
Wanneer ik u zeg dat het was in de tweede novembermaand van het jaar waarin Julius Caesar en Lepidus consuls waren, en als ik dat omreken naar oktober 46 v.Chr. op onze kalender, dan vermoedt u dat u een blogje in de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” gaat lezen. En u hebt gelijk.
Caesar stond voor een lastige beslissing. Doordat allerlei tegenstanders uit Afrika hadden weten te ontkomen en zich in Andalusië hadden verzameld, dreigde er gevaar vanuit het westen. Caesar, die als quaestor, als gouverneur en nog maar twee-en-een-half jaar eerder als generaal in Andalusië was geweest, wist hoe welvarend het gebied was. Het kon vele legioenen voeden en financieren. En de Iberiërs wisten hoe ze oorlog moesten voeren.
Ook in het oosten dreigde echter gevaar. Daar had Quintus Caecilius Bassus Caesars gouverneur Sextus Julius Caesar laten doden, de macht gegrepen en zichzelf benoemd tot gouveneur. Bovendien was Caesars bondgenoot Mithridates van Pergamon, die hem in Alexandrië te hulp was gekomen, onlangs vermoord. Ook in het noorden, in Belgica, was het onrustig, maar daar had Decimus Junius Brutus de opstand van de Bellovaci al onderdrukt. Spanje en Syrië waren de resterende brandhaarden en Caesar besloot zelf naar Spanje te gaan. De Syrische Oorlog delegeerde hij aan Quintus Cornificius, de gouverneur van Cilicië (het zuiden van Turkije).
Cicero’s brieven
Onze informatie over het oostelijke conflict is te vinden in enkele brieven van Cicero, gericht aan deze Cornificius. Zowel de auteur als de ontvanger van de correspondentie hadden literaire ambities en de brieven gaan vooral daar over, maar tussen neus en lippen door wisselen ze ook politieke informatie uit. In de eerste brief vertelt Cicero dat er in Rome rapporten zijn binnengekomen over serieuze ongeregeldheden in het oosten.noot Hij is ongerust. Cicero voegt in een adem aan toe dat in de stad zelf alle politieke leven tot stilstand is gekomen en dat hij hoopt op wat meer activiteit, mits eervol. “Ik zie dat het Caesars aandacht heeft.”
Cornificius lijkt te hebben geantwoord dat hij voorzichtig zou zijn en eerst wilde ontdekken wat de zelfbenoemde gouverneur Caecilius Bassus van plan was. In zijn tweede brief schrijft Cicero dat, terwijl in het oosten oorlog was uitgebroken, in Rome een soort vrede heerst, maar een vrede die niemand echt goed bevalt, ook Caesar niet. Uit Cicero’s derde brief weten we dat Caesar Cornificius opdracht heeft gegeven de orde in Syrië te herstellen.noot Cicero zegt ook zich zorgen te maken over de mogelijkheid van een Parthische interventie.
Impasse
Cornificius schreef weliswaar aan Cicero dat hij eerst wilde ontdekken wat Caecilius Bassus van zins was, maar dat is waarschijnlijk niet de hele waarheid. Een Romeinse provinciegouverneur had imperium, een ruimtelijk niet afgebakend officieel gezag, en kon op eigen initiatief ingrijpen als dat nodig was. Cornificius mocht dus handelen en deed dat niet. Hij wachtte waarschijnlijk op nadere instructies, bang om iets te doen dat Caesar niet zou behagen. Wat betekende het immers als je, als gouverneur, een oorlog won die je opdrachtgever zelf had willen winnen? Cicero’s opmerking over de ongemakkelijke rust in Rome bevestigt dat hij de onzekerheid herkende.
Gelukkig kreeg Cornificius de beschikking over extra legioenen: deels gestuurd door Caesar, lijkt het, en deels afkomstig uit Syrië, waar niet iedereen Caecilius Bassus steunde. Het wonderlijke is dat, toen de oorlog eenmaal uitbrak, niet Quintus Cornificius aan het hoofd stond van Caesars leger, maar Gaius Antistius Vetus. Het lijkt erop dat de gouverneur van Cilicië ondanks de officiële opdracht besloot zich op de vlakte te houden. Het illustreert de angst die Caesars regime inboezemde.
[Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]
Zelfde tijdvak
Beschaving en barbarij (1)september 13, 2015
De Dode-Zee-rollen: een perfect boekjuli 31, 2013
Hercules van Magusa?juli 17, 2025

EEn opmerking over de foto: het lijkt of de citadel ook heden ten dage nog door het Syrische leger gebruikt wordt: radio- en andere antennes?
Volgens mij was dat wel het geval toen ik daar was.