers zich richten op toeristen.

          2. Theo Joppe

            Dat is misschien een beetje te kort door de bocht, denk ik. In het geval van Sappho weten we het voorlopig gewoon niet, geloof ik? Maar je moet wel een héél goede (en enigszins waanzinnige) Graecus zijn om Sappho goed na te kunnen bootsen — er is sowieso niet veel authentiek materiaal over van haar waar je je op zou kunnen baseren. En hoewel ik het niet op de voet heb gevolgd, dacht ik niet dat er vooralsnog twijfels waren over de *inhoud* van wat gepubliceerd is, meer over de provenance.
            Ik kan u verzekeren dat er een wereld van verschil is tussen het concipiëren van zo’n tekst en de technische realisatie — dat zijn twee totaal verschillende vakken, en in de wetenschappelijke uitgeverij is dat nu ook nog zo: daar verdien ik mijn broodje mee. Ik ben dan wel Graecus, en redelijk thuis in lyrisch Grieks, maar als het zó eenvoudig zou zijn had ik al lang een tweede huis in Toscane gekocht…

            1. Ik voor mij denk ook dat de Sapfo-papyri echt zijn, maar niet om de voorgegeven redenen, dat ze uit een Amerikaanse collectie komen waar niemand ernaar omkeek. Het oorspronkelijke verhaal, dat Obbinnk een derde-eeuwse cartonnage heeft gesloopt, klinkt plausibeler. Het betekent echter dat classici er geen been in hebben gezien egyptologische data te vernietigen. Als het oorspronkelijke verhaal niet waar is, resteert uitsluitend dat de Sapfo-fragmenten in knap Grieks zijn geschreven. Dat is niet geheel zonder betekenis maar ook niet heel geruststellend.

              1. Theo Joppe

                Ik kan het absoluut niet beoordelen, Jona. Maar in het algemeen: nogal wat klassieke teksten kennen we alleen uit gesloopte cartonnages. Die hadden we anders niet gekend. Het is een dilemma, natuurlijk: wat heeft prioriteit? De langste Etruskische tekst (uit Turijn, geloof ik) kennen we uitsluitend door het hergebruikte linnen voor een mummie; de arme mummie is dus ook gesloopt voor het hogere doel.
                Dit blijft lastig, maar zo op het oog lijkt Obbink’s oorspronkelijke verklaring inderdaad plausibel. Deze tekst is zó belangrijk dat er gewoon duidelijkheid over moet komen!

              2. Ik denk ook dat Obbinks oorspronkelijke verklaring – tenzij ook dat een cover-up is omdat hij de gedichten zelf heeft geschreven – de meest plausibele is. Plausibeler in elk geval dan dat rare verhaal over niet-onderzochte papyri in Amerikaanse bibliotheekverzamelingen waar decennia lang niemand naar heeft gekeken.

                MAAR: wie een papyrus wil uitgeven, hoeft niets te slopen. Er liggen duizenden en duizenden papyri onuitgegeven in de museumdepots. Dus laat die cartonnages maar wat ze zijn, er is genoeg te doen zonder egyptologische data te vernietigen. En wetenschappelijk bezien is er geen verschil tussen een gedicht van Sapfo en de jaarrekening van een villa.

                Overigens is het mogelijk een kartonnage zó te demonteren dat in elk geval het masker-deel (de bovenste laag) intact blijft. Zelfs dat heeft Obbink verkeerd gedaan.

  2. A.Minis

    Ja, het zou een buitengewoon knappe en een beetje waanzinnige Graecus moeten zijn. Die bestaan vast wel.
    Maar goed, mijn fantasie was waarschijnlijk een beetje te romantisch.

Reacties zijn gesloten.