De Maronitische Wereldkroniek (4) Ariadne

Keizer Leo I (Louvre, Parijs)

[Dit is het vierde van tien blogjes met de vertaling van de Maronitische Wereldkroniek. Dit keer de tijd van 457 tot en met 527 na Chr., toen de keizers Leo I, Zeno I, Anastasius I en Justinus I regeerden over de Romeinse wereld. Een inleiding, literatuur en een waarschuwing de vertaling niet al te letterlijk te nemen, vindt u hier.]

769 SE. ≡ okt.457/sept.458

Tijdens het bewind van Leo vond in het jaar 769 op zondagochtend 14 maart een aardbeving plaats, en viel …

Commentaar

Deze aardbeving wordt ook vermeld in andere bronnen. De Antiocheense auteur Euagrios Scholastikos dateert de ramp op de vooravond van zondag 14 september 458,noot Evagrios, Kerkgeschiedenis 2.12. een datum die ook werkelijk kan bestaan. De samensteller van de Maronitische Wereldkroniek heeft twee dateringssystemen verward, zoals in deze periode wel vaker gebeurde. In de lacune die volgt op bovenstaand zinnetje moet het jaar 770 SE hebben gestaan: Simeon de Styliet overleed op 2 september 459.

Lees verder “De Maronitische Wereldkroniek (4) Ariadne”

De Maronitische Wereldkroniek (3) Theodosius II

Theodosius II (Bodemuseum, Berlijn)

[Dit is het derde van tien blogjes met de vertaling van de Maronitische Wereldkroniek. Een inleiding, literatuur en een waarschuwing de vertaling niet al te letterlijk te nemen, vindt u hier.]

Commentaar
De chroniqueur beschouwt de regering van keizer Theodosius II (r.408-450) als een christelijke bloeitijd. Hij behandelt deze tijd als één geheel, zonder veel aandacht voor chronologie.

Tijdens het bewind van Theodosius de Jongere verkeerden de kerken van de Romeinen in een onaantastbare positie. Onder de Perzen was er echter sprake van ernstige vervolging van de christenen, en vele heiligen zijn daar gekroond met de bekende smarten van het geloof.

Lees verder “De Maronitische Wereldkroniek (3) Theodosius II”

Alexander de Grote in Alexandrië

Alexander als stichter van Alexandrië (Louvre, Parijs)

Vorige maand blogde ik over het bezoek dat Alexander de Grote bracht aan de oase van Siwa, waar hij het orakel van Ammon bezocht en ongevraagd vernam dat hij de zoon van Zeus was. Na deze gebeurtenis keerde hij naar de kust terug, naar de plek waar hij een stad wilde stichten.

Alexandrië

De stedenbouwkundige Deinokrates van Rhodos had voorbereidingen getroffen en op 7 april 331 v.Chr. voltrok Alexander het stichtingsritueel van de nieuwe stad, die wel eens wordt getypeerd als zijn meest duurzame erfenis. Voor het moment was Alexandrië echter vooral een instrument om de graanhandel met de Griekse wereld te controleren, en uit verschillende contemporaine teksten blijkt dat de administrateur van Egypte, Kleomenes, de Grieken inderdaad fikse bedragen liet betalen voor het Egyptische graan.noot Aristoteles, Oikonomikos 1352a17ff en 1352b13ff; Demosthenes, Redevoering 56.7-8.

Lees verder “Alexander de Grote in Alexandrië”

Alexander de Grote in Siwa

De weg naar Siwa

Ik liet u gisteren achter op het moment dat Alexander de Grote, die de plek had gezien waar hij Alexandrië wilde stichten, langs de Mediterrane kust naar het westen trok, richting Siwa, voor een bezoek aan het orakel van de Libische god Ammon. Hij passeerde de plek waar eeuwen later de slag El Alamein zou plaatsvinden en bereikte Paraitonion (Marsa Matrouh), waarvandaan hij met zijn mannen de woestijn introk. Biograaf Curtius Rufus beschrijft het landschap dat u ook op de foto hierboven ziet:

Al het land was onvruchtbaar en doods. Maar toen vlakten verschenen die waren bedekt met diepe lagen zand, was het alsof ze een peilloze zee bevoeren. Met hun ogen speurden ze naar het vasteland, maar nergens zagen ze ook maar een boom of een spoor van bewerkte aarde. Ook het water dat de dromedarissen in leren zakken hadden gedragen raakte op en in de droge bodem en het gloeiende zand was niets te vinden.noot Curtius Rufus, Alexander 4.7.10-12; vert. Daan Stoffelsen.

