De vloedgolf van 365 n.Chr.

Apollonia, met in de verte een niet vernietigd deel van de havenwerken

Ik blogde onlangs over antieke epidemieën en liet toen Thoukydides het woord doen. Vandaag een andere catastrofe: de enorme vloedgolf die op 21 juli 365 n.Chr. de noordkust van Afrika trof. Het natuurgeweld moet zonder weerga zijn geweest. De Romeinse historicus Ammianus Marcellinus beschrijft de gebeurtenissen in zijn geschiedenis van het Romeinse Rijk.

Hij noemt daarbij Alexandrië. Het aloude koninklijke paleis van de Ptolemaïsche vorsten, dat uitkeek over zee en al bijna vier eeuwen de residentie was van de Romeinse gouverneurs, verdween in de golven. U ziet elk jaar wel ergens foto’s van duikers die in de haven van Alexandrië antieke beelden aan het lichten zijn. Ik zal weigeren het “onderwaterarcheologie” te noemen totdat ik beelden heb gezien van kikvorsmannen die ook meetapparatuur en jalons bij zich hebben, maar die foto’s zijn dus van dat paleis in Alexandrië.

De vloedgolf trof mogelijk ook het graf van Alexander de Grote. We vernemen er althans na 365 niet meer van en er is een theorie dat de mummie van de stadsstichter is overgebracht naar een nabijgelegen kerk, gewijd aan de evangelist Marcus. De Venetianen, die het lichaam in 828 uit deze kerk meenamen, vereren in hun San Marco dus mogelijk het lijk van de zoon van Zeus. Ik weet dat dit klinkt als Indiana Jones, maar het artikel in het American Journal of Ancient History waarin Andrew Chugg het opperde, is niet het product van een fantast. De auteur vertelde me ooit dat hij de kans dat het klopt schat op ongeveer 20%, wat ik een weldadige zelfrelativering vond.

Terug naar die vloedgolf. Ook elders zijn sporen van vernietiging te zien. In Libië valt te wijzen op Sabratha en Lepcis Magna, waar stukken van de kust zijn weggeslagen, en vooral op Apollonia, waar de voormalige haven nog herkenbaar is. Ook Tyrus en Sidon in Libanon lijken aanzienlijke schade te hebben ondervonden, waardoor deze antieke steden deels zijn verzwolgen. Het stedelijk leven ging overigens verder, wat bewijst dat er nog heel wat veerkracht was in het laat-Romeinse Rijk.

Elke vloedgolf begint met een zeebeving. In 2008 identificeerden onderzoekers een breuklijn ten westen van Kreta die in het derde kwart van de vierde eeuw zou zijn verschoven. Dit zou de oorzaak van de natuurramp kunnen zijn geweest, al ben ik ook over deze theorie wat sceptisch. Laten we zeggen: ik geeft het 20% kans dat het klopt. En daarmee geef ik het woord aan Ammianus Marcellinus, in de vertaling van Daan den Hengst die ik al eens heb besproken.

Op 21 juli van het jaar waarin Valentinianus met zijn broer voor de eerste maal consul was plotseling huiveringwekkende verschrikkingen over de gehele wereld gekomen, zoals noch de mythologische verhalen, noch de waarheidsgetrouwe oude geschiedenissen ons berichten. Kort na zonsopgang werd de onwrikbare gewichtsmassa van de gehele aarde door een beving geschokt. Hieraan gingen kort na elkaar fel geslingerde bliksemschichten vooraf. De zee werd door de terugstromende golven verdreven en week terug, zodat de gapende diepten werden blootgelegd en allerlei zeedieren zichtbaar werden, die vastzaten in de modder. Reusachtige dalen en bergen, die oorspronkelijk bij de schepping van de wereld onder de onmetelijke wateren waren verborgen, zagen toen, zoals men moest aannemen, de stralen van de zon.