Lees verder “Alexander de Grote in Siwa”

Alexander de Grote in Egypte (2)

De Nijl

Vorige maand blogde ik over de wijze waarop Alexander de Grote in Egypte was aangekomen en hoe hij zijn best had gedaan zich als vrome Egyptische vorst te presenteren. Dat was in november of december 332 v.Chr. en we weten niet waar Alexander de winter doorbracht. Zijn Romeinse biograaf Curtius Rufus vermeldt terloops dat de Macedonische veroveraar de Nijlvallei verkende, en hoewel geen enkele andere bron dit bevestigt, kan het waar zijn. Er was in elk geval voldoende tijd.

Nijlcruise?

De Macedonische koning liet een kapel inrichten in een van de tempels van Amun in Thebe, terwijl een inscriptie uit het stroomopwaarts gelegen Edfu melding maakt van de bouwactiviteiten van de “geliefde van Amun en uitverkorene van Ra”. De twee getuigenissen bewijzen niet onomstotelijk dat Alexander zo zuidelijk kwam, maar uitgesloten is een Nijlcruise ook niet, al was het maar omdat de Macedonische koning in Thracië en Illyrië de gewoonte al had ontwikkeld persoonlijk de grenzen van zijn rijk te inspecteren.

Lees verder “Alexander de Grote in Egypte (2)”

Apollos

Een Egyptenaar (Staatliches Museum Ägyptischer Kunst, München)

Ik stipte gisteren aan dat het een raadsel is hoe het christendom in Egypte is aangekomen. Een van de allergrootste kenners van de materie, Adolf von Harnack, typeerde ons vrijwel volledige gebrek aan informatie als de ergste lacune in onze kennis van het vroege christendom. De kwestie is belangrijk omdat Egypte in de tweede eeuw een ware fabriek van nieuwe ideeën was. Grappig genoeg weten we wél dat er al heel vroeg volgelingen van Jezus leefden in Alexandrië: we kennen er een bij naam, hij heette Apollos en dat is een naam die vooral in Egypte is gedocumenteerd.

Apollos van Alexandrië

De auteur van de Handelingen van de apostelen vertelt:

Intussen arriveerde er in Efese een uit Alexandrië afkomstige Jood, die Apollos heette. Hij was een ontwikkeld man, die goed onderlegd was in de Schriften. Hij had [in zijn vaderland] onderricht gekregen in de Weg van de Heer en verkondigde geestdriftig de leer over Jezus, die hij zorgvuldig uiteenzette, ook al was hij alleen bekend met de doop zoals Johannes die had verricht. In de synagoge begon hij nu vrijmoedig het woord te voeren.noot Handelingen 18.24-26a; NBV21.

Lees verder “Apollos”

De omtrek van de aarde: Poseidonios

Atlas, met boven zijn hoofd het sterrenbeeld Argo (Archeologisch museum Napels)

In de twee vorige blogjes heb ik verteld hoe Dionysodoros met een onbekende methode de aardomtrek stelde op 264.000 stadiën, vermoedelijk 50.688 kilometer, en hoe Eratosthenes berekende dat het moest gaan om 252.000 stadiën, vermoedelijk 46.620 kilometer. Een derde berekening was die van Poseidonios van Apameia (135-51 v.Chr.). Ook zijn methode kennen we via het werk van Kleomedes.

We zullen meteen erkennen: Poseidonios maakte dezelfde fout als Eratosthenes door aan te nemen dat de twee plekken waarvan hij de waarnemingen gebruikte, Alexandrië en Rhodos, lagen op dezelfde meridiaan. Het eiland bevindt zich echter op een meridiaan die drie graden westelijker ligt. Opnieuw zou de afstand tussen de twee meetpunten 5000 stadiën zijn, en opnieuw is dat incorrect, hoe kort of lang Poseidonios’ stadion ook is. Kleomedes vertelt:

Lees verder “De omtrek van de aarde: Poseidonios”

De omtrek van de aarde: Eratosthenes

De omtrek van de aarde volgens Eratosthenes

In mijn vorige blogje vertelde ik dat Dionysodoros van Melos de straal van de aarde schatte op 42.000 stadiën, wat betekent dat de omtrek 264.000 stadiën was. Als hij als lengtemaat een Olympische stadion heeft gebruikt, zou dat neerkomen op 50.688 kilometer. De anonieme bron van de Romeinse encyclopedist Plinius de Oudere, corrigeerde het tot 252.000 stadiën, wat deze anonymus baseerde op de wetenschappelijke berekening door Eratosthenes van Kyrene (273-194 v.Chr.). Hij is een van de grootste geleerden uit de Oudheid en werkte in Alexandrië. Ik geef het woord opnieuw aan Plinius:

Door Eratosthenes, een man die in de finesses van alle wetenschappen en in elk geval op dit gebied boven alle anderen uitsteekt in scherpzinnigheid, en met wiens visie, naar ik zie, de geleerden ook algemeen instemmen, is de omtrek van de gehele aardbol gesteld op 252.000 stadiën. … Een brutaal waagstuk, maar steunend op een zo ingenieuze argumentatie dat ik me zou schamen er geen geloof aan te hechten.noot Plinius de Oudere, Natuurlijke historie 2.247; vert. Van Gelder e.a..

Lees verder “De omtrek van de aarde: Eratosthenes”

Cornelis de Bruijn (4) Egypte

Cornelis de Bruijn, Alexandrië

Dit is het vierde van dertien stukjes over Cornelis de Bruijn. Het eerste was hier.

***

Egypte

Kunstenaars maakten een grand tour naar Italië: dat was niet bijzonder. Kooplieden voeren weleens naar les échelles du Levant: Smyrna, Constantinopel of de havens van wat nu Libanon heet. En er waren pelgrims in het Heilige Land. Maar slechts weinig mensen uit de Lage Landen kenden Egypte.

Hoewel Cornelis de Bruijn niet de eerste Hollander was die Ottomaans Egypte bezocht, besefte hij hoe bijzonder zijn verblijf was. Vanaf dit punt wordt Reizen door de vermaardste Deelen van Klein Azië gedetailleerder en biedt De Bruijn informatie die nieuw en nuttig was voor de geleerden van zijn tijd (en onze eigen tijd). En de geleerden hadden het geluk dat De Bruijn een professioneel tekenaar was: hoewel de gravures uit zijn boek niet de allermooiste zijn, bevatten ze veel informatie en waren ze beter dan alles wat eind zeventiende eeuw in Europa bekend was.

Lees verder “Cornelis de Bruijn (4) Egypte”

Het graf van Alexander de Grote

Alexandrië, waar het graf van Alexander de Grote was (Jerash)

Zo nu en dan krijg je een uitnodiging om iets leuks te komen doen en zo nu en dan blijkt dat nóg leuker dan je verwachtte. Vorige maand kreeg ik een telefoontje van de mensen van BNR, of ik zin had een podcast te maken over de speurtocht naar het graf van Alexander de Grote. U voelt al aankomen dat die podcast inmiddels klaar is en inderdaad ga ik u straks een linkje geven. Maar eerst iets anders.

Een onwetenschappelijke vraag

Welbeschouwd is de speurtocht naar het graf van Alexander namelijk een raar onderwerp. Ik heb weleens geschreven hoe absurd het is dat de Spanjaarden op zoek gingen naar de stoffelijke resten van Cervantes. Welke vraag wilden ze beantwoorden? Of hij echt één arm had? Dat is geen grafschennis waard. En de Quichot wordt er niet grappiger door. Laat staan origineler. Er staat wetenschappelijk niets op het spel en voor zover er toeristisch belang is, moet dat wijken voor het recht op grafrust. Nog absurder was het voorstel van het Nederlandse Tweede-Kamerlid Ronald van Raak, die meende dat we het graf van Johan van Oldenbarnevelt maar moesten openen. De politiek gaat niet over archeologie. Daarvoor zijn erfgoedinstellingen.

Lees verder “Het graf van Alexander de Grote”