Terwijl veel schepen als op het droge vastzaten en tal van mensen vrijelijk rondliepen door de geringe resten van het zeewater, om met de hand vissen en soortgelijke dieren te verzamelen, rezen bruisende watermassa’s, als het ware verontwaardigd omdat ze waren teruggedreven, in tegengestelde richting op en stortten zich met geweld over de wriemelende ondiepten op eilanden en uitgestrekte delen van het vasteland, waarbij ze talloze gebouwen in steden of waar ze zich ook bevonden met de grond gelijkmaakten, zodat in de razende strijd van de elementen de aanblik van de aarde verduisterd werd en allerlei wonderverschijnselen toonde. Immers, toen de enorme watermassa weer terugstroomde, op een ogenblik dat niemand dat verwachtte, doodde en verzwolg hij vele duizenden mensen. Toen de zwelling van het vochtige element ineengezakt was, is een aantal schepen gezien die aan de grond gezet waren door de opgezweepte massa’s van de terugstromende golven, en door schipbreuk ontzielde lichamen lagen daar, achterover of voorover.

Andere reusachtige schepen die door de razende golven op het land gezet waren rustten op de daken van de huizen, zoals in Alexandrië gebeurd is, en sommige zijn zelfs ver van het strand tot aan de tweede mijlsteen geslingerd, zoals een Spartaans schip dat wij zelf bij de stad Mothone in het voorbijgaan gezien hebben, en dat door langdurige rotting uiteenviel. (Ammianus Marcellinus, Romeinse Geschiedenis 26.10.)

18 gedachtes over “De vloedgolf van 365 n.Chr.

  1. Rudmer Koopal

    Waarom ben je wat sceptisch over in 2008 verschenen onderzoek over breuklijn bij Kreta?

    1. Ik ben inmiddels wat sceptisch over wat ik gemakshalve alle “bèta-claims” zal noemen. Te vaak is er iemand die iets heeft ontdekt dat hij (zelden een zij) zelf blijkbaar niet interessant genoeg vindt en dus maar wat gaat hypen. Dan is de Oudheid altijd nuttig, want iedereen vindt dat leuk. Bijkomend voordeel is dat oudheidkundigen toch nooit iets terug zeggen.

    2. FrankB

      Recentelijk heeft JonaL geschreven over koolstofdatering. Daarbij kwamen nauwkeurigheidsmarges aan de orde. Die spelen bij alle natuurwetenschappelijke onderzoeken een belangrijke rol.
      Bij beweringen als “een verschuivende breuklijn ten Westen van Kreta veroorzaakte de vloedgolf van 365 CE” wordt dit nogal eens vergeten. De vraag hoe waarschijnlijk het is dat die breuklijn nou net in dat jaar verschoof en niet een paar jaar eerder of later komt niet aan de orde. En dat is simpelweg slechte wetenschap. Vandaar dat Andrew Chugg een compliment verdient.
      Het is enigszins te vergelijken met voetbal. Als Ajax bij Heerenveen speelt zal het meestal winnen. Dit als zekerheid aannemen is echter behoorlijk riskant.

  2. Rudmer Koopal

    Ik kom verschillende rapporten tegen (Google maar eens eartquake 365). Als deze allemaal op basis zijn van hetzelfde onderzoek of rapport, dan heb je een punt.
    Wat ik zo zie, is dit niet het geval. En bekend is dat een aardbeving een kleine vloedgolf kan veroorzaken.
    Ik zelf zie dan nog niet het verband tussen een vloedgolf en een permanente hoogwaterstand ( paleis in Alexandrië onder water), maar dat staat even los van bovenstaande.

    1. Otto Cox

      Een permanente hoogwaterstand in het middellandsezeegebied in die periode is niet heel waarschijnlijk. Waarschijnlijker is dat de vloedgolf een stuk kust heeft weggeslagen of instabiel heeft gemaakt.

    2. Rob Duijf

      Uit de beschrijving van Ammianus Marcellinus maak ik op dat er hier sprake is geweest van een zware zeebeving die een tsunami veroorzaakte, zoals die zich voordeed op 11 maart 2011 voor de noordoostkust van het Japanse eiland Honshu, nabij Shendai. Op zondag 26 december 2004 deed zich een zeer zware zeebeving voor in de Indische Oceaan. Kenmerken: het water trekt zich eerst terug, waarna het zich als een tsunami met verwoestende kracht over het land uitstort terwijl het alles met zich meevoert.

      Je moet ook bedenken dat de Afrikaanse tectonische plaat op de Euraziatische plaat botst. De Afrikaanse plaat beweegt naar het noorden, en duikt onder de Euraziatische plaat (subductie). Die subductiezone loopt onder de Middellandse zee en bij Kreta (Egeïsche zee) is dat het duidelijkst waar te nemen.

      Waar enerzijds door de enorme geofysische krachten gebergtevorming plaatsvindt (orogenese), kan op andere plaatsen de bodem dalen. Dat is aan de gehele Noordoost-Afrikaanse kust gebeurd, zoals bij Alexandrië.

      1. Rudmer Koopal

        Lijkt mij duidelijk.
        Vraag is of het 365 was?
        Volgens mij moet je het ook omdraaien. We denken nu vanuit de klassieke tekst.
        Er is een zeebeving en vloedgolf geweest rond 365 (kan een aantal jaren eerder zijn of later.
        Daarnaast hebben we een klassieke tekst met verwijzing en datum.
        Als dit niet met elkaar overeen komt, dan moet er iets anders gebeurd zijn in 365. Wat er dan wel gebeurd is hebben we kennelijk dan in de geologie/ geografie gemist. Dat moet dan wel heel toevallig zijn
        In plaats van 20% waarschijnlijkheid lijkt mij het ook meer een 80% waarschijnlijkheid dat deze gebeurtenissen matchen.
        Scepsis mbt bèta-wetenschappelijke claims is goed, maar we moeten het niet meteen afdoen als een lage waarschijnlijkheidspercentage als er wel iets voorhanden is en en we geen alternatieve verklaring hebben.

    3. Robert

      Dat vroeg ik me ook al af – een vloedgolf kan flinke schade aanrichten maar je verklaart volgens mij alleen dat die paleizen en havens ‘voor eeuwig in de golven verdwenen’ door een dalende bodem.

      Overigens als een zeebeving de oorzaak was van een vloedgolf die zulke schade aanrichtte in Egypte, Libanon maar ook in Libië, dat is wel verwonderlijk. Ik zou dan denken dat, zeker vanwege de aard van het Middellandse-Zeebekken, er ook grote schade had moeten optreden langs zo’n beetje alle andere kustgebieden?

      1. Rudmer Koopal

        Zeebevingen en vloedgolven kunnen volgens mij heel lokaal zijn zonder dat het te ernstige gevolgen heeft voor de rest van de Middellandse-Zee. Beetje afhankelijk hoe zwaar de zeebeving is.

  3. Waarom niet gevraagd aan een geoloog? Er loopt vast iemand rond die hier een antwoord op heeft. In Utrecht werken uitstekende geologen.
    Jona, ik ben erg blij met de blogs over misverstanden!

  4. Gerdien

    In het artikel in het American Journal of Ancient History van Andrew Chugg hestaat wel het jaartal 365 voor de verwoesting van het mausoleum van Alexander,maar niet het verhaal over de Venetianen en de Marcus reliek. Chugg beweert wel dat Alexander in de San
    Marco kan liggen. Hij heeft een boeken en website daarover.

      1. Ik ben historicus (mediaevist) en meen hypotheses van bewijzen te kunnen onderscheiden. Hij geeft een beredeneerde reactie op Chugg die op mij redelijk bewijskrachtig overkomt. Hij is heel voorzichtig in zijn conclusie over de vraag wáár in Alexandrië Alexander begraven zou zijn. In zijn eigen woorden: “I believe to have given good reasons for the location….”.Hij vraagt om onderzoek en laat verder alles open. Hij gebruikte heel recente onderzoeksliteratuur. Kortom, hij komt op mij over als een verantwoordelijk wetenschapper.

Reacties zijn gesloten